Terecht.


Terecht.

Niet te koop lopen.

In de rustige winkelstraat stond een winkelier voor zijn onaantrekkelijke ‘daalderhandel’. Omdat ik mij niet kon voorstellen dat hiermee brood viel te verdienen, speurde ik zijn winkel naar aantrekkelijke koopjes af. Ik was snel klaar. De koopman was totaal niet in mij teleurgesteld, was al tevreden met de geboden kans om een praatje met me te maken. Heel Hollands zat in zijn openingszin het weer omsloten. In afwachting van m’n fiets vond ik het prima dat hij snel van onderwerp veranderde. Bij het woord ‘rustig’ viel ik hem in de reden en vertelde over mijn ervaring van afgelopen week in de winkelstraten van het centrum, waar niet één winkelpand leeg staat.
Haar fijn legde hij uit dat de arbeiderswijk achter deze winkelstraat sterk is gedevalueerd, nadat de grote bedrijven verdwenen, zoals de chocoladefabrieken, Werkspoor (destijds van de NS) en de Ripperdakazerne. “Nee, zelf kom ik hier niet vandaan. Ik woon op de Eeuwigelaan in Bergen.” Een oud omaatje onderbrak ons gesprek. “Tot ziens.” Pfff, knakenhandel op een A2 locatie waar je op woensdagochtend een kanon kon afschieten en dan toch wonen in een van de duurste lanen van ons land?! Een man met aanzien in Bergen, met een geheel ander imago voor zijn winkel op locatie A2.
woensdag 19 maart:
Waarschijnlijk
doordat ik als jongen regelmatig bij mijn opa en oma in Haarlem
logeerde, blijft die stad mij trekken. Vandaag ben ik er eerst heerlijk
kris kras op de fiets doorheen gereden, om daarna de winkelstraten
lopend af te struinen. Wat mij heel
erg is opgevallen dat er in Haarlem niet één winkelpand leeg staat.
Daar kunnen vele gemeentebesturen een voorbeeld aan nemen.
Oké, de verhuiswinkel lijkt niet zoveel aanloop meer te hebben.
Aanslag op mijn (goede) naam.

Helaas heb ik nooit het pleidooi kunnen winnen om de postcodeloterij te verbieden en is de site www.loterijterreur.nl nog steeds vacant. (zie mijn kroondomein: http://www.kroondomein.com/kroonjuweeltjes/loterijterreur.htm ) Ik blijf het onbegrijpelijk vinden dat je moet betalen, om niet het risico te lopen tussen miljonairs te komen wonen. Je zou er bijna een woongenotverzekering voor afsluiten. Overigens altijd nog beter dan toe te geven aan de terreur van de Postcodeloterij.
Afgelopen donderdag werd ik door domeinnaam.nl verrast met een nieuwe vorm van terreur. Zij adviseren mij om vooral een website met m’n eigen naam te nemen én voor m’n eventuele partner en kinderen. (Kassa!) Met een meegestuurd filmpje laten ze, onder meer met Lisanne Sanders als voorbeeld, zien wat ik anders voor risico loop. Kan je zoiets nog ‘reclame maken’ noemen?! Echt, voor elke vorm van humor ben ik gevoelig, maar het moet wel léuk zijn.Met welke vorm van afkoop-terreur zal een volgende idioot geld uit m’n zak proberen te kloppen?!
Kat in 't bakkie.

Elke ochtend krijgen mijn diertjes een zakje Whiskas. Vooral het poesje, vrouwen kunnen nou eenmaal gretig zijn, staat dan ontzettend te jengelen, tot het moment dat het schoteltje lekkers haar wordt voorgezet. Snel handelen is geboden. Maar ja, waar is ook al weer de schaar?! En juist dát behoort door mijn advies tot het verleden. De zakjes zijn heel simpel te scheuren.
Graag gedaan.
Stemmen rijden.

