LCVT-congres 3 maart 2010, Zwolle
TRAUMATISERING IN DE KINDERTIJD:
chronisch trauma en de therapeutische relatie
Op woensdag 3 maart 2010 vindt in De Nieuwe Buitensociëteit te Zwolle een groot landelijk congres plaats onder de titel ‘Traumatisering in de kindertijd: chronisch trauma en de therapeutische relatie’. Het congres richt zich op iedereen die professioneel met cliënten te maken heeft die in hun jeugd getraumatiseerd zijn geraakt. Het is het eerste congres dat het in 2007 opgerichte Landelijk Centrum voor Vroegkinderlijke chronische Traumatisering (LCVT) organiseert.
Veel traumatische ervaringen die kinderen ondergaan worden hen aangedaan door mensen van wie zij afhankelijk zijn en die hen eigenlijk zouden moeten beschermen. Als gevolg hiervan ontwikkelen deze kinderen niet alleen posttraumatische stress-symptomen, maar eveneens relationele en hechtingsproblemen, waar ze tot op volwassen leeftijd last van houden.
In de praktijk komt het er op neer dat de relaties die door hen worden aangegaan vaak zeer intens, maar tegelijkertijd heel instabiel zijn. Ook de relatie met de therapeut is doorgaans ingewikkeld door een variatie van complexe overdrachtsmanifestaties.
Het is van groot belang dat behandelaars deze relatie kunnen hanteren, zonder de mogelijkheden te onderschatten die deze cliënten hebben om een therapeutische relatie op te bouwen. Dit is de reden voor het LCVT om op haar eerste congres te focussen op de afstand en nabijheid in de therapeutische relatie bij kinderen en volwassenen met complexe traumagerelateerde psychopathologie. In lezingen worden de laatste inzichten en onderzoeksresultaten op dit gebied
gepresenteerd. Daarnaast bieden onderzoeksposters en een groot aantal workshops gelegenheid tot nadere reflectie op de eigen praktijk. Het congres is uiteraard ook een ideale gelegenheid om collega-professionals te ontmoeten die werkzaam zijn in het traumaveld. Het LCVT verwelkomt u graag!
Plenair
Over psychobiologische elementen van vroege gehechtheid als basis voor latere psychopathologie
Drs. Marcel Schmeets
Vroege chronische relationele microtraumatisering kan op latere leeftijd leiden tot vormen van psychopathologie. Vooral persoonlijkheidspathologie kan hiervan mede het gevolg zijn. Aan de hand van casuïstiek, en daarbinnen de relatie tussen patiënt en therapeut, zullen de vroege psychobiologische ontwikkelingselementen van deze vorm van type-II trauma worden belicht.
Alle hoeken van de kamer: over overdracht en tegenoverdracht bij de behandeling van vroege traumatisering
Dr. Nel Draijer
Volwassenen die als kind alle hoeken van de kamer hebben gezien, laten hun behandelaars opnieuw al deze hoeken ervaren. Deze voordracht gaat over de worsteling met afstand en nabijheid, over vertrouwen en het onvermogen daartoe binnen de behandelrelatie bij chronische en vroege traumatisering. Ook wordt een overzicht gegeven van de literatuur over overdracht en tegenoverdracht.
Workshops
1. De behandeling van ‘onmogelijke’ cliënten met een dissociatieve identiteitsstoornis
Dr. Suzette Boon
Veel therapeuten die cliënten met complexe dissociatieve problematiek behandelen lopen vast in de therapeutische relatie. Deze ‘onmogelijke’ cliënten hebben ernstige problemen met gehechtheid en zien de therapeutische relatie als een bedreiging. In deze workshop worden aan de hand van casuïstiek verschillende therapeutische impasses besproken en wordt gekeken naar strategieën voor behandelaar en cliënt.
2. Hantering van de (groeps-)psychotherapeutische relatie met getraumatiseerde adolescenten
Drs. Daniël G.L. van Dijk en Enrico Berretta
In de psychotherapeutische relatie met adolescenten die als kind traumatische gebeurtenissen hebben meegemaakt, zien we dat de therapeutische relatie in belangrijke mate bepaald wordt door angst, kwaadheid, verdriet, onverschilligheid of een combinatie hiervan. In dat verband wordt er in deze workshop gekeken naar copingstijlen, afweermechanismen en overdrachtsfenomenen. De hantering hiervan, vooral binnen een groepstherapeutische context, staat centraal.
