Max aan tijd.


Met de hang naar de betere tv-programma’s van weleer, ben ik destijds lid geworden van de ouderenomroep MAX. Wat blijkt…, zo oud ben ik nog niet. Sowieso irriteert het mij enorm dat de directeur Jan Slagter noodleidend Europa afreist, om zichzelf als weldoener te profileren. Prima dat MAX armlastigen wil helpen, maar laat dat dan niet een One Man Show van ene Slagter zijn.
Los daar van vind ik dat omroep MAX totaal niet uit de verf is gekomen. Meer een bejaardensoos die via de kabel jou deelgenoot wil maken. Er zijn geen toneelavonden terug op de tv, wat wel de bedoeling is geweest. Mooie show- en muziekprogramma’s van weleer werden niet opnieuw geprogrammeerd.
Achteraf gezien, is dat misschien maar goed ook. De goeie ouwe tijd moet gewoon de goeie ouwe tijd blijven. Dat is pas nog gebleken met de nieuwe versie van Wie van de drie. Voor mijn gevoel is dat programma totaal niet aangeslagen. Ik meen te weten waar dat door komt. De kracht van Wie van de drie oude versie zat ’m in de improvisatie, van ondermeer Albert Mol, Martine Bijl en Kees Brusse. Zij kregen ook alle gelegenheid van de panelleider Herman Emmink.
Ron Bransteder, panelleider nieuwe stijl, herhaalt in een mantra dat hij streng moet zijn, waarmee hij elk woord te veel afkapt, om zo binnen een te strak tijdschema te kunnen blijven. Kennelijk gingen er in de goede ouwe tijd veel meer minuten in een uur. De MAX van nu is meer de max aan tijd en daar heb ik nooit op zitten wachten.






