Weer een enorme ophef over het ronselen van stemmen voor de gemeenteraadsverkiezingen. Dat fenomeen is zo oud als de weg naar Kralingen. In de jaren zeventig van de vorige eeuw werkte ik bij Dagblad Het Vrije Volk, een socialistisch dagblad onder drankzuchtige leiding van Herman Wigbold. Ikzelf moest toen nog niets van het socialisme hebben. Ik werkte er alleen voor de poen, als enige niet-socialist overigens. Sterker nog binnen deze Rode Burcht heb ik het zelfs tot de Ondernemingsraad geschopt. Maar dit ter zijde.
Rond de verkiezingstijd werd je er toe opgeroepen om ’s avonds bejaarden te rijden, van (bejaarden)huis naar verkiezingsruimte en terug. Door de harde kern werd er appel gedaan op mijn solidariteit, omdat ik immers een auto van de zaak, een MafDaf, reed. Toen al voelde ik aan dat dit geen kosjere actie was. Die zieltjes zijn dus nooit door mij gewonnen. Het is nog maar de vraag of zij, met de huidige wanprestaties voor ogen, dit keer wel mijn stem krijgen.
De Belastingdienst.

Het zal effe lekker wezen.....

Contrasten.

Helemaal naar wat ik mij recent heb voorgenomen, was ik er aan toe om met mijn museumkaart mijn ‘museum van de maand’ te bezoeken. Dit keer koos ik voor het Haags Historisch Museum, schuin tegenover het torentje van de Minister President. De tentoonstelling Haagse Humor fungeerde als magneet. Al met al een wat povere tentoonstelling voor datgene de Haagse Humor heeft te bieden. Hoewel destijds, de subtitel ‘spotten met politiek’ mij was ontgaan.
Ondermeer Wim Kan, Kees van Kooten en Wim de Bie (Frederik Jacobse en Tedje van Es van De Tegen partij), Haagse Harry en Sjaak Bral vertegenwoordigden, naast alle kopspijkers- typetjes, gezamenlijk humor om nooit te vergeten. Haagse Harry Jekkers’ woorden doolden door mijn hoofd: “k zâh met niemand wille rùile, meitein gaan hùile, as ik gèn Hagenès zâh zèn.” Ondanks dat ik maar een paar maandjes Hagenees ben geweest.
Mijn vader wilde zo snel mogelijk dit stempel op mij weghalen. Ik moest worden geüpgrade naar Hagenaar, waarvoor wij van de Schilderwijk naar de ‘betere’ Zuiderparkbuurt verhuisden. Want sterke contrasten zijn er in Den Haag, uhhh ’s Gravenhage, een stad (dorp is een hardnekkig misverstand) met drie talen, plat-, bekakt- en Indisch Haags.
Na m’n museumbezoek, waar ik ook nog even gauw de tong van de in 1672 vermoordde Cornelis de Witt mocht aanschouwen, ging ik natuurlijk even een harinkie happen. Recht m’n strot in laten glijden, zoals dat hoort, om vervolgens al lopend (jeugd)herinneringen op te doen. Ter hoogte van de Wagenstraat zag ik tot mijn verbazing dat dit de Haagse China Town is geworden. Het harinkie had inmiddels de omgeving rond mijn huig behoorlijk uitgedroogd, dus hup de kroeg in. Natuurlijk aan de bar, om alles goed op mij in te laten werken. Het was een echte, ouderwetse volkskroeg waar, naast een paar ‘even een biertje pakkers,’ ook aardig wat notoire zuipers zaten. Vooral herkenbaar aan de goud gelen rakker, met daarnaast het appeltje of ander soort borrel, om bij het combi-drinken goeie rake klappen te incasseren. Alleen financieel gesproken al een aardige investering. Daarover verbaasde ik mij niet te lang, doordat een gokkastklant een ‘paar geeltjes’ kwam inleveren. De slokjesmevrouw incasseerde dit, waarna zij uit een stapel van wel 10 centimeter bonnen er één uitlichtte en de gokker toefluisterde dat ze die bon van zondag dan nog wel even zou laten staan. Hier werd nog behoorlijk op krediet gezopen.
Onderweg (per trein) naar huis bezocht ik nog even een heel andere kroeg, een eetcafé in Haarlem. Voor weinig geld (€ 16,25 voor een gegrilde entrecote van kalfsvlees; dus het kán wel) heerlijk gegeten. Met heel bijzonder, misschien bekakt volgens een Hagenees, kwam de lekkere wijn, ook uit een tap.
Het was een dag van grote contrasten, waaraan ikzelf een significante bijdrage heb geleverd. Want, bij Koninklijke De Bijenkorf kocht ik mijn tweede pet.
Koninklijk gewoon!

