Naar de inhoud

Le Cercle Klercq

Educatief Internet-Magazine over historie van familie Klercq en duurzame mandenmakerscultuur
akke.beakke.be

Categorie: Familie Verhalen

Waar lag úw bakermat ?

Waar lag úw bakermat ?

Saartje Gal, de moeder van Wilhelmina Cornelia Gal, die getrouwd was met Johannes Cornelis Klercq uit Middelburg was baker in 's Gravenhage. Waarom zij met haar enige dochter, vermoedelijk rond 1820, naar Middelburg verhuisde is niet bekend. Wel weten we van Wilhelmina Gal dat geen vader bekend is. Niet dat zoiets opzienbarend is, maar het roept wel vragen op, waar uitbundig op gefantaseerd kan worden

Bekleedde de vader een belangrijke positie? Kwam zijn reputatie in gevaar bij het bekend worden van zijn escapades? Wel weten we dat Wilhelmina in goede doen verkeerde, ze bracht een klein vermogen in bij haar huwelijk. De oorsprong daarvan laat zich met een beetje fantasie niet moeilijk raden. Saartje is nooit getrouwd, ze heeft alleen kinderen van anderen op de wereld geholpen.

37152-51c56ca45ea555879e28e569ebfab7ac.jpg
De baker naar een prent van W de Passe in 1636

Het oude beroep van baker is tot op zekere hoogte te vergelijken met de huidige kraamverzorgster. Ze begeleidde de vroedvrouw en was al een paar dagen vóór de bevalling in huis. Ieder dorp of stad had tot in de 20ste eeuw verschillende bakers. Een baker moest een vrouw zijn met veel ervaring, liefst met een kroost kinderen, maar moest vooral een lekker zacht lijf hebben om de boreling aangenaam te koesteren. Het begrip "baby" bestond nog lang niet, die Engelse term kwam na de oorlog pas in zwang.

Het waren toegewijde vrouwen, met een overtuigde gehechtheid aan beproefde methoden. De baker was daarom een rots in de branding, waaraan onervaren jonge ouders zich konden vastklampen. Vaak werd met open mond geluisterd naar haar verhalen uit de praktijk. De baker was alleen overdag aanwezig en nam de baby avonds mee naar huis, of zij woonde tijdelijk bij het gezin in. 

37152-b4741275da9f04af9bffa21207676de6.jpg
Een bakermat (Vlechtmuseum Noordwolde)

De baker gebruikte de bakermat waarin zij het pasgeboren kindje verzorgde. Dat was een platte ovale mand met aan drie zijden een hoog opgevlochten wand, zodat de baby uit de tocht lag, of rechtop gezet kon worden na het inbakeren. Aan één zijde had de mand een lage versterkte kim. Later kwam de wieg in de mode.
37152-6b938b81f903c36dbb575c7452f25955.jpg
Een voorbeeld van het inbakeren

Inbakeren is een oeroude traditie die tot het einde van de  achtiende eeuw in Nederland werd toegepast. In sommige landen is het gebruik nog niet verdwenen, bijvoorbeeld in Rusland of China. Er waren verschillende redenen waarom werd ingebakerd. Bijvoorbeeld, kneuzingen opgelopen bij de geboorte zouden zo beter genezen. Ook kon een navelbreuk worden voorkomen. Door het strak inzwachtelen kreeg het kindje minder prikkels van buiten en werd daardoor rustig. Ook dacht men zo te voorkomen dat de zuigeling niet scheef kon groeien, wat niet zo'n vreemde gedachte was, omdat de baby's vaak in een krappe bedstee lagen. Of bij gebrek aan beter in een lade werden gestopt !! Waar het gezegde; "een ondergeschoven kind" van afkomstig is.
37152-e5755f2f68ac69fff83117dc95fd2508.jpg
Ingebakerd zoals dat hoort voor rust en regelmaat

Het inbakeren gebeurde door de baker, waar ze haar beroepsnaam aan heeft te danken. De eerste drie maanden van hun leven lagen de baby's zo in lappen gewikkeld als een stijf poppetje. Omdat bakers ongeschoold waren, ontstond rond 1900 de behoefte het beroep te professionaliseren. Dat was aanvankelijk geen groot succes, omdat bijgeloof en bakerpraatjes hardnekkig bleven bestaan. De goedbedoelde raadgevingen waren niet medisch onderbouwd, met geregeld dramatische gevolgen. De kindersterfte was hoog, wat ook het gevolg was van een slechte hygiënische verzorging en smoezelige leefomstandigheden, zelfs bij de hogere burgerij.

Catharine de Klerck, geen familie, uit Dinteloord, die nota bene met dokter Carolus Smet was getrouwd en dus beter had moeten weten, beleefde aan haar optreden als vroedvrouw weinig plezier. Aangesteld als stadvroedvrouw in 1769 was zij meermalen omstreden, zo blijkt uit de verslagen van Albert de Lahaye in zijn geschrift "De Heeren XVII van Nassau Brabant" 
37152-e54c1fc405370b9a7e0d3f66b0f93be3.jpg
Waar komt de baby vandaan??

Aan het bakeren zijn heel wat woorden ontleend. Heetgebakerd zijn wil wel verwijzen naar een driftig temperament, maar het kan ook betekenen dat het kind met koorts was ingebakerd, wat funest was voor de gezondheid. De bakermat van onze beschaving ligt in het stroomgebied van de Tigris en Eupfraat, het vroegere Mesopotanië, nu Irak.

Bakerpraatjes zijn er ook te over. Zo kon de baker voorspellen of er een jongetje of meisje op komst was, door vast te stellen dat bij een spitse buik het een jongetje werd en bij een bolle buik een meisje op komst was. Of als de aanstaande moeder vaak misselijk was, dat de voorspelling ook beslist een meisje moest zijn.

Tegenwoordig mag je wel veronderstellen dat niet meer wordt verteld dat kindertjes uit de boerenkool komen, of door de ooievaar worden gebracht. Mijn opoe wilde me dat nog wel wijsmaken, toen een broertje op komst was. Ik geloofde weinig van haar bewering over die boerenkool. En toen ik zei dat we in de tuin geen boerenkool hebben, stond ze met de mond vol tanden. Ook met de ooievaarsfabel kreeg ze me niet overtuigd, want die vlogen bij ons nooit rond het huis. "De ooievaar komt 's nachts en van verre," probeerde ze me op de mouw te spelden. "En als je zoveel vervelende vragen stelt, dan krijg je daar flaporen van." Maar eigenwijs als ik was, zei ik tegen opoe; "Maar ik heb al flaporen." Opoe liep met een ongemakkelijk gevoel naar de keuken, ik kreeg ze die dag niet meer te spreken.
 

Text © 2011 Albert Prins
37152-f593460e9a8e573f41ce3b9572308729.jpg

Bron vermelding

Bron; De tekst is een gedeeltelijke overname/aangepast uit Wikipedia, zie; http://nl.wikipedia.org/wiki/baker
Wilt u meer weten over modern inbakeren? zie; http://nl.wikipedia,org/wiki/inbakeren 
Onzinpraatjes, zie http://nl.wikipedia,org/wiki/bakerpraatjes

VIDEO GALLERY

Videoclip; De Bakermat België (1.01 min) http://youtu.be/in5TQp8Rlmc
Videoclip; De kraamverzorgster (2.34 min) http://youtu.be/yiJMd2YyZzo
Source photo; Wikipedia, Vlechtmuseum Noordwolde
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door albert65 om 00:00 Reageer op dit bericht

De Blindeninrichting

De Blindeninrichting

Opa Klercq had niet het geduld voor fijn vlechtwerk, zijn handen stonden daar niet naar was zijn mening. Hij vond het grove vlechtwerk meer geschikt voor zijn metier, zoals paardenvoermanden, aardappelmanden of kersenplukmanden. Pitrieten mandjes voor geroosterd brood, of theemutsenmandjes dat ook nog een wollig gevuld warmhoud kussentje nodig had, daarmee moest je niet bij hem aankomen. "Da's veel te moeilik, da's veel te veel waork. Daor' s geên cent an te verdiene." Dat laatste argument had hij niet zelf bedacht. Het kwam van zijn vrouw, die ook wel wist waar de kwaliteiten van Theeuwes lagen.
36908-75d2af3f331b170d3c798eefa5891006.jpg
De Varkensmarkt met links het vroegere Logement Goes op de hoek, dat later de Blindeninrichting werd.