3. Het herkennen en bewerken van alliantiemoeilijkheden in de behandeling van vroegkinderlijk getraumatiseerden
Dr. Anton Hafkenscheid
Volwassen cliënten die als kind ernstig getraumatiseerd zijn, hebben vaak psychologisch overleefd door aangeleerde disfunctionele interactiepatronen. Deze kunnen een ware beproeving voor de therapeut betekenen. In deze workshop wordt een model gepresenteerd voor het herkennen en bewerken van alliantiemoeilijkheden. Via rollenspelen worden de mogelijkheden voor het identificeren en het repareren van alliantiemoeilijkheden onderzocht.
4. Onveilige gehechtheid, dissociatie en de therapeutische relatie
Prof. dr. Onno van der Hart
Mensen die chronisch getraumatiseerd zijn in hun kindertijd hebben, via onderscheiden dissociatieve delen van hun persoonlijkheid, tegenstrijdige perspectieven op gehechtheidsrelaties ontwikkeld. In deze workshop wordt betoogd dat het nastreven van een veilige therapeutische relatie gepaard dient te gaan met het bevorderen van onderlinge acceptatie en empathie tussen de dissociatieve delen. Er is ruimte voor eigen inbreng.
5. Differentiatie- en fasetherapie: het werken aan verstoorde gehechtheidsrelaties
Drs. Joosje van Heijningen
Het uitgangspunt van differentiatie-therapie is de aanname dat bij hechtingsproblematiek de differentiatie (dit zijn mijn ouders en andere mensen zijn dat niet) niet op gang is gekomen. Door het differentiëren in een therapeutisch proces te ontwikkelen gaat het kind zich mogelijk wel verbinden met mensen. Behalve de differentiatiefase wordt ook de fasetherapie, die daarop volgt, in deze workshop besproken.
6. Het optimaliseren van de werkrelatie bij vroegkinderlijk getraumatiseerden: vijftig interventies
Drs. Chris Koopmans
Een goede werkrelatie met cliënten die op jeugdige leeftijd getraumatiseerd zijn, is niet een voorwaarde maar eerder een uitkomst van de behandeling. In deze workshop worden vijftig suggesties gegeven voor het optimaliseren van de werkrelatie op individueel-, groeps-, systeem- en afdelingsniveau. Ook worden checklisten voor werkrelatiediagnostiek en dropoutpreventie gepresenteerd.
7. De consequenties van blootstelling van het kind aan de traumatische herinnering voor de therapeutische relatie
Prof. dr. Francien Lamers-Winkelman
Traumatherapie met kinderen vraagt om een directe, actieve therapeutische aanpak. De therapeut moet in staat zijn te vragen naar de moeilijkste aspecten van de traumatische ervaring zonder dat het kind overspoeld wordt. Ingegaan wordt op de consequenties van deze therapeutische aanpak voor de relatie van de therapeut met het kind en met diens ouders/verzorgers.
8. Therapeutische relatie niet nodig bij exposure-therapie
Prof. dr. Agnes van Minnen
Vaak wordt gedacht dat exposure-therapie te zwaar zou zijn voor getraumatiseerde cliënten. Ook wordt gedacht dat er eerst een goede therapeutische relatie moet zijn voordat je met een dergelijke behandeling kunt beginnen. In deze workshop worden deze punten betwist, en wordt een alternatief behandelmodel gepresenteerd, waarin vrijwel onmiddellijk met intensieve exposure-behandeling begonnen wordt, zonder een therapeutische relatie na te streven.
9. Omgaan met traumatische reënsceneringen in de behandeling van vroegkinderlijke traumatisering
Dr. Nelleke Nicolai
In de behandeling van personen met een vroegkinderlijke traumatische voorgeschiedenis komt het trauma onder meer terug in de relatie met de behandelaar. Dit wordt de overdracht-tegenoverdrachtsreënscenering genoemd. In de workshop wordt aandacht besteed aan veelvoorkomende scenario´s die vaak onbewust op een sensorisch of somatisch niveau beleefd worden: hoe kun je die herkennen, hoe geef je aandacht aan deze lichamelijke manifestaties en hoe kun je die informatie benutten?