Snelheids-Bingo.

Maar het is nog erger. Want, bij mijn weten heb ik ooit bij verkeerslessen geleerd, dat er op de provinciale wegen nooit harder dan 80 kilometer gereden mocht worden. Tot mijn grote verbazing zag ik op de provinciale weg N242 dat hier 100 kilometer per uur gereden mag worden?! Een nieuwe list om, omwille van de staatskas, verwarring te stichten?!
-o-o-o-
n.b. Inmiddels ben ik bijgepraat en weet ik dat de 100 kilometer p/u. op een aantal tweebaanswegen wel geldt. Neemt niet weg dat deze vorm van Snelheids-Bingo veel verwarring sticht, wat de staatskas ten goede komt.
Uitgelezen.

Jubileum van mijn Kroondomein.

Halverwege dit jaar bestaat mijn Kroondomein12 1/5 jaar. Reden om 'm volledig te vernieuwen. Alleen softwarematig hoort m'n huidige site al thuis in grootvaderskolenhok. Dan ben ik tegelijk af van het probleem dat ik mijn aforisme pas kan publiceren, als ik er twee heb bedacht.
Dit keer heb ik mazzel, want direct na '’Plezier om m'n eigen gedachten' kwam er nog een bij mij binnen, geïnspireerd door weer zo'n griezelig voetballertje, die heel eng deed, na zijn score. Zo'n twintig jarig ettertje zie ik in gedachten dan, zoals ik in werkelijkheid een paar keer zag, paraderen met z'n vrouwtje over de PC Hooftstraat, waardoor ik niet kan nalaten die 'masturbatieshowstraat' te bombarderen tot de Golddickerboulevard.
Eng doen.

Nadat een voorzet een assist is
geworden, lijken de scorende voetballers steeds enger te worden. Zo hollen niet
meer op hun medespelers af, maar draven linea recta door naar het publiek en tv
camera, om zichzelf te verheerlijken. Vandaag weer, dit keer dat 19 jarige kereltje V. van Feyenoord,
nadat hij met een frommelbal tegen F.C. Utrecht scoorde. De rillingen liepen
over m'n rug. Wat moet er menselijkerwijs in hemelsnaam van zo'n ventje
terechtkomen?!
Het is trouwens niet eens direct de schuld van die
'bluffertjes.' Als ze met voetbal maar net even beter zijn dan hun vriendjes,
worden ze al over het paard getild. Zo zag ik afgelopen week een bestelbus van
de AZ jeugdopleiding, waaruit bij een sportzaal vier spelertjes van een jaar of
15 stapten. Één van hen keek mij met een vernietigende blik aan, kennelijk
omdat ik niet vol in de remmen van mijn fiets kneep om hem eerst het fietspad
over te laten steken. Die minachtende blik is mij de hele ochtend bij gebleven,
maar vooral ook de vraag waarom die tieners in een busje worden rondgereden.
Laat ze lekker, heel normaal, op de fiets naar de sport komen. Op zich al een
goeie manier om sterallures de kop in te drukken.
Van mijn voetstuk.