Het kwam hem goed uit. Voor dat fijne werk had hij een adresje in de stad. Aan de hand van opa trokken we samen op pad. Opa was zijn werkplaats dan even beu, zo kon hij er weer even tussenuit. Tegen zijn vrouw had hij gezegd; "k Moe eve naor d'n Blindenninrichting, vrouw. En 'k neem Appie mee." Voordat hij was uitgesproken stonden we al bij de voordeur, zodat opoe ons niet kon terugroepen. Want daar had ze wel een handje van, omdat opa zijn werk liet liggen.
36908-41577d7ebf16967e45c5a8bc380abab9.jpg
De "Baas" van de Blindeninrichting

De Blindeninrichting lag aan de Varkensmarkt op de hoek van de Gortstraat. Aan de buitenkant kon je niet zien wat daar binnen gebeurde. De ramen waren matwit afgedekt, zodat getemperd licht naar binnen scheen. Toen we binnen stonden schrok ik wel even. Er zaten allemaal mannen op een rijtje, niet dat dat zo bijzonder is, maar ze keken niet uit hun ogen. Ze keken eigenlijk nergens naar. Hun ogen waren gesloten, halfgesloten, of als je wel een oog zag dan tolde dat raar heen en weer.
36908-133382aa75a6c24be1eb30fba1039b5d.jpg
De Blindeninrichting uit vroegere dagen

Opa had daar geen moeite mee. Hij sprak met een man, die de baas bleek te zijn. De man "keek" een andere kant uit wanneer opa met hem sprak. Zou die man misschien ook een beetje doof zijn? Bedacht ik me. Ik stond er angstig en bedeesd bij, voor alle zekerheid bleef ik dicht bij opa staan. Niet dat die mannen iets van plan zouden zijn, dat niet. Want ze waren allemaal vrolijk. Toch raar..., niets kunnen zien en toch vrolijk zijn, dat is wel heel bijzonder.
36908-a81fdfbc0c31bb646db0004b4471b415.jpg
Biezen stoelmatten vlechten

De blinde mannen waren allemaal aan het werk. De een zat pitrieten mandjes te vlechten. Er lag al een stapeltje broodmandje naast hem klaar. Een ander was bezig een mat te vlechten in een stoelzitting. Op de tast trok hij met een dun rietbandje door een ingewikkeld rietweefsel. Heel percies werk, waar je geen vergissing bij moet maken. Weer een ander draaide biezen tot strengen waar hij ook een stoelzitting mee vlocht, gaandeweg sloot het gat van de stoelzitting dicht.

De radio stond aan met leuke muziek. "Dat zijn de Arbeidsvitaminen," vertelde opa mij. Dus hier haalt opa de mandjes die hij niet zelf wil maken. Het werd me in één keer duidelijk, waarom hij graag naar de Blindeninrichting ging. Dat buurman Van Keulen, zijn concurrent in de straat, hier ook zijn mandjes liet maken, dat vond hij minder prettig. maar die gedachte zette hij voor het moment even uit zijn hoofd.

36908-af4546f0ae0591be6e63d1bf7107c23e.jpg
Het secure vlechtwerkje van rieten stoelmatting 

De Blindeninrichting bleek een soort Sociale Werkplaats te zijn voor mensen met een visuele handicap. In Vlissingen en Goes was er ook één. En ook in andere plaatsen in het land. Het was zelfs zo, dat in 1254 de eerste blindeninrichting was gesticht in Parijs als l' Hospice des quinze-vingt, door koning Louis IX. In Palistina werden gevangen genomen kruisvaarders voor straf blind gemaakt. Bij terugkeer in Frankrijk vond de koning het zijn plicht zorg te hebben voor deze arme sloebers. Zodat hij het enorme Hospice liet bouwen voor de eerste 300 bewoners. 
36908-ac45bdcd8ceb186a88c5ef70f23fa7d0.jpg
Ingang van het grote complex l' Hospice de quinze-vingt in Parijs, gebouwd in 1254

Nadat ik een beetje gewend was geraakt aan de vreemde sfeer in deze werkplaats, begon ik de mannen aardiger te vinden. Ze hadden gemerkt dat naast opa ook ik was meegekomen. Opa had me inmiddels voorgesteld. Eén van de mannen wilde een praatje met me maken. "En, Appie bin jie met joe opa op stap?" Toch verlegen, fluisterde ik zacht; "Ja meneer," en ook nog steeds een beetje bang, want echt kon ik niet wennen aan die holle ogen. "En gao jie straks een iesco met joe opa ete?" Terwijl ik een andere kant uitkeek, antwoordde ik verlegen; "Da' weet ik nog nie'"
36908-711fc6db466cb239ee5c8394b956abb1.jpg
Kapel-interieur van l' Hospice de quinze-vingt

De blinde man wilde nog veel meer van me weten. Hoe oud ik was, of ik broertjes of zusjes had, waar ik op school zat en of ik goed kon leren. Mijn antwoorden bleven bedeesd. Maar toen ik vertelde dat ik op de Gravenstraatschool zat, wist hij percies waar die is. "Jouw school ligt hier vlak om de hoek, dat weet ik wel. Ik loop daar elke dag langs."
36908-cd9b831f57133f8f1de74a3d419438a1.jpg
Blinde borstelman met zijn dochterje bij l' Hospice in Parijs

Nu begreep ik wie die man was met zijn witte hond aan de lijn en zijn lange stok met rood-witte randjes, waarmee hij op straat tikte. Dus die man werkt hier. Ik kreeg een heel andere kijk op die man, waar sommige kinderen van school een beetje plagerig mee omgingen. Ze imiteerden hem zelfs met "blindemannetje" spelen. Ze moesten eens weten wat blind zijn echt betekent.
36908-0ad2ec37ac8eace20730ee63d03a7706.jpg
Blinde man met geleidehond

Opa was nu klaar met zijn boodschap. Met twee gevlochten stoelzittingen onder zijn arm, en mij een stapeltje broodmandjes in de hand geduwd, vertrokken we van mijn onverwachte ervaring, die ik ook heel leerzaam vond. Tegenover de Blindeninrichting kocht opa twee ijsco's bij bakker Rotte. Eén voor hemzelf en één voor mij. Opa hield er van zichzelf ook te verwennen. Gezellig zaten we samen het ijsje, op de hoge stoep, bij de voordeur van de Blindeninrichting heerlijk weg te likken.
36908-66980a43c07592219eeaf933b81fe15c.jpg
De welbekende verleidelijke ijscokar

© 2011 Albert Prins
36908-c45aacb390836f344f687c5d27561ef8.jpg
Servicepoint;

VIDEO GALLERY

Videoclip; Biezen en rieten zittingen (1.23 min) http://youtu.be/gNJ0KwA99Ug
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door albert65 om 00:00 Reageer op dit bericht

Neeltje Klercq moved to Holland

Neeltje Klercq moved to Holland

Many Dutchmen left the Low Countries at the Northsee for a successful future elsewhere in the world, in course of time. It happened in all centuries. You will find Dutch familynames in Brazil, Argentina, South-Africa of course, in Australia, Canada and non of the least in America. In particuraly in the State of Michigan, Dutch immigrants estabished a settlement in 1847 as they called it Holland. It was Rev. Dr. A. C. van Raalte of Ommen, a small village of the province Overijssel in the Netherlands, with his Dutch Calvinist followers who found a place of free worship near Lake Macatawa. They felt at home easely, the landscape, rivers, the high sky with impressive coulds, reminded them to their homeland. 
36293-7deb25bdee65cc375a0feed89c4a5f0c.jpg
Beach of Lake Macatawa with the Big Red Lighthouse

In years following, Holland developed to an agglomerate of villages with names remembering the descent of citizens like; Harlem, New Holland, Noordeloos, Zutphen, Vriesland, Drenthe, Overisel, Graafschap, Groningen and Zeeland. It's not difficult to guess at where  they came from. Many from the province of Noord-Holland, famous for tulipfields. Others came from the eastern part of the Netherlands or from Zeeland. The province of a gathering of islands and sub-islands, shaped by overfloods during centuries, rich of history, people who have been sailing all over the world, leaving their marks back in language, such as Jersey Dutch.
36293-8a9f7a465b1b3a0f4585fcbe4b88e3bc.jpg
Aerial view of Port Holland Michigan

Nowadays most people of Holland don't speak Dutch anymore, nevertheless some words remain. The typical Dutch soup called "snert" is known as pea-soup, after the old-fashion recipe it will taste as it should be. Expressions like "it's benauwd" will sound familiar when the weather is moisty or clammy. Even the police serves surprisingly under the aphorism; "God zy met ons," and "Eendragt maakt magt."  
36293-303c54a3e51b5d8b39f356b14e8d2813.jpg
The historic Big Red Lighthouse of Holland Michigan