10. Over trauma, vroege signalering en behandeling bij baby’s en peuters
Drs. Marcel Schmeets en drs. Marja Rexwinkel
'Infant mental health' is de behandelvisie voor zeer jonge kinderen die, naast het verbeteren van de kwaliteit van het ouderschap en het behandelen van kindfactoren, zich richt op het optimaliseren van de relatie tussen ouder en baby. In deze workshop wordt vanuit deze visie aan de hand van casuïstiek ingegaan op de neurobiologische- en psychotherapeutische aspecten van vroege traumatisering bij kinderen van 0 - 3 jaar. Speciale aandacht is er voor de wijze waarop de traumatisering tot uiting komt in de relatie patiënt-therapeut.
11. Luisteren naar jezelf als therapeutisch instrument in het contact met vroegkinderlijk getraumatiseerden
Dr. Annemarie J.M. Smith
Deze workshop beoogt deelnemers zicht te laten krijgen op hun reacties als hulpverlener in het contact met vroegkinderlijk getraumatiseerden door het invullen van een korte vragenlijst na het zien van een videofragment van een (nagespeelde) patiënt. De eigen scores kunnen worden vergeleken met die van een referentiegroep. Vervolgens wordt aan de hand van onderzoeksresultaten stilgestaan bij de vraag hoe specifiek deze reacties zijn en wordt ingegaan op de consequenties van de uitkomsten voor de dagelijkse (trauma)praktijk.
12. De behandelaar in de relatie met jonge getraumatiseerde kinderen
Drs. Arianne Struik en drs. Marianne Went
Als behandelaar van jonge getraumatiseerde kinderen kun je kinderen tegenkomen die zich aan je vastklampen of agressief zijn en je afwijzen. In de workshop komt onder meer aan de orde hoe je dit gedrag herkent, hoe je ermee omgaat en hoe juist niet. Ook wordt ingegaan op vragen als: hoe werk je samen met de ouder/verzorger en welke rol geef je hen? En tenslotte: wat vergt het behandelen van jonge getraumatiseerde kinderen van de behandelaar zelf?
13. De therapeutische relatie binnen ‘de schemagerichte therapie’
Drs. Desiree Tijdink
Schema’s zijn disfunctionele denk- en gedragspatronen van de cliënt over zichzelf en de relatie met anderen, die zeer hardnekkig zijn. Schemagerichte therapie is gericht op verandering van deze schema’s, waarbij de therapeutische relatie van wezenlijk belang is. Kenmerkend hierbij zijn de empathische confrontatie en het gebruik van beperkte ‘reparenting’. In de workshop wordt hierop nader ingegaan.
14. De betekenis en invloed van het lichamelijke contact op de relatie van de therapeut met het getraumatiseerde kind
Drs. Margreet Visser en drs. Daniëlle Steggink
Voor getraumatiseerde kinderen is het van groot belang een gevoel van zekerheid te herwinnen op het eigen lichaam. Hiervoor is het belangrijk dat kinderen zich (weer) bewust worden van hun lichaam. In deze workshop staat centraal de manier waarop het lichamelijk contact tussen therapeut en kind vorm kan krijgen, bijvoorbeeld door aanraken of aangeraakt worden, evenals de invloed en betekenis ervan op het kind en de onderlinge relatie.
Personalia
Enrico Berretta is verbonden aan de stichting Zonnehuizen waar hij werkt met verstandelijk gehandicapte kinderen met hechtingsproblematiek. Ook werkt hij bij RIWIS Apeldoorn.
Dr. Suzette Boon is klinisch psycholoog/psychotherapeut en is werkzaam als consulent en psychotherapeute bij het Top Referent Trauma Centrum ( TRTC) van Altrecht te Zeist.
Drs. Daniël G.L. van Dijk is psychiater, groepspsychotherapeut en supervisor NVGP. Hij is werkzaam bij het Centrum voor Adolescentenpsychiatrie in Den Bosch, onderdeel van de Reinier van Arkel groep. Daarnaast is hij programmaleider persoonlijkheidsstoornissen.