Daar ben ik weer met een van m’n kankerverhalen. Tja, de gevolgen van die ziekte heeft nou eenmaal een grote impact. Nou heb ik nog de mazzel er min of meer luchtig over te kunnen schrijven. Ik heb het niet alleen overleefd, maar blijf mij nog steeds verbazen over de verdere gevolgen die het, voor iedereen anders, heeft. Ook vandaag weer. Al eerder constateerde ik, na al die operaties, compleet gereste te zijn. Ik bijt geen nagels meer, mijn haar groeit heel langzaam en mijn creativiteit heeft zodanig z’n hoogtepunt bereikt dat ik terstond lid ben geworden van de Nederlandse Orde Van Uitvinders. (Ja zeker, ‘hallo?!’)
Vervelend was het dat ik als nawee, na tien kilometer wandelen verrekte van de pijn in mijn tenen. Zo erg, dat een revalidatiearts mijn voet onder 90° in het gips wilde zetten. Een podologe had daarvoor al een extra spietje aan mijn steunzooltjes toegevoegd. Zoals geschreven, hoefde dat gips uiteindelijk niet doordat ik er achter kwam dat bij het nemen grotere passen, die pijn wegbleef. Wat met het lopen van de wandelmarathon, over twee dagen, vorige week nog werd bewezen.
Vandaag, met weinig lust in den donder, liep ik een wandeltocht in Medemblik. Nog maar net drie kilometer achter de kuiten, realiseerde ik mij ineens dat ik mijn steunzooltjes met extra hielstukje vergeten was. Ik liep domweg in de wandelschoenen zonder zelfs de standaardzooltjes. Met enig voorstellingsvermogen, kan je dan wel bedenken dat ik heel erg spannende kilometers tegemoet ging. ‘Op welk moment komen de eerste pijntjes en hoelang zou ik dat dan nog vol kunnen houden.’ Terug gaan vond ik te lullig, dus ging op hoop van zegen door. Mijzelf motiveren dat ‘het wel eens goed zou zijn te weten na welke afstand ik voetproblemen zou krijgen.’Om een lang verhaal iets korter te maken: aan het eind van de 16 kilometers had ik nog steeds geen centje pijn?! Niet in mijn tenen, maar ook niet aan mijn achillespees waarvoor ik ooit die steunzooltjes door de podologe voorgeschreven kreeg. Gek toch zeker?! Mijn volgende wandeltocht probeer ik natuurlijk weer zonder hulpmiddelen.
Negatief reisadvies?!

Niet laten verzieken.

Ballen.

Nadat een voorzet een assist is geworden, lijken de scorende voetballers steeds enger te worden. Zo hollen niet meer op hun medespelers af, maar draven linea recta door naar het publiek en tv camera, om zichzelf te verheerlijken. Gisteren weer, dit keer dat 19 jarige kereltje Vilhena van Feyenoord, nadat hij met een frommelbal tegen F.C. Utrecht scoorde. De rillingen liepen over m'n rug. Wat moet er menselijkerwijs in hemelsnaam van zo'n ventje terechtkomen?!
Het is trouwens niet eens direct de schuld van die 'bluffertjes.' Als ze met voetbal maar net even beter zijn dan hun vriendjes, worden ze al over het paard getild. Zo zag ik afgelopen week een bestelbus van de AZ jeugdopleiding, waaruit bij een sportzaal vier spelertjes van een jaar of 15 stapten. Één van hen keek mij met een vernietigende blik aan, kennelijk omdat ik niet vol in de remmen van mijn fiets kneep om hem eerst het fietspad over te laten steken. Die minachtende blik is mij de hele ochtend bij gebleven, maar vooral ook de vraag waarom die tieners in een busje worden rondgereden. Laat ze lekker, heel normaal, op de fiets naar de sport komen. Op zich al een goeie manier om sterallures de kop in te drukken.
Liever geen wit voetje halen.Waarschijnlijk
heb ik gisteren met succes aan het inkomen van mijn revalidatiearts
zitten knabbelen. Bij wijze van babbelen dan. Deze medicus voorziet dat
ik mijn rechter voet in een stand van 90° in het gips moet laten
zetten. Dit om van de pijn in voornamelijk mijn rechter tenen af te
komen, wat tijdens mijn wandeltochten na zo’n 10 kilometer opkomt. Op
verzoek kreeg ik uitstel tot na de Egmondse wandelmarathon van het aankomend weekend.
Tijdens het consult maakte hij naar zij collega toe een opmerking, dat
ik nog al kleine pasjes neem. Daarvoor had mijn podologe ook al gezegd
dat, kennelijk door het 14 dagen stilliggen op een zandbed, ik anders
ben gaan lopen. Veel te weinig op mijn hielen terecht kwam. Toen op de
sportschool daarover nog eens de opmerking kwam dat ik ‘meer mijn
hakken in het zand moet zetten’, letterlijk dan, had ik mijn
optelsommetje klaar. Op de loopband liep ik heel bewust met grote
stappen, waardoor ik automatisch meer op mijn hielen terecht kwam.
Bingo! Met een gipspoot in het vooruitzicht bleef ik gedreven maar
liefst drie uur lang op de loopband met een moyenne van 5,8 km/p.u.
Ruim 17 kilometer verder had ik nog steeds geen pijn.
Zaterdag heb ik het ‘in het wild’ nog eens uitgeprobeerd. De tocht van 20 kilometer verliep pijnloos. Het gaat er op lijken dat ik voorlopig niet nog meer medische kosten behoeft te maken.
Badge 2014.