Holland is not a harbour for fishingboats anymore. The Lighthouse is out off order, though it's still a remarkeble landmark, modern navigation systems has taken over the secure guidance for privateboats. A committee is been formed to restore the lighthouse and to replace the 100 years old French reflecting lamp. When you want to see more about this wonderful building click on http://vimeo.com Item Big Red.
36293-3214990d388cae4cc9797c14b57a8052.jpg
Lonely at the beach on a sunny day

Never a crowded place on the beach, who would'nt like to have a whole beach for themselfs. A luxery for big-city people.
36293-3d7db2f754ceacd1df3152c990d7ccaa.jpg
After 1 mile many Dutchman feeling home at this exit

Neeltje Klercq and her husband Cornelis Jacobus Doorn took the decision to leave Den Helder for a future in America. Presumably they knew relatives or friends in the new country. At those times there were economic and political worries in Europe. Social life was diplorable, labor hard to find, the economy was in decline. Den Helder was a marineplace, with an economic mono-culture, life perspective was not prosperious. Den Helder, situated up country of Noord-Holland, would never grow out to a thriving city. All together the decision was easy to make.
36293-e3583fa29dc0a553becab272525d6f0f.jpg
Is this Holland Michigan? It even could be the tulipfields near Amsterdam

Neeltje, born 19 jan. 1882 Den Helder, was the youngest daugther of Jacobus Anthonie Klercq and his wife Maayke van der Dusse. Father was born in Middelburg, Zeeland. Mother's background laid back in Overschie, near Rotterdam. Ten children were born out of this marriage, only Neeltje left her father and mother. She would never see them again. It was a struggle to herself as well for her father, who was plagued by many troubles in his life. His first wife, Maria Donk died soon after his marriage, as wel as their first born son after two weeks. Mother and child were buried in the same grave in The Hague. Jacobus was inconsolable. 
36293-c46cae616d033ae6e863f38782af3e5c.jpg
Where else grow tulips the best? (Remark; Welcome is written in Dutch !!)

Father Jacobus Anthonie Klercq was a most faithfull "dominee" of the Christian Reformed Church, after his study at The Hague he ministered churches in Bruinisse, Zuid Beyerland, Den Helder and Huizen. He was a socialy concerned clergyman who established together with local officials a "School with the Bible" in Den Helder, the school still exist to this day. For many people he had a word of attention, his preaches were a comfort to a worried soul. Altruistic as he was, he helped people in needs. His dead was a long struggle of servere illness during more than two years, while a daughter nursed her father all that time, till his last breath. Of these last hours exist a dramatic report by an elderman of his church, written in beautyfull 19th century notation. 
36293-931d352846ecd205d4d5692ca2326299.jpg
Friendly Holland City in Springtime

The life of Neeltje and Cornelis Jacobus Doorn in Holland City is rather unkown to the family. Contact was lost after so many years. A new generation was born. They adapted a different way of life, descendants became American. The name of Klercq is vanished, only the Doorn's set on their name. On this blog you will find a complete view of the family of Jacobus Anthonie and his wife Maayke. (See Klercq Middelburg, left columm, scroll down to <De kinderen van de Dominee>.)
36293-f99fd07e2f74c54371f326fc311b37ec.jpg
Flower makes your day happy.
(News)
After an intensive and succesfull search after all, I found Neeltje and her husband Cornelis in the files of Ellis Island Records. Old papers open easely by the blessings of modern communication today. It must has been 26th of november 1910 when Neeltje and Cornelis shipped in on the ss Nieuw Amsterdam, a Holland-Amerika Line passengersvessel and set sail to New York with her first born child Jacob, where they arrived about 11 days later on the 5th of December 1910. On festivalday of St. Nicolaas, when children are spoid with small presents. For baby Jacob there where no presents, father had too little money with him. The $30,-- in his pocket was aimed for other purposes. Neeltje Klercq was at the time 29 years, her husband Cornelis Jacobus 27 years and little Jacob had just became 1 year old.

It was three years after their marriage, they came to the decision to immigrate to Amerika. Why they choose for Holland Michigan is unclear, non of the thirty immigrants, from Hungary, Austria, Russia, Holland and Germany, on board travelled further on to this region, so
wellknown in The Netherlands. This arrival must have feld as a kind of coming home for this young couple full of plans and ideals. Its thanks to the records of the immigration board we now know how they looked like. A family in fair complexion, husband 182 cm tall, blond hair, brown eyes. Wife 172 cm tall, blond hair, blue eyes, the boy looked alike his father.

Cornelis Jacobus Doorn was a printer at the time, his mother Hendrikje Visser possessed the bookstore of her husband Jacob Doorn, who was a printer as well and publisher together in Huizen, an old city near the IJsselmeer not far from Amsterdam. Cornelis and Neeltje have lived for a short period in Naarden, because as we know son Jacob was born there. How Neeltje met Cornelis is not difficult to image. Father Jacobus Anthonie Klercq was pastor in Huizen at the Christian Reformed Church.   

Here ends the story of Neeltje and Cornelis, after their departure from The Netherlands, nothing more came to the knowledge of the family in the homeland. Only the mourning card of Neeltje's father is telling us, that his beloved daughter was moved to the USA, what set me to this never lasting search. We don't know if there has been born more children, weither son Jacob has married, or descendants will still live in Holland Michigan. I won't be surprised, one of these days a Doorn pops-up on Facebook.  

(News)
There is news again, from the archive of Family Search this time. After Neeltje and Cornelis arrived in America, there aim was to find a job in Michigan, not without a reason they choose for Grand Rapids, Kent, because members of the Doorn-family moved before them to the United States in particulary to this area.

Two children are born after son Jacob. A sister Marie (P) Doorn born presumably on 16th of March 1916 in Grand Rapids, where she died at the repectable age of 91 years on the day of 31 january 2008. A year after the birth of Marie a brother joined the family, Henry Doorn he was called in 1917. Where he lived or died is not known untill now.  
 

36293-0d98bd1aaae2c9f76e409e505e011c92.jpg
A city without flowers is a dull city

There is much more to tell about the Klercq-dynasty. The earliest Klercq found until now is Louwerens Klercq, born in 1711, Roosendaal, Noord Brabant. By four brothers the Klercq's spread out in the second generation to Dordrecht, Willemstad, Dinteloord, Roosendaal and Rotterdam. Surprising connections are found, for example in Dordrecht, the famous Dutch painter Johannes Vermeer is connected sidewise to the family. In New York (Nieuw Amsterdam) we discovered Alexander Klercq who married Femmetje van Borsum, he lived for many years at south side of Wallstreet, where the NYSE is build. Among his friends are early members of the Roosevelt family. (See story; A Klercq in New York)

Two clergymen are in the family; Jacobus Anthonie of Middelburg and Willem Klercq of Dinteloord, many more "dominee's" joined the family by marriages. One of the sons of Louwerens Klercq is Cornelis Klercq, a coppersmith and fire-enginemaker appointed in 1782 to the Abbey of Middelburg. Jacobus Anthonie is his grandson. In a way, more or less, most of the Klercq's are of Zeeland descent. 

36293-0c69a4c81f322442ec789b9fa325d577.jpg
Nelis' Dutch Village, a themed touristic park, at James street Holland

Servicepoint

Source Information

See lots of videoclips of Holland Michigan at; http://vimeo.com/hollandsentinel/videos/sort:date
See all of Nelis' Dutch Village at; http://www.dutchvillage.com
Would you like to share the news of Holland Michigan? Visit; http://www.hollandsentinel.com

© 2011 Albert Prins
36293-7fb1924692335ff2617f9a0f0b18d404.jpg
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door albert65 om 00:00 9 reacties Reageer op dit bericht

Arjaan kan niet zonder zijn geld

Arjaan kan niet zonder zijn "gheld" (nov. 1944)
 
Op de Vlasmarkt was het bericht ook doorgedrongen welk een misère te wachten stond, nu de dijken doorgebroken zouden worden voor de bevrijding van Walcheren. In Middelburg ontstond een nerveuze stemming. Met de aanstormende Engelse en Canadese legers viel niet te spotten. Maar wat zouden de Duitsers gaan doen, nu ze in het nauw gedreven werden? De Duitse Wehrmacht raakte in paniek, ze wisten niet waar ze hun troepen moesten samentrekken.

Maar nog meer bang waren ze voor de gevolgen wanneer ze verslagen zouden worden. Geruchten deden de ronde dat Duitsers afgeslacht konden worden, hun toekomst zag er somber uit. Het deed hun magen ineen krimpen van de zenuwen. Want hoe arrogant of krijgshaftig ze ook waren, bijna allemaal waren het maaglijders. Het IJzeren Kruis bood daar geen redemie voor.

