Banken kijken 2.0 (een Update van 1 juni 2013)

Eenmaal er toch in de buurt, bezocht ik een meubelshowroom in de hoop dat er dé bank zou staan, waar ik direct op zou vallen. Eenmaal de gehele zaak van twee etages doorgelopen te hebben, zou er misschien een bank bijstaan die qua model genomineerd zou kunnen worden.
Alsof ik bij de uitgang werd opgewacht, kwam er een oudere verkoper op mij af met de vraag “of ik het heb kunnen vinden.” In de wetenschap dat hierbij een ja of nee volstaat, waardoor de verkoper zichzelf buitenspel heeft gezet, gunde ik ‘m zijn kans: “Nou ja, misschien…, maar ik weet niet of er wel binnenvering in zit.” “Oh meneer, er worden nog maar weinig bankstellen met binnenveren geleverd en dan moet je toch gauw op zo’n € 5.000,= rekening. Maar ja, die bank gaat dan zeker 20 jaar mee. En wilt u dat wel?”
De man was duidelijk niet bezig met het inventariseren van mijn behoeften (verkoopcursus les 1). Nam zelfs niet de moeite om naar mijn keuze toe te lopen. Wel liep hij naar een door mij niet gewenst model, om verdere uitleg over binnenwerk en koud schuim, wat tegenwoordig de binnenvering vervangt, te praten. Het interesseerde mij totaal niet. Hij kon echter ook zelf niet warm lopen voor zijn eigen verhaal. Zijn stem verflauwde en zonder dat ik daar de aanleiding toe gaf, toonde hij mij zuchtend een stoffenboek, waar hij traag doorheen bladerde. Natuurlijk begreep hij dat ik er verder nog even over na moest denken.
Weinig geënthousiasmeerd ging ik toch ook nog even langs de tapijtafdeling van deze ‘alles-onder-één-dak-winkel’. Nu opende ik zelf het gesprek: Mijnheer, heb ik goed gelezen dat Hatéma tapijt niet meer bestaat?” “Ach meneer, al heel lang niet meer. Al die Nederlandse merken bestaan niet meer”, sprak de man in mijn ogen een beetje minzaam. Alsof ik het postuum een beetje voor Hatéma wilde opnemen, moest ik toch wel even kwijt dat ons karpet al meer dan twintig jaar ligt, dat ik eindelijk wel eens wat nieuws wil. “Dat wilt u nu meneer?,” klonk ongeloof in zijn stem “Ja, welk merk zou u nu dan adviseren?” “Ach al onze merken zijn goed. Tenminste, als ik onze klanten mag geloven. Maar u wilt op een verkeerd moment een karpet kopen. Dat doet men over het algemeen rond oktober.” Alsof er, zoals bij de boerenkool, voor een karpet een juist inkoopmoment bestaat. “Kijk meneer, ik heb hier nog een paar karpetten liggen, misschien ligt er een voor u tussen”. “Nee, dank u, ik wacht wel tot oktober.” Ik had het gevoel dat de man mij dankbaar nakeek. Tevreden over zijn afgegeven advies.


