Het was een heel emotionele dag. Vandaag trok ik mijn, nog maar één keer gedragen, Jan Des Bouvries kostuum aan, die in december 2012 bijna voor mijn neef vermaakt moest worden. Ik had mazzel, kwam door die verschrikkelijke tijd heen en kan concluderen dat ik bij mijn ernstige ziekte geen ‘inborstkanker’ ben opgelopen. Vandaar dat ik alles steeds zonnig bleef inzien, geen fractie van mijn (gevoel voor) humor ben verloren, het zelfs lijkt alsof ik volledig gereset ben. Creatiever dan ooit heb ik maar liefst drie ideeën in ontwikkeling. Geen idee of het vermarkten slaagt. Mij gaat het niet om die poen. Mij gaat het er om dat ik mijn, recent bedachte spreukje, “Ik wil niet dat het z’n gangetje met mij gaat,” volledig kan waarmaken. Ja, ik ben lekker bezig.
Vandaag werd mij, zoals tijdens mijn werkzame tijd zo vaak gebeurde, weer eens een naamplaatje opgeplakt. Ik was op de nieuwjaarsreceptie van de Nederlandse Vereniging Van Uitvinders (NOVU) en terug naar huis, terwijl ik mijn zus telefonisch enthousiast verslag deed, overviel mij daarover toch de emoties. Met recht, ‘dat ik dat nog mag meemaken’.
Opnieuw geïnstalleerd.
Heel raar, sinds mijn
kankeroperaties bijt ik geen nagels meer. En dat terwijl ik mijn vingers
werkelijk afkloof. Tijdens mijn dienstplicht (1967 ná Christus) heb ik een
poging gedaan om van deze verslaving af te komen. Ik faalde. Vond nagelbijten
overigens ook helemaal geen probleem, alleen werd ik door vrouwen nog wel eens
daarover terechtgewezen. Zij vonden het vies?!
Ik heb geen enkele behoefte meer om op m'n vingers te kluiven. M'n zus Kieneke had
daar een aardige verklaring voor. Volgens haar is mijn (virtuele) harde schijf
volledig gedelete en is mijn systeem langs natuurlijke weg opnieuw
geïnstalleerd. Ik krijg steeds meer het idee dat zij gelijk heeft.
Altijd heb ik een creatieve manier van denken
gehad. Ben zelfs creatief opgeleid. Van die kwaliteit heb ik zowel privé als
zakelijk veel plezier gehad. Heb ik trouwens nog. Sterker nog, het lijkt er op
dat mijn creatieve manier van denken nog verder is ontwikkeld. Het 'creatief
5.0' is geworden.