36022-3d702aacc4e8dd952d455208ac87c237.jpg
De invasie is aanstaande

Tante Leintje met haar man Arjaan de Visser en hun zoon Cassaan, woonden op de Grôôte Abêêle, even buiten Middelburg, zij begrepen dat het nu menens werd. Hun land en boerderij kwam zonder twijfel onder water te staan. In optocht zijn ze met koeien, paarden en het spekvarken te voet naar Middelburg vertrokken. Het vee stond, her en der in de stad, tijdelijk gestald in allerhaast opgetrokken stallen van de gemeentebedrijven.
36022-384d6e9c1da3368bf9be6f4fab3079b1.jpg
Landingsvaartuigen aan de Walcherse kust

Op de Vlasmarkt kon familie de Visser bij de zuster van Leintje, een kamertje op zolder krijgen.  Betje en Theeuwes kregen het druk in huis. Niet alleen woonden drie van de vier kinderen nog thuis. Nu bevolkte ook zwager Jaap met zijn vrouw Jans, en broer Louw met zijn Leu het huis, terwijl hun zoon Joost met Martje een plekje in de winkel hadden gekregen. De winkelvoorraad was zo sterk geslonken dat er wel een woon-slaapkamer van gemaakt kon worden.

Niet alleen was het inschuiven op de Vlasmarkt. Voor Middelburg was de toestroom van gezinnen uit omliggende dorpen zo groot, dat in korte tijd het inwonertal verdubbelde. Terwijl er toch al grote woningnood heerste als gevolg van het bombardement in mei 1940, toen de hele binnenstad in puin geschoten was. Ieder huis zat nu tjokvol met ooms, neven, nichten, tantes en hele stellen "ghuus."

Het was dus krap geworden in 't clijn Paradijs. Dat betekende inschikken, bestaande onenigheden even vergeten, maar ook niet teveel over elkaars onhebbelijkheden zeuren. Arjaan en Cassaan aten op hun boers, broer Louw stoorde zich daar stevig aan, Bure de Troye stond erop dat ze met zilver bestek en linnen servet aan tafel zat. Jaap had op z'n tijd een neut nodig, Martje zette de schoenen van Joost buiten op de gang, waarop Betje ze even prompt weer binnen zette, en Martje vervolgens die zweetvoetengeur weer buiten de deur zette. De plee zat regelmatig verstopt, de mannen verveelden zich en de vrouwen deden het huishouden. Op de binnenplaats was een grote tafel neergeplant waar gezamelijk werd gegeten. Achteraf vond iedereen het de mooiste tijd.   

36022-ed78a6cceff020541b158942bf3bbaf1.jpg
Een jonge Duitse soldaat in benarde positie

Het water kwam. De dijk bij Westkapelle was na zware bombardementen doorgebroken, met desestreuze gevolgen voor een deel van de inwoners. Meer dan 42 mensen zijn omgekomen in de molen aan de dijk.  Toch bleek de overstroming niet snel genoeg te gaan, waarop enkele dagen later bij Veere en Vlissingen ook gaten in de zeewering werden geslagen. Walcheren stond nu blank, Middelburg bleef droog, omdat het hoger is gelegen.

Arjaan was niet gerust over de toestand van zijn achtergelaten boerderijtje. De eerste nacht kon hij de slaap al niet vatten. Hij had Leintje in haar slaap aangestoten, slaperig vroeg ze wat aan de hand was. "Mien gheld bin 'k vergete mee te neme," zei Arjaan klaarwakker. De volgende morgen moest en zou hij naar de Grôôte Abêêle gaan. Zijn vrouw probeerde hem van dat hachelijk avontuur af te houden. De tocht zou veel te gevaarlijk zijn, want overal hadden zich Duitsers verschanst, die van de zenuwen op alles en iedereen konden schieten wat verdacht was.

36022-4eb7cd4962ecb093e32c7f4006c22f0c.jpg
Het enige vervoermiddel

"Doe ét nie, Arjaan, 't is veel te gevaerlik, ze kunne je wel doôd schiete," smeekte Leintje. Haar dringend beroep bereikte Arjaans gezond verstand niet. "Kan me niks schele, ze schiete me toch nie raek. Ik kiek wel uut. En as ze schiete gae 'k bukke." Koppig als een Zeeuwse boer liet Arjaan zich niet van de wijs brengen. "Mae' as ze joe noe wel doód schiete, dan 'eb ik joe nie' meer." Leintje probeerde nu op zijn gevoel in te werken, ook daar liet Arjaan zich niet door verleiden. "Dan 'eb jie mien 'gheld te minste nog. 'k Gae toch."

Arjaan leende een roeiboot en vertrok, de hele familie in grote onrust achterlatend. Ze hadden hem nog nageroepen; "Arjaan....., en jie kan nie eens zwemme." Arjaan hoorde die laatste waarschuwing niet meer. Zijn geld vond hij veel belangrijker. In kortdate overmoed roeide hij het hele eind van Middelburg naar de Grôôte Abêêle, over wegen die nu onder water lagen.
36022-13d06521f95254e0a3c1c80d21e6526f.jpg
De overstroming bracht onbeschrijfelijke ellende

Het huis stond er gelukkig nog, de schuur had wel wat schade opgelopen, dat deerde hem minder. Het water stond tot halverwege deurhoogte. Door de waterdruk en aangespoeld wrakhout kreeg hij de deur niet open. De ronddrijvende dode kippen en de verdronken hond van de buurman zag hij gemakshalve over het hoofd. De stank van ontbinding was niet te harden.

Dan maar door het raam, de ruiten waren toch al gesneuveld. Voor zijn geld had Arjaan alles over. Strompelend en duikelend in de koude novemberwater bereikte hij zijn doel; de kast naast de bedstee in de woonkamer. Het geldkistje was er gelukkig nog, en de papieren van de verzekering ook. Drijfnat klauterde Arjaan weer in zijn bootje. Op zijn gemak roeide hij terug naar Middelburg. De kogels hadden hem niet rond de oren gevlogen. "Zie je wel, dacht Arjaan, alle zeurg om niks gewest."


Op de Vlasmarkt stond de familie Arjaan nieuwsgierig op te wachten, van al die belangstelling was hij niet gediend. Met zijn kistje stevig onder zijn arm, joeg hij iedereen de kamer uit. Jaap had hem nog plagerig gevraagd; "En, Arjaan wat zit er allemaal in je kistje?" Dat was genoeg reden om niemand tot de woonkamer toe te laten. Arjaan moest "zien gheld" tellen. Daar had hij geen pottenkijkers bij nodig. Gelukkig... alles zat er nog in, alleen waren de papieren flink doorweekt, maar wel bruikbaar.
36022-5e94c2c1ea98b7c6854b3945d5608a5d.jpg
Arm verweesd paard, door kou bevangen

Rond de kachel spande Arjaan een paar touwtjes, waar hij met wasknijpers het geld te drogen hing. Geduldig zat hij al die tijd te wachten tot het geld droogde. Dat duurde wel een tijdje. Alle aanbiedingen van een kopje koffie, tot een sneetje zoete koek wees hij resoluut van de hand. Voor alle verleidingen bleef de deur op slot. Op een gegeven moment ging de deur dan toch op een kiertje open. Arjaan had een strijkplank en strijkbout nodig, het nut daarvan was niet moeilijk te raden.

Benieuwd naar de uitkomst van de operatie, zat de familie in de keuken verbannen, in afwachting van Arjaans mededeling over zijn rijkdom. Die nieuwsgierigheid werd niet beloond. Arjaan opende voor geen goud zijn kistje en zijn mond bleef zo gesloten als een oester. Rijk is Arjaan niet gestorven, maar "an zien gheld" moest niemand komen.

36022-680fa41c7c8a5f38eb78b17436b53846.jpg
De pronkkachel in de "nette" kamer

© 2011 Albert Prins
36022-7fb1924692335ff2617f9a0f0b18d404.jpg
Servicepoint;
Videoclip;
3D Animation Middelburg bef. 1940 (1.01 min) http://youtu.be/KFkB_lq8H4
Videoclip; 3D Animation Middelburg bef. 1940 (1.51 min) http://youtu.be/1bXxXyhk4bc
Videoclip; Liberation of Walcheren 1944 (11.54 min) http://youtu.be/XAL4s2fCFb8

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door albert65 om 00:00 Reageer op dit bericht

't clijn Paradijs

't clijn Paradijs

't clijn Paradijs op de Vlasmarkt stamt uit de 17de eeuw, waarschijnlijk gebouwd rond 1680, of zelfs veel eerder, want bewijsstukken van de bouw ontbreken. Het is wel duidelijk dat hier sprake is van koppelbouw, omdat het pand bestaat uit een voor- en achterhuis, wat verbonden wordt met een binnenplaats. De achtergevel op de binnenplaats is dus de eerste fase van het huis, met vermoedelijk een overdekte houten trappartij, zodat de verdiepingen bereikbaar waren. Dat spaarde ruimte in huis, bovendien was het eenvoudiger te construeren.