Dr. Nel Draijer is klinisch psycholoog, psychotherapeut en psychoanalyticus. Zij is universitair hoofddocent bij de vakgroep Psychiatrie van de VU Amsterdam en is verbonden aan het Nederlands Psychoanalytisch Instituut.
Dr. Anton Hafkenscheid is klinisch psycholoog, psychotherapeut en wetenschappelijk onderzoeker bij het Top Referent Trauma Centrum voor volwassenen van het Sinai Centrum. Ook is hij supervisor en leertherapeut.
Prof. dr. Onno van der Hart is honorair hoogleraar psychopathologie van chronische traumatisering en verbonden aan de disciplinegroep Klinische en Gezondheidspsychologie van de Universiteit Utrecht. Ook is hij psycholoog/psychotherapeut bij het Sinai Centrum.
Mr. Arend Jan Heerma van Voss is jurist en journalist; oud-hoofdredacteur van de Haagse Post, de VPRO-radio en het Maandblad Geestelijke volksgezondheid (MGv).
Drs. Joosje van Heijningen is GZ-psycholoog en verbonden aan het Top Referent Trauma Centrum Kinderen en Jeugd van de Riagg Rijnmond.
Judith L. Herman, M.D. doceert psychiatrie aan de Harvard Medical School in Boston (USA). Ze kreeg grote bekendheid met haar boek ’Trauma en herstel’.
Drs. Chris Koopmans is klinisch psycholoog/psychotherapeut en hoofd behandeling van het Centrum Specialistische Behandelingen van de GGZ-Friesland, Top Referent Trauma Centrum te Leeuwarden.
Prof. dr. Agnes van Minnen is bijzonder hoogleraar angstregulatie en behandeling van angststoornissen aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Tevens is zij werkzaam als klinisch psycholoog bij ‘Overwaal’, Centrum voor Angststoornissen te Nijmegen.
Dr. Nelleke Nicolai is psychiater-psychoanalytica met een eigen praktijk. Zij behandelt voornamelijk personen met een voorgeschiedenis van vroeg seksueel misbruik en fysieke mishandeling.
Drs. Marja Rexwinkel is klinisch psycholoog, kinder-psychoanalytica en Infant mental health- specialist. Zij werkt als coördinator in het Infant Mental Health Centrum van het Nederlands Psychoanalytisch Instituut in Amsterdam.
Drs. Marcel Schmeets is kinder- en jeugdpsychiater, psychoanalyticus en werkzaam als hoofd afdeling Kinderen en Jeugdigen van het Nederlands Psychoanalytisch Instituut, Amsterdam en Utrecht.
Dr. Annemarie J.M. Smith is psychiater/psychotherapeut op de dagkliniek van Stichting Centrum ’45 in Oegstgeest en is tevens opleider.
Drs. Daniëlle Steggink is psychomotorisch therapeut bij het Top Referent Trauma Centrum Kinder- en Jeugdtraumacentrum Haarlem.
Drs. Arianne Struik is behandelaar/supervisor en systeemtherapeut en werkzaam binnen het Top Referent Trauma Centrum van kinder- en jeugdpsychiatrisch centrum Herlaarhof.
Drs. Desiree Tijdink is psychiater en werkzaam als consulent en psychiater bij het Top Referent Trauma Centrum van Altrecht te Zeist.
Drs. Margreet Visser, orthopedagoog/klinisch psycholoog, is teamleider bij het Top Referent Trauma Centrum Kinder- en Jeugdtraumacentrum in Haarlem.
Drs. Marianne Went is EMDR-behandelaar/supervisor en klinisch psycholoog/psychotherapeut en is verbonden aan het Top Referent Trauma Centrum van kinder- en jeugdpsychiatrisch centrum Herlaarhof.
Prof. dr. Francien Lamers-Winkelman, orthopedagoog/GZ-psycholoog is coördinator van het Top Referent Trauma Centrum Kinder- en Jeugdtraumacentrum in Haarlem. Ook is zij bijzonder hoogleraar preventie en hulpverlening inzake kindermishandeling aan de VU Amsterdam.
