Er omheen gedraaid.

Eindelijk kreeg ik op medisch vlak eens een positief bericht. Mijn longinhoud was in het afgelopen jaar toegenomen tot ‘acceptabel’. Iets wat ik aan mijn redelijk intensief sporten heb te danken. Opnieuw ben ik hiervoor fysiek beloond, zoals eerder gebeurd en beschreven in mijn column “van naveltruitje tot kaftan.” Mijn verbeterde levensstijl heeft zich volledig gesetteld. Ik merk ook heel goed dat ik, door het onderdeel krachttrainen, behoorlijk sterker ben geworden. Zou ik dan, uitgaande van het vooroordeel, minder slim zijn geworden? Dat kan ik niet geloven, hoewel ik in mijn vutzame leven hier veel minder op aangesproken wordt. Want slim kon ik zijn, sowieso bij het zaken doen.
Dat vraagt natuurlijk om een voorbeeld. Voor het internettijdperk had elke zichzelf respecterende krant een kabelkrant. Een TV krant, die met het draaien van nieuwsdia’s op één van de zenders was te vinden. Aan de ontwikkeling van één van de eerste kabelkranten heb ik mijn commerciële bijdrage mogen leveren. Omdat er onder adverteerders grote twijfels bestond of er wel naar zo’n TV krant gekeken zou worden, had ik een prijsvraag bedacht waarbij de kijker de Muziek Top 10 van de week kon voorspellen, waarvoor er toen nog (nu heel ouderwets) een kaartje kon worden ingezonden. Het bijzondere van die Top 10 was dat het sterk afweek van de bestaande Top 40, die door de muziekindustrie zelf werd samengesteld. Mijn Top 10 was gebaseerd op de werkelijke verkoopcijfers van grote winkelketens. Omdat kopen (zelf) draaien was, noemden wij de kranten Top 10 de Draaiparade. Aan de hand van de vele inzendingen viel er iets te zeggen over de kijkdichtheid van de TV Krant.

En dat klopte, want er werd nauwelijks naar gekeken en dus ook geen Top 10 voorspellingen ingezonden en dat terwijl er wekelijks een volledige Top 10 viel te winnen.
Toch kregen wij elke week de tien plaatjes, waarvoor wij dan ook een winnaar moesten vinden. Een tijd dat mijn populariteit onder muziekliefhebbers behoorlijk groeide. “Geef mij ook een plaatje….” Dat ging heel lang goed, tot het moment dat de sponsor van deze rubriek meer wilde weten over het aantal inzenders. Het verzoek was dat in het vervolg de briefkaarten aan hen zouden worden doorgezonden. Oei, vijf of zes kaarten getuige niet van succes. Of ik dit maar even uit hun hoofd wilde praten. En daar had ik een slimmigheidje op gevonden.
“Sorry, onze redactiestatuten laten niet toe dat wij inzendingen van lezers aan derden beschikbaar stellen.” Het klonk aannemelijk, kan zelfs waar zijn en ging er dan ook in als zoete koek. “Maar of ik dan wel de oogst van één week wilde sturen, wat na het inkijken zou worden teruggestuurd.” “Nee, sorry.” Na veel aandringen en niet de kans lopen dat de sponsor zou stoppen, spraken we af dat ik de volgende week met de briefkaarten zou langskomen, die dan even ingekeken konden worden. Hiermee werd ingestemd.
Het was vrijdag en er was actie geboden. Als den donder 100 briefkaarten gekocht, bij de krant samen met een Top 40, omwille van keuzes maken, rondgedeeld. Na een uur alle briefkaarten weer opgehaald en op diverse plaatsen op de post laten doen. Maandagochtend was het feest. Stapels briefkaarten trof ik op mijn bureau aan.
Slot van het liedje was dat de Draaiparade nog heel lang op de TV krant heeft gedraaid. Dat ik later bij een andere krant ben gaan werken, de kabelkrant nooit een succes is geworden, berust uiteindelijk op louter toeval.
-o-o-o-
n.b.: “Van naveltruitje tot kaftan” lees je in mijn kroondomein:
www.kroondomein.com/kroonjuweeltjes/kaftan.html




