Het huis is gebouwd in Vlaamse Renaissance stijl met een trapgeveltje, dat op het hoogste punt vertikaal is versterkt met ingekast metselwerk. Een paar huizen verderop, richting Markt op de hoek bij de Penninghoek, staat een huis met nagenoeg identieke gevel, genoemd; Het Paeken, eveneens een 17de eeuws pandje. Schuin aan de overkant van de straat, woonde voor de oorlog Mauritz Cohen met zijn gezin, de Joodse koosjere slager en huidenhandelaar. In de oorlog is de familie weggevoerd en nooit meer weergekeerd, alleen zijn dochter wist alle oorlogs ellende te overleven. Eva Louise is later naar Amerika geëmigreerd. 

35694-59cef8b7bb15d246a336975e6d6111f9.jpg
Uiterst links 't clijn Paradijs, rond 1890, nog vóór de periode "Klercq"

Dat de trapgevel behouden is gebleven mag uitzonderlijk worden genoemd, want in de 18de en 19de eeuw verdwenen deze typische Hollandse- Vlaamse trapgevels vaak, om plaats te maken voor lijstgevels. Eén van de redenen was dat veel van deze gevels scheef trokken, of dreigden om te vallen vanwege de verzwakte constructie. Buiten dat raakten ze ook uit de mode. En als men het zich enigzins kon veroorloven werden die vervangen door fraaie krullerige rococolijsten aan de gootlijn.
35694-23ef7019cbc417cadc11e542cfb9a9ba.jpg
De Vlasmarkt vanaf de Markt gezien. rechts de winkel van Van Keulen, verderop Mandenmakerij Klercq, 1935

De gevel is opgetrokken in Zeeuwse moppen, een kloeke metselsteen van lichtrood bakkende klei. De stenen werden aangevoerd uit de omgeving of uit het Vlaamse land. Horizontaal lopen zogenaamde speklagen van een harde zandsteensoort. Boven de ramen zijn gebogen rollagen ingemetseld en het bovenste raam wordt extra versierd met een kroonrollaag, waardoor de druklast op de vensters wordt verminderd. De kozijnen zijn fors uitgevoerd met zogenaamde blokstijlen en dorpels, waarin schuiframen zijn opgenomen met een grote roedeverdeling.

Het schilderwerk is uitgevoerd in traditioneel streekgebonden kleuren. Zandgeel voor de kozijnen, melkwit voor de ramen en aan de ondergevel is gebruik gemaakt van groen-blauwe olieverf bij de voordeur. Olieverf heeft de eigenschap dat het na verloop van tijd, door de zon een prachtige matte patina krijgt, maar ook blazen kan gaan vertonen, wat voor kwajongens aanleiding geeft de bollende blazen door te prikken.

Het pand heeft slechts twee verdiepingen, daardoor is het geen indrukwekkend patriciërshuis. Maar door vorm en verhouding past het allercharmantst in het straatbeeld. De stoep is gelegd in gezoete dikke Naamse hardstenen platen, die door de druk van de tijd zijn gaan verzakken en scheuren.

35694-1caf328a2db07279784620b3104f5f06.jpg
Vlasmarkt 1940, net voor het bombardement. Tegenover van Keulen lag de slagerij Cohen.

Het huis is na vertrek van opoe en opa Klercq drastisch verbouwd door hun opvolger, meneer Versluis. Een man die van buiten Middelburg kwam, uit de Alblasserwaard. Hij had geen enkele binding met 't clijn Paradijs. Radicaal heeft hij huis gehouden, alle ingewanden, kamers, alkoven heeft hij laten verwijderen. Het moest modern en praktisch worden. Zelfs de zo legendarische binnenplaats moest eraan geloven, de plek waar gefeest was, waar tijdens de watersnood de geëvacueerde families samen kwamen om te eten.

Dit was ook de plek waar verliefde stelletjes hadden staan keuvelen en maar geen afscheid van elkaar konden nemen, bij het zwakke schijnsel van een petroleumlampje. Totdat opoe het genoeg vond en zei; "t Is tied 'oor!" waarna ze demonstratief het lampje uitblies. Hier stond het ook elke donderdag volgestald met degelijke boerenfietsen, want opoe had op de marktdag er nog een handeltje bij.

35694-6c08b4a6e9b44a8b6a03089a116fc94e.jpg
Reconstructie tekeningen Voor- Achtergevel Vlasmarkt 46

De sloop gaf heel wat tumult, vooral bij opa Theeuwes. Maar tja...., hij had er niets meer over te vertellen. Het huis moet van al dat verwoestend geweld hebben gekermd van de pijn. Alle aangekleefde verhalen, alle emoties van groot en klein leed, het plezier, de lol, de geest van alle voorgaande bewoners, wat ons huis tot een thuis maakte, het is met ziel en karakter verloren gegaan. Het verleden is met puin en gruis naar een onbekende bestemming afgevoerd.

Weg was nu ook de spookachtige plek op de trap, waar ik oude geesten vermoedde en daarom op een holletje, bijna struikelend over de treden, snel toevlucht zocht in de bedstee. Rap de dekens over mijn hoofd trok, in de hoop veilig te zijn voor nog engere wezens. In de strakke nieuwbouw hoef je daar niet meer bang voor te zijn. De spoken zijn vermoord.

35694-9be6a6dee0199137c934044a88f755eb.jpg
Restaurauratie 1977, samenvoeging Vlasmarkt 46-44

Veel later is opnieuw de sloper het huis binnengetrokken. Toen is de achterbouw flink ingekort en teruggebracht naar de oudst bekende achtergevel. En of dat nog niet genoeg was is in de jaren '70 de rechter zijgevel verwijderd, waardoor het huis is samengevoegd met dat van de dames Mattena. Nu bestaat nog slechts de oorspronkelijke voorgevel als kitscherig decorstuk, van een ontmanteld verleden. Hoever kun je gaan tot aanvaardbare geschiedenis vervalsing?
35694-2174812695670d7fa1867c960ac48b32.jpg
Mijn moeder Corrie Klercq, bij haar geboortehuis, nu een wat rommelige meubelwinkel, 1994

© 2011 Albert Prins

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door albert65 om 00:00 Reageer op dit bericht

Betje was geen hooimeid

Betje was geen hooimeid

In het Middelburg van rond 1900 bestond een zorgvuldig opgebouwde burgelijke klasse. Een struktuur van wel zeven sociale lagen zorgde voor ingewikkelde verhoudingen, die onderling geen amicale toenadering verdroeg. De bovenlaag werd gevormd door notabele families, van hogere en lagere adel, of lieden die zich daarbij aangetrokken voelden omdat ze een dubbele familienaam voerden, of op andere wijze een belangrijke positie hadden verworven.

De "Mevrouw" van de families beschikte over personeel voor de huishouding, een knecht was aangesteld voor onderhoud aan de tuin. Dat was wel nodig ook, want zo'n familie bewoonde een royaal huis aan de Dam, Herengracht of ergens aan de buitensingels een of andere villa met een park rondom. Nog deftiger was de dame wanneer ze weduwe was van een adelijke heer, haar titel van douairière oversteeg alle normale deftigheid. 

35084-fbdd2ba3a73f0835cb84f96e17cba641.jpg
Dienstbode 1894 Schilder Isaac Israëls

Betje werkte als dienstbode bij een burgelijke familie aan de Herengracht. Een betrekking die veelvuldig voorkwam, waar ook veel vraag naar was binnen de gegoede burgerij. De familie kreeg zelfs meer aanzien, wanneer de dienstmeid gekleed was in Walcherse of Middelburgse streekdracht.
Het begrip dienstmeid had geen negatieve betekenis, net zomin als knecht. Het waren normale beroepsaanduidingen. De dienstmeid werd voor van alles en nog wat ingezet. Van de straat schrobben, ramen lappen, koken, koper poetsen, de kinderen verzorgen tot het doen van boodschappen, want de "Mevrouw" behoorde geen dagelijkse beslommeringen uit te voeren. Zij  verscheen uitsluitend in genomeerde "Magasins" voor de aankoop van japonnen of discrete kledingstukken. 