Programma:
10.00 – 10.05 uur Welkom drs. Martijne Rensen, directeur LCVT
10.05 – 10.15 uur Introductie dagvoorzitter mr. Arend Jan Heerma van Voss
10.15 – 10.25 uur Korte film
10.25 – 10.55 uur Lezing ‘Over psychobiologische elementen van vroege gehechtheid als basis voor latere psychopathologie’ door drs. Marcel Schmeets
10.55 – 11.25 uur Lezing ‘Alle hoeken van de kamer: over overdracht en tegenoverdracht bij de behandeling van vroege traumatisering’ door dr. Nel Draijer
11.25 – 11.50 uur Pauze
11.50 – 13.00 uur Workshops eerste ronde (parallelsessies)
13.00 – 14.15 uur Lunchpauze
Postersessies
Informatiemarkt
14.15 – 15.25 uur Workshops tweede ronde (parallelsessies)
15.25 – 15.50 uur Pauze
15.50 – 16.05 uur Judith Herman, M.D. (interview)
16.05 – 16.50 uur Spetterend einde
16.50 – 17.00 uur Afsluiting door de dagvoorzitter
17.00 – 18.00 uur Hapje en drankje
PRAKTISCHE INFORMATIE
Doelgroep: Psychologen, psychotherapeuten, psychiaters, maatschappelijk werkers, spv’ers, onderzoekers, beleidsmakers en bestuurders.
Datum: 3 maart 2010
Locatie: Regardz Nieuwe Buitensociëteit te Zwolle (tegenover NS-station)
Stationsplein 1, 8011 CW Zwolle, telefoon: 038 - 4260260
Kosten: € 345,-
NS-dagkaart: € 20,00 (optioneel)
Aanmelden: Via de website van het LCVT: www.lcvt.nl
Accreditatie: Accreditatie is aangevraagd bij: NVVP, FGzP, NVMW,VGCT, NIP, NVRG en Vereniging EMDR Nederland
Contact: Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met Wim D. Visser van organisator Cogis: 030-2968022 of per mail: wd.visser@cogis.nl
Organisatie Cogis, kennisinstituut sociale en psychische gevolgen van oorlog, vervolging en geweld in opdracht van de LCVT
Landelijk Centrum voor Vroegkinderlijke chronische Traumatisering (LCVT)
Het Landelijk Centrum voor Vroegkinderlijke chronische Traumatisering is een samenwerkingsverband van GGZ-Instellingen, onderzoeksinstellingen en patiëntenorganisaties.
Betrokkenen erkennen de diepgaande, destructieve en wijdverspreide ernstige gevolgen van vroegkinderlijke chronische traumatisering, ook op latere leeftijd. Zij stellen zich ten doel de professionele standaard, toegankelijkheid en spreiding van behandelmogelijkheden voor kinderen, adolescenten en volwassenen met psychische problematiek als gevolg van vroegkinderlijke chronische traumatisering te verhogen. Het initiatief beweegt zich over de grenzen van instellingen en organisaties, types psychotrauma, diagnostische categorieën en behandelmethoden om een kwalitatief en kwantitatief verantwoord hulpaanbod in Nederland te realiseren. Met als doel: een landelijk netwerk van Top Referente Trauma Centra die op een
transparante wijze een zelfde aanbod en kwaliteit leveren.
3 reacties op dit bericht
kinderen slachtoffer jeugdzorg leger des hels
ik ben een tante van drie kinderen ,
wij hebben al jaren grote problemen met mijn broer de vader van de kinderen .om te proberen zo kort mogelijk wat uitleggen over de situatie .de vader van de kinderen is altijd een probleem geval geweest .
maar sinds 2005 ook een zware alcholist naast geld verslaving en erg agresief en snijdt in zich zelf in het bij zijn van de kinderen er zijn verder dingen gebeurd wat heel traumatich is geweest voor de kinderen .daarom hebben wij de kinder bescherming bij gehaald .