Er werd onderscheid gemaakt tussen inwonende dienstbodes en dagmeisjes. Voor de arbeidsvoorwaarden bestonden ongeschreven regels. Naast het loon mochten de dienstmeisjes bij het serveren van het diner een fooi ontvangen van de gasten. Deze fooien waren soms relatief hoog, wanneer de gast bereid was een gul gebaar te maken, wat op discrete wijze bij vertrek in de hand werd toegestoken. Een gulden bleek een mooie beloning. Bij gefortuneerde families waren zelfs meerdere meisjes in dienst voor verschillende taken. Het hoogtepunt van deze dienstbetrekking lag tussen 1910 en 1935, daarna daalde het aanbod van dienstbodes, omdat vrouwen ook andere beroepsmogelijkheden kregen. Deftige dames uit hogere kringen spraken bij de high-tea onderling over het "dienstbode-probleem," waar met de komst van Duitse dienstmeisjes een oplossing voor werd gevonden. Na 1950 is het beroep van dienstmeisje praktisch uitgestorven. 

35084-4636ec867353e503523502af68cda491.jpg
Dienstbode aan huishoudelijk werk

Maar niet in Maastricht, waar de kerkmeester van de Onze Lieve Vrouwebasiliek een huishoudster in dienst had, die er op stond zich te kleden in klassiek zwart dienstbodetenue, inclusief witte schort met broderie afgezet, met bijbehorend diadeemkapje. Ze diende in een huis waar een roemrijke geschiedenis aan verbonden is. "Kijk daar heb je Saartje van Swiebertje," riepen toeristen en wilden met hun kind op de foto. Heel beslist weigerde Marie-Thérèse deze banaliteit. Op dat moment sprak ze Frans, waar de dagjesmensen niet op rekenden. Marie-Thérèse negeerde het lompe gedrag waar toeristen te vaak mee behept zijn, die het maar niet kunnen begrijpen dat er culturele waarden bestaan waar respect voor getoond moet worden.     
35084-42cf7020828a4d131d738f97f2aa7f92.jpg
Dienstbode in klassiek tenue

Betje was geen meid waarmee te sollen viel. Haar gevoel voor rechtvaardigheid bracht haar meermalen in problemen, wanneer ze van zich af sprak. "Zo'n brutale meid hoeven we niet meer," zei de "Mevrouw," waarop ze  kon vertrekken. Wat was het geval? Betje kwam op voor haar recht. Hoe weinig daar ook sprake van was voor het 19de eeuwse arbeidersmilieu. Ze had nederig te luisteren naar de wensen van "Mevrouw," die onbetwist de baas was. Voor verbaal verzet kreeg de meid zonder pardon congé. Nederigheid is nooit Betje's eerste eigenschap geweest, ze was zelfbewust, ze wilde hoger opkomen.
35084-d152d5f20ec086244177f43c0fb4b658.jpg
Mevr. Besier-Klercq uit Haarlem vraagt een Keukenmeid
in de Rijnbode van 10 april 1907

Eén van Betje's taken was het doen van de dagelijkse boodschappen. Zo had ze een lijst van adressen af te lopen voor inkopen bij de slager, de bakker, banketbakker en de groenteman. Voor specialiteiten kwam ze terecht bij Cornelis Klercq op de Pottenmarkt, de winkel voor banket, koekjes en zoetigheid. Daar moet ze voor het eerst de verlegen knappe jongeman hebben ontmoet. Theeuwes die om het hoekje van de deur keek, recht in de opmerkzame ogen van Betje. Over en weer zal een nieuwsgierige spanning voelbaar zijn geweest. Wat dat betekende moest Theeuwes nog begrijpen, hij was nooit eerder verliefd geweest. Voor Betje was dit een teken voor nader onderzoek. Deze bescheiden aardige jongen wilde ze beter leren kennen, waarop ze vaker een smoes bedacht, de winkel van Klercq te bezoeken.
35084-94d4b4c0259f86379a33ad7ea82f014a.jpg
Theeuwes Klercq in Militaire Dienst omstreeks 1912

Het initiatief voor een rendez-vous moest wel van Betje komen. Theeuwes was nogal schuchter, om er niet van te spreken dat hij last had van besluiteloosheid. Voor Betje was het ook haar eerste amoureuze ontmoeting. Haar scherp opmerkingsvermogen liet er geen twijfel over bestaan, dat deze jongeman eerlijk en oprecht was. Een goed karakter bezat en daarmee de man naar haar hart zou kunnen zijn. Na het eerste afspraakje volgden er nog vele meer. Hoe amoureus ze zijn geweest bleef hun geheim. Openlijk zal het nooit tot vrijages zijn gekomen. Een welgemeend kusje bij het afscheid gaf voldoende blijk van genegenheid. Nadat ze kennis hadden gemaakt met wederzijdse ouders konden ze zich vrij als vriendenpaar vertonen. De verkering was "an."
35084-0af91fe41ba7ea0d10514be35ef4ec4a.jpg
Veere lonkt voor Theeuwes en Betje

De verkering zal niet hebben geleid tot vrijpostigheden. Daar was Betje toch al niet van gediend, ze was een fatsoenlijk opgevoed meisje. En als Theeuwes al de moed had, wat niet in zijn aard lag, handtastelijk te worden dan moest hij een veelvoud aan rokken overwinnen. Zover zal het nooit zijn gekomen. Betje zou gezegd hebben; "Pas op voor mien krulle!" De afwijzing voor onverhoedse toenadering was daarmee overduidelijk. Fatale gevolgen konden zo uitblijven. Belangrijker was de genegenheid voor elkaar, de Victoriaanse preutsheid was nog lang niet overwonnen. Over "zaken" werd niet gesproken, dat zou later wel komen, wanneer ze getrouwd waren. Trouwens hoe en waar zouden ze "het" gedaan moeten hebben. Betje was geen hooimeid, ze waakte scherp over haar kuisheid. Maar toen ze tegen elkaar zeiden "Ik 'ouw van joe," toen was geen weg meer terug. Die belofte stond voor een levenlang, wat ze allebei liefdevol in stand hebben gehouden. Dus er kon nu getrouwd worden. 

© 2011 Albert Prins

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door albert65 om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Theeuwes en Betje trouwen in 1913

Het huwelijksfeest van Theeuwes en Betje

34989-80b363c567fbef0c6887ef3bf2c63d7b.jpg
Panorama van Veere. Hier woonden Theeuwes en Betje de eerste jaren van hun huwelijk.

Een tijd geleden stond een artikel in de krant over huwelijksfoto's, naar aanleiding van een expositie bij Galerie T, aan de Turfkaai in Middelburg, onder het motto; "Van stijf staatsieportret tot vrolijke trouwreportage."  En, wat schets onze verbazing? Pront en fier staat een huwelijksfoto van Theeuwes en Betje in de krant. De fotograaf heeft een mooi arrangement samengesteld; een wit empire bloementafeltje, op het blad staat een kristallen tuilvaasje met een boeketje bloemen. Het vaasje staat ietwat oneerbieding op de huwelijksbijbel, naar we mogen aannemen. De achtergrond laat een op doek geschilderd idyllisch landschap zien.

Daar staan ze dan, jong, fris en vol verwachting, de wereld ligt voor hen open in 1913. Nog ongewis wat de toekomst enkele jaren later zal bieden,. Van een Eerste Wereldoorlog was nog geen sprake, van de crisisjaren daarna konden ze nog lang niets vermoeden.

Theeuwes poseert; Hij is een knappe jonge man van 25 jaar, met een volle snor, kort geknipt bebophaar blijkt in de mode te zijn. Vriendelijke ogen kijken je aan, er staat een oprechte uitdrukking op zijn gezicht. Voor de belangrijke dag is hij goed gekleed in een stijlvol kostuum met een stijf collarboordje aan zijn overhemd. Een mooie stropdas staat bollend tussen de revers. Zijn hand rust zorgzaam op de schouder van zijn jonge vrouw. Fotograaf Henning zal hem diplomatiek gewezen hebben op deze houding.

En daar zit Betje in al haar volle pracht in de Middelburgse streekdracht. Het past haar perfect. Strak in de taille, ruime rokken in de volle lengte, opgetuigd met al haar gouden sieraden. een volslank krachtig postuur, een fijn gevormd gezicht met heldere pientere ogen. Ze poseert als een mooie pronte Zeeuwse vrouw die duidelijk aanwezig is. Kortgeleden is ze 24 jaar geworden. Samen zijn ze een schitterend paar op de belangrijkste dag van hun leven.