maar toen is de elende pas echt begonnen .ik lees net de stukken die zijn geschereven door jeugdzorgbeleid.nl
alles en nog vele malen erger is de situatie waarin wij ons als famillie bevinden .de leidinggevende van leger des hels in enschede voert een persoonlijke strijd met de vader van de kinder ten koste van de kinderen .en wij hebben tot heden niet de mogelijkheid gekregen die meneer te kunnen spreken hij weigerd iedere vorm van contackt .wie hij is en wat die doet is dan ook erg vaag.mijn neefje is twee keer weggelopen en de laaste keer is het gelukt jongen van 8 niemand van de famillie is op de hoogte gebracht tot hij zelf contackt met ons heeft gezocht levens gevaarlijk.maar echt ik hb ook stukken over raporten die zijn geschreven door kadera en voogd van kinderen over gedraag kinderen dat wordt bevestigd als zeer ernistig maar nergengs opgebaseerd zijn en totaal niet kloppen en dat wordt ook bevestigd door gedrag teraput van jara bee die is ingeschakeld door contackt persoon van mijn neefje.
de kinderen zijn en worden nog steeds nu dubbel getraumatiseerd de sitautie waarin zij verkeren in de handen van jeugdzorg leger der hels niet te vaten wat zij doen en, heel graag wil ik ook informatie of voorbeeld geven wat zich afspeeld achter gesloten deuren en zulke belangerijke feiten niet gemeld worden, verzwegen voor de rechter en wij de kinderen opsporen na mee te zijn genomen met vader.en zorgen dat ze terecht komen en dan wij weg geduwd worden en de kinderen op een onmenselijke manier afgepakt worden uit ons handen alsof wij de vader zijn en niet diegene die de leger des hels heeft gedwongen om de kinderen op te halen anders zelf zouden gaan want er was een telex uit dat ze gezogcht werden. na dat wij wisten dat ze al 3 dagen op station sliepen zij hadden nog geen crissus plaats daarom nog niet ophalen en dan zogenaamd belang en veiligheid van een kind waarborgen. en dat de rechter ook al krijgt hij informatie van famillie als belanghebende nog naast zich neer legt niks mee doet ondangs raporten van jara bee adviesen van uit jara bee die moeten naar juiste gezinnen moeten kijken waar kinderen geplaatst kunnen worden
en adviesen gegeven worden bij eigen net werk voor het eerst dat zij dat doen maar door dat zij weten dat dit het beste is voor de kinderen .maar ook daar wordt door jeugdzorg leger des hels en de rechter niks meegedaan en huisarts school iedereen geeft advies bij oma tante maar er wordt niet in het belang van kind gehandeld .
nu mijn vraag is het mogelijk om ook ons verhaal te laten schrijven wij hebben zoveel dat wij als vb kunnen geven en dat willen wij een STEM geven zodat het serieus word genomen en verandering in komt.
Ik wil jullie bedanken om dit onder aandacht te brengen
Kernprobleem jeugdzorg
Het Kernprobleem van de sector jeugdzorg is dat de kinderbescherming
onderdeel van justitie,
niet aan waarheidsvinding doen, de taak hebben de rechter te adviseren.
Omdat de rechter verplicht is de wet te toetsen en gezien artikel
20-22 wet op rechtsvordering WEL verplicht zijn,
aan waarheidsvinding te doen word de rechter door de kinderbescherming
niet in het gelegenheid gestelt om haar/zijn werk te doen.
Ouders worden in Nederland beschuldigd van strafbare feiten, maar er
word bij de politie geen procesverbaal opgemaakt,
en niet eens een mutatie zodoende de politie vaak inhoudelijk niks
weten bij voorhand van de situatie in het gezin.
De kinderbescherming doet precies hetzelfde als Stichting Buro
Jeugdzorg, rapportage’s opstellen gebaseerd op veronderstellingen,
en verzoeken per fax bij de kinderrechter om een VOTS (spoeduithuisplaatsingen).
Gezien dat voor de politie een beschikking van de rechter een
uitvoeringsbevel is,
moet de politie HELAAS de kinderen uithuis halen terwijl pas na 10
dagen als de kinderen al weg zijn gehaalt,
kunnen de ouders voor het eerst naar de rechter om min of meer een
wederhoor te kunnen geven.
Gezien ouders dan zwaar getraumatiseert zonder opvang zijn achtergelaten,
en de rechter al die laster en smaadrapportage’s niet eens lezen
gezien de grote stapel A4′s en de korte tijdbestek van ongeveer 20
minuten,
zal de rechter in meeste gevallen onrechtmatig en ten nadele van de
gezinnen een uitspraak doen voor een jaar ondertoezichtstelling.
Het gevolg is dat de ellende dan goed gaat beginnen want de ouders en
kinderen worden overgeleverd aan willekeur van stichtingen,
met hun eigen belangen om zichzelf in stand te houden en komen terecht
in een burocratische mangelmolen waardoor de rechten en plichten van
de ouders en kinderen op een civile wijze worden uitgeholt totdat er
niks meer overblijft ( de nek omgedraait) waardoor uiteindelijk de
mensen vogelvrij en rechteloos worden gemaakt.
Wanneer je op een zondag de kinderbescherming (Groningen-Assen) belt
wijst deze overheidsinstantie via het antwoordapperaat,
voor crisisgevallen de mensen ook door naar de stichting buro
jeugdzorg i.p.v een andere overheidsinstantie zoals de politie waar de
opssporingsbevoegdheid gehoord te liggen.
Omdat er geen procesverbaal word opgemaakt en niet eens een mutatie
(handig bij preventief optreden) bij de politie,
is er geen enkele papier wat is opgestelt gebaseert op feiten waar
alle parijen opterug kunnen grijpen.
Erger nog, wanneer alle rapportage’s daadwerkelijk leest bij alle
slachtoffers zie je ook dat de stichtingen BJZ’s o.a,
in loop der tijd de dingen lopen aan tedikken het zogenaamde uit
stragetsicge oogpunt ter nadele voor de betrokkenden.
Omdat rapportage’s worden opgestelt via het papagaaienmedthodiek, met
een ander over napraten over een ander,wat die ander wel gezegt zal
kunnen hebben,
zonder zelf iets gezien, geconstateerd en/of geverfieerd te hebben,
worden de mensen monddood geprocendeerd.
Ik zie ook dat de stichtingen, de ouders vaak lopen te intimideren dat
ze vooral geen contact moeten opzoeken met de media,
omdat dat ten koste kan gaan met het contact tussen ouders en
kinderen, dus een sancie kunnen krijgen wanneer men voor hun
bloedgeigen kinderen opkomt.
Ik pleit dan ook voor dat bij elke aanvraag uithuisplaatsing dat er
een mutatie of een procesverbaal word opgemaakt,
want immers de sector jeugdzorg overbelast zichzelf doordat kinderen
vaak onnodig en/of wel telang blijven hangen in de sector.
Dus meer geld is niet de oplossing, maar rechtszekerheid en waarheidsvinding,
de sector creeert dus zelf deze fictieve wachtlijsten.
Dan komt er nog bij, dat Nederland straks zit met een hele generatie
kinderen die ooit volwassen worden,
zwaar getraumatiseerd zijn geraakt door geschiedsvervalsing en los
zijn getrokken van hun familie.
Moet dat straks onze beroepsbevolking gaan worden, of heeft Nederland
meer belang bij patienten om de zieligheidsindustrie in stand te
houden,
b.v voor meer werkverschaffing voor de G.G.Z ?
Ook de ouders raken zwaar getraumatiseert en Nederland raakt de
sociale cohesie kwijt,
omdat de hoeksteen van de samenleving met behulp van gesubideerde
staatstereur is omver geschopt.
Dat moeten wij niet willen.
Ook in mijn persoonlijk casus, zijn mijn kinderen met laster en smaad
uithuis ontvoert en is mijn oudste dochter beland bij een medewerker
van jeugdzorg,
die tevens mijn dochter een geloof opdringd notebene van de pinkstergemeente.
Ontdanks dat ik nu in het bezit ben van een A.I.V.D verklaring van
geen bezwaar die ik heb gekregen omdat ik nadien een liefdesrelatie
kreeg,
met een politieagente zal je denken dat er eerherstel word
bewerkstelligd…NEE DUS!
Nadien heb ik 30.000 euro dwangsommen opgelegt gekregen door het leger
des heils om mij monddood te maken omdat ik de media opzocht,
en ben zelf nog langer daarna uit het ouderlijk gezag gezet want
immers ik ben een Duitse staatsburger beweert de kinderbescherming die
een onderdeel is van Justitie.