34989-b5da0bed517e23bc93dabe566b29fbd1.jpg
Het bruidspaar op 12 november 1913

Hoe het bruiloftsfeest is verlopen weten we niet, maar naar goed burgerlijk gebruik zal het er aan niets ontbroken hebben. Daar valt wel een voorstelling van te maken. Opoe zal centjes opzij hebben gelegd in de voorzienigheid dat zo'n feest in de papieren loopt. Voor opa was dat van minder belang, hij hield zich niet met geldzaken bezig. Dat liet hij aan zijn vrouw over. Betje zal hem er wel op gewezen hebben ook een bijdrage te leveren aan de spaarpot, daar was hij dan weer wel volgzaam in.

Voor het feest zal het een aan- en afrijden van koetsjes zijn geweest, daar in Veere. Want in dat oude havenplaatsje werd het feest gegeven, nadat het huwelijk in Middelburg was ingezegend. Zo toevallig was het niet dat het feest in Veere werd gehouden, want ze gingen hun intrek innemen in Zanddijk. Een klein gehucht aan de invalsweg naar Veere. Van Jacob de Bruijn, een schoolkameraad die een paar huisjes had geërfd na de dood van zijn ouders, kon Theeuwes een huisje huren. Ze waren er wat blij mee.

34989-26933648c9d9f1f3f661e681409e7329.jpg
Een huifkar bij de oude Botermarkt in Middelburg

Op het feest waren natuurlijk de families van beide kanten aanwezig. Van de Klercq-en kant; broer Cornelis, Rinus, Johan, Ko en Joost met aanhang. Van de familie Joosse ontbraken; Evert, Louw, Willemien, Jans en Leintje vanzelfsprekend niet. Ook met vrouw of echtgenoot in gevolg van hun kinderen. Pa Cornelis met moeder Pietje Bruins en Joost Joosse met zijn vrouw Pietje Tange zullen als ouders het bruidspaar iets extra hebben toegestoken. 

Vooraf waren de uitnodigingen verstuurd. Dat bleek altijd een nerveuze toestand te zijn. Niemand mocht vergeten worden, ook geen vrienden of goede bekenden of anderen die een belangrijke rol in hun leven speelde. Wee je gebeente, als Betje dat niet op orde had. Een hoog oplopende ruzie zou daar het gevolg van kunnen zijn, dat ongetwijfeld nog jarenlang kon nasudderen. Een "utnoôdigieng" moest wel officieel ontvangen zijn, anders werd je niet "verwacht." En als je niet "verwacht" werd dan verscheen je ook niet op het feest. De dunne lijn van fatsoen, kon snel een open zenuw raken.  

Het zaaltje zal versierd zijn geweest met kleurige papieren slingers en lampionnen. Een groot bord met de tekst "Leve het Bruidspaar" hing prominent boven de versierde stoelen van het kersverse bruidspaar. Verder was er genoeg te eten en te drinken, daar mocht het nooit aan ontbreken. beter teveel ingekocht, dan te weinig brood, bolussen, krentebollen, cadetten en gebak op tafel, wat wel door de beste bakker geleverd moest worden. De familie zou er nog lang over napraten, als er gebrek zou zijn. Of wanneer de verkeerde bakker of slager geleverd had. Maar daar hoefde niemand bang voor te zijn. De vader van Theeuwes was één van de beste bakkers in Middelburg, bovendien winkelier in zoet- en snoepgoed, waardoor de kinderen ook aan hun trekken kwamen.
34989-a51177a119bf25b7fd83c9fcffc23ca6.jpg

Met sterke drank moest je wel voorzichtig zijn. Er waren familieleden bij die hem zo gezegd wel lusten. Daarom werd die voorraad beperkt gehouden tot zoete rode wijn, een advocaatje en boerenjongens op sap voor de dames. Voor de kinderen stond een flinke pot vruchtenbowl en ranja klaar. De mannen moesten het doen met één fles jonge klare. Te lollig moest het nu ook weer niet worden, het zou niet "passen" wanneer de polonaise omsloeg in een dronkenmansdans. Van dansen was so-wie-so al weinig sprake in serieuze Gereformeerde kringen. Broer Louw, van Betje, zou meteen ingrijpen. Als voorzanger in de kerk had hij een funktie hoog te houden, waarbij hij uit zelf opgelegd verantwoordelijksbesef de "nette" moraal wilde behouden.

Na de polonaise, wanneer de stemming op het hoogst was, zullen er "stukjes" opgevoerd zijn. Samenzang zal hebben geklonken met zelfbedachte jolige teksten over de karaktertrekken van het jonge bruidspaar. Betje moest daarbij een beetje ontzien worden, ze was snel geraakt op een minder prettige eigenschap. Tantes duwden hun zenuwachtig kind naar voren voor het declameren van een ingestudeerd gedichtje. Met een aarzelende buiging, dankbaar voor het applaus, en met een rode kleur op de wangetjes van de opwinding, schoten ze schielijk terug naar hun veilig plekje bij mama.

34989-e14bf82f133333cf5440552b3b7a6b5d.jpg
Zanddijk in oude tijden

Tegen het eind van het feest zal broeder Louw een uitgebreid dankgebed hebben uitgesproken, waarbij hij de nodige goedertierenheid des Heeren afsmeekte. En dat vele zegeningen zouden moge nederdalen over het jonge bruidspaar, gepaard gaande met de vreugdevolle ontvangst van een grote kinderschare. Dat ook een goede gezondheid hun deel moge zijn en het jonge paar ontzien zou worden van al het "Kweade in de Weareld." Na het verlossende "Amen," zal het feest voor twaalf uur zijn geëindigd. De gasten moesten voldaan en tijdig huiswaarts keren. De volgende dag riep de plicht weer. Bij Leintje moesten de koeien gemolken worden, Pa Cornelis kon zijn winkel geen dag langer sluiten en Rinus moest zijn melkwijk weer bedienen met zijn hondenkar.

Zo stel ik me voor hoe dat feest is verlopen.

© Albert Prins
Servicepoint;
Wilt u meer te zien over Veere en Zanddijk, kijk dan op http://www.stichtingveere.nl
Wilt kennismaken met Galerie T in Middelburg? kijk dan op http://www.galerie-t.nl/
Videoclip; Beautifull Veere, Mooi Veere; (3.44 min) http://youtu.be/dFwi0XapljQ

Opmerking over polonaise;
De polonez was aanvankelijk een langzame Poolse dans in 3/4 maat, die in het Frans werd vertaald als polonaise. Het gebruik van de dans is later veranderd is een dans waarbij men in een lange sliert achter elkaar aan host, met de armen op de schouders van de voorganger. Een polonaise kan ook een Pools, <later Frans>, modekledingstuk betekenen. Voor vrouwen was dit een strak lijfje met een lange schoot. Voor mannen een korte nauwsluitende overjas. De uitdrukking "aan mijn lijf geen polonaise" komt van het dragen van dit strak nauwsluitende kledingstuk. Het heeft dus niets van doen met de dans.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door albert65 om 00:00 9 reacties Reageer op dit bericht

The English Lady

The English Lady

Opa's verkooptalent was niet van dien aard dat hij daar een carrière van wenste te maken. Betje, zijn vrouw had hem zelfs verboden nog in de winkel te komen, nadat hij de kleine Corrie, die rustig lag te slapen, haar uit de wieg haalde, de kleine meid voor zolang in een paardenvoermand deponeerde en de wieg aan een klant had verkocht.
34802-4e328eb490db199992f7747131db8e8c.jpg
Zijn vrouw was woest toen ze thuis kwam en het arme kind hevig schreeuwend aantrof. Theeuwes dacht er goed aan te hebben gedaan, toen de klant geen keuze kon maken uit de enige wieg in de winkel. "k 'Eb d'r nog één," schoot hem te binnen. De klant vond de wieg helemaal naar haar zin, dus was die snel verkocht. En nog voor een lagere prijs ook, want het was een tweede handse. En Theeuwes wist niet goed wat hij ervoor moest vragen, want er zat geen prijskaartje aan!

Na dit incident vertrouwde Betje haar man niet meer de verkoop toe, daarom moest hij voortaan haar hulp inroepen. Theeuwes vond het allang best, dat gelamenteer met klanten vond hij een beproeving. Betje kon beter met mensen omgaan, daar had ze het nodige geduld voor.