Nou, Ik ben een Nederlands staatsburger met een Nederlands paspoort,
dus je kunt zien dat wederom de kinderbescherming die een onderdeel is
van justitie,
dus een overheidsinstantie niet doen aan waarheidsvinding.
Is dat Justitie waardig om rapportage’s op stellen gebaseert op
veronderstellingen?
Zie onze Petitie http://jeugdzorgbeleid.petities.nl
Waarheidsvinding
Dan vraag ik me af, die pleegkinderen. Zijn die gebaseerd op laster en smaad uit huis ontvoerd en zodoende dubbel getraumatiseerd? Want Justitie, waar de Raad voor de Kinderbescherming een onderdeel van is, doet niet aan waarheidsvinding..onderzoek gebaseerd op feiten.
Er word een fax verstuurd naar de kinderrechter en samen met de politie word er dan een kind bij de ouders vandaan gehaald terwijl er blijkbaar wel tijd voor is om laster- en smaadrapporten te schrijven, maar geen enkele aangifte wordt gedaan van de vermeende strafbare feiten die de ouders gepleegd zouden hebben. Ik pleit er ook voor om het Jeugdzorgbeleid uit het civielrecht te halen en onder het strafrecht te laten vallen. Trouwens hoe is het mogelijk dat buro Jeugdzorg niet kan uitleggen wat de definitie is van het belang van het kind? Staat op film.
Natuurlijk mag verdachte pedofiel gewoon bij Justitie blijven werken. Hij wordt overigens als een beschermde diersoort beschermd door Hirsch Ballin, die echter eerder moest aftreden vanwege de IRT-affaire.
Momenteel zijn twee stichtingen bezig met voorbereidingen om Andre Rouvoet strafrechtelijk te laten vervolgen wegens schending van mensenrechten. Mag ik u er op wijzen dat de Raad voor de Kinderbescherming openlijk tegenover de ouders en publiekelijk zegt dat zij wettelijk niet aan waarheidsvinding hoeven te doen? Met andere woorden: geen onderzoek doen gebaseerd op feiten. We rapporteren alleen maar, zegt de Raad voor de Kinderbescherming. Dat is heel raar en Justitie onwaardig. Ja, ze zijn een onderdeel van Justitie en sinds wanneer werkt Justitie niet meer met feiten?
Dus hoeveel kinderen worden zonder gedegen onderzoek uit huis geplaatst en op de wachtlijsten gezet,
terwijl deze kinderen thuis horen te zijn. Bij hun echte ouders. Om nog maar te zwijgen van het feit dat onschuldige kinderen bij criminelen in jeugdgevangenissen worden geplaatst. Wat ook wrang is, is dat wanneer ik met de camera vaan de directrice van buro jeugdzorg en haar companen vraag wat de defintie van het belang van het kind is, dat ik dan als respons krijg dat het niet is uit te leggen. Wat ik vind dat er moet gebeuren? Heel simpel. Haal Jeugdzorg uit het civielrecht en breng het onder strafrecht. Wanneer een ouder beschuldigt wordt van een misdrijf, en dat is kindermishandeling, moet er eerst aangifte gedaan worden bij de politie. Dan ligt er een mandaat. Met die aangifte kunnen buro Jeugdzorg en de Raad met hun rapportage’s naar de kinderrechter voordat het kind met een spoedmachtiging uit huis wordt geplaatst.
Dat gebeurt nu niet. Al die laster en smaad gaat gewoon achter de rug van het gezin naar de rechter, kind is weg en pas tien dagen later kan het gezin zich..nou ja verdedigen tegenover de rechter. In de praktijk heeft de rechter slechts een half uur per zaak. Begrijpt u dat er zo nooit een eerlijke rechtspleging wordt gedaan?
Om Justitie even verder onder uw aandacht te brengen. Ouders die benadeeld zijn door de wantoestanden, hebben het er moeilijk mee dat de verdachte pedofiel tot op heden nog steeds bij bij Justitie werkzaam is.Een verdachte pedofiel….
Ik zie een heel genaratie kinderen onstaan in Nederland die ziek worden gemaakt met het P.A.S-syndroom en de ouders die te maken krijgen met het ppts. Het moge duidelijk zijn dat Rouvoet een gevaar voor de volksgezondheid is geworden en in strijd met de mensenrechten handelt.