34802-c92ff115ad25928b8a14823b47c6fa40.jpg
Dat geduld kwam ze op een dag tekort, toen een chique dame in de winkel stond te dralen en alle mandjes en spullen aan het betasten was. Daar was opoe voor als eerst niet van gediend, want ze wilde de artikelen zelf aanprijzen en orde bewaren in het arrangement.

Bovendien sprak de dame een vreemde taal, die dit en dat als "Wonderfull, beautyfull and everything is sóó nice," aanprees. Ook wees ze herhaaldelijk met bewondering naar de klederdracht van Betje, ze probeerde zelfs haar gouden strikken aan te raken. Van zoveel opdringerigheid was opoe al helemaal niet gediend. Ze diensde lichtelijk terug en gaf er universeel blijk van; "Blief van mien krulle af."
De dame in kwestie zag in de donkere ogen van opoe geen reden zich in te houden.

Ze bleef doorkletsen in haar vreemde taal. Betje die niet getalenteerd was in buitenlandse spraken, de kennis van lokale dialecten vond ze voldoende om de buitenlui te bedienen, begon zich flink te ergeren toen de dame nog meer wilde weten, waar ze geen antwoord op kon geven.
34802-53e6d5bf3d33c2f40cd5342551318463.jpg
Wilde deze dame nu wel iets kopen, of was het alleen maar een kijkster? Het dralen werd haar te machtig de opdringerigheid te gortig. Met een wegwuivend gebaar maakte Betje een einde aan de voorstelling. "Uh, uh, goa jie maor naor joe eige land 'oor. Ik kan joe nie verstaon hé." verkondigde ze in onversneden Middelburgs.
34802-24f15a47290b7e6b4ec65baa92c252c6.jpg
De dame begreep dat het uit was met de pret en conversatie. Ze droop bedeesd af. Later bleek het de koningin van Engeland te zijn geweest, die om de hoek op de Kromme Weele bij antiekhandelaar Bal inkopen had gedaan. Daarna maakte ze een rustig wandelingetje in de omgeving. Ze genoot van haar incognito. De onbekendheid van haar status bracht haar tot normale burgerlijke proporties, waar ze heimelijk zo op gesteld was. Maar daar nu ook onverwacht naar behandeld werd.
34802-6fce3182cbcf03283538d737992d75da.jpg
Elisabeth Bowes-Lyon, echtgenote van King George VI

Het moet een curieuze ontmoeting zijn geweest tussen de Middelburgse Elisabeth Klercq - Joosse en haar Engelse naamgenoot Elisabeth Bowes - Lyon, echtgenote van de verlegen King George VI, koningin van Engeland en Ierland en de laatste keizerin van India. Met haar spreekwoordelijk gevoel voor humor, zal de koningin thuis het voorval smakelijk hebben naverteld, onder het genot van een gin-tonic, dat tot haar dagelijkse elixer behoorde.
34802-3a22a8f2421897cec423add3135c9f3b.jpg
Queen Mom op hoge leeftijd
34802-7fb1924692335ff2617f9a0f0b18d404.jpg
© 2011 Albert Prins

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door albert65 om 00:00 Reageer op dit bericht

Een bolus vor bie de koffie

Een bolus vor bie de koffie

Zeeuwen staan erom bekend dat het zoetekauwen zijn. Mijn opa Klercq was daar geen uitzondering in. "As 't maor zoete is," was de boodschap wanneer je hem met iets wilde verwennen. Tot op hoge leeftijd bleef hij trouw aan zijn snoepzucht. Vroeger, toen hij nog mandenmaker was, ontdook hij soms stiekem zijn werkplicht, dan kon je hem zonder moeite vinden bij Kaatje-van-onder-en-boven. Kaatje had haar bijnaam te danken aan het feit dat ze vaak achter de halve deur van haar snoepwinkeltje op de uitkijk stond te lonken naar klanten. Theeuwes had een speciale band met haar, al was het alleen maar voor het enorme assortiment snoepgoed dat ze in de aanbieding had.  

Grote dikke spekken, rol- en veterdrop, zoethout, kaneelstokken, zuurtjes, pepermunt en dan ook nog van die overheerlijke verrassende tum-tum in allerlei variaties. Bovendien kon Theeuwes altijd een gezellig praatje met Kaatje maken, en dat liep doorgaans uit de hand.
Ondertussen stond zijn vrouw voor een gesloten winkeldeur. Verbaasd en een beetje nijdig vroeg ze zich af waar haar man te vinden was. Juffrouw Klerk van het alle-dingen-winkeltje aan de overkant, kon dat wel vertellen. Haar ontging niets wat op de Vlasmarkt gebeurde. "Kiek maor is bie Kaatje-van-onder-en-bove," kon ze opoe met zekerheid meedelen. Ze had Theeuwes wel zien "wegstekkeren" richting Kromme Weele. 

Daar verscheen de toornige zwarte blik van Betje in het deurgat bij Kaatje. "Wa doe jie 'ier? Moe jie nie wèrreke?" Theeuwes schrok van die plotselinge onderbreking in gezelligheid. "M'n snoeptrommetje is leeg," probeerde opa onschuldig uit te leggen. "Uh, uh, kom jie maor is mee naor 'uus. Je moet d'n deur ope' maoke, 'ier 'eb jie verder niks te zoeke." Gedwee als een stout jongetje liep opa met zijn vrouw naar huis.
34684-6b2b327d164120e398bd4c32b92f8510.jpg
Lief waren ze voor elkaar, Theeuwes toost met Betje op 50-jaar huwelijk

Nu hij in het bejaardehuis woonde hoefde hij geen verantwoording meer af te leggen aan zijn Betje. Ze was enkele jaren daarvoor overleden. Het nieuwe bejaardenhuis lag ver buiten het centrum. De afstand naar de stad was voor Theeuwes niet meer te belopen, zijn benen wilden hem niet meer zover dragen. Een bolus, een tompouce, een lekker zoet nougatinegebakje, of een pakje verse koekjes, daar was hij nog steeds goed mee te verwennen. De bolus moest dan wel van bakker Rotte komen, en het nougatinegebakje van Wolf op de Burg. Ja, ja... Klercq had zo zijn wensen. Als zoon van een bakker annex snoepwinkelier wist hij waar hij het over had.

Nu moest Theeuwes een bevriende buurman aanspreken voor de zoete boodschap. "Abram, gao jie straks nog naor d'n stad? Wil jie dan wâ lekkers voor mien meeneme'?" Abram zei gedienstig, "Tuurluk Klercq, wâ zâ 't weze? Zeg maor wâ jie wil 'ebbe." Maar Abram bleek loslippig te zijn, hij vertelde in de recreatiezaal; "Nou zeg, die Klercq neem 't er ook wel van. Gister 'eb ik nog een tompouce voor 'm moete haole." Dat kwam Klercq vanzelf ter ore. Het was gedaan met Abram, voortaan hoefde die niets meer voor hem mee te brengen uit de stad. Abram vroeg nog wel. "En Klercq, moe 'k nog wâ vor joe meebrienge?" Waarop Theeuwes een beetje jokte. "Nee 'oor, 'k 'eb alles nog." Tot de volgende vertrouweling ook zijn mond voorbij sprak, en daarmee van zijn lijstje boodschappers werd afgevoerd. Ze moesten niet over Klercq kletsen.  

34684-88de900ed91c6bfd462a5de37ff8ee88.jpg
Bakker Boer uit Kloetinge bakt de lekkerste bolussen.

De bolus is een specifiek Zeeuws streekgerecht, het staat zelfs op de nominatie verheven te worden tot beschermd Europees streekgerecht. Het gebak heeft de laatste jaren aan erkenning gewonnen, zo veel zelfs dat er een jaarlijkse bakkerswedstrijd aan gewijd wordt. En de kwalificaties om in de prijzen te vallen zijn niet mals. Het lijkt een simpel produkt maar het moet wel gebakken worden van een luchtig soort brooddeeg, dat in een speciale sliert gespiraleerd wordt opgerold, het is nog steeds handwerk. De bolus moet zacht en mals zijn, een beetje spekkig en vooral zoet en stroperig van de suikerstroop en kaneel
34684-368353badc57d7c92e691e5b65b62f9f.jpg
Een bolus voor bie de koffie

Zeeuwen zijn er dol op, de bolussen ontbreken dan ook nooit bij een koffietafel, huwelijk of begrafenis. Probeer dan maar geen namaak voor te zetten, de gasten zullen het niet waarderen. Succes kent vele vaders, dus de bolus kan degraderen tot een smakeloze hap. Daar wordt nu dus voor gewaakt door een vakkundige jury.
34684-74a4b1363034a0bd2b81092f0ea4a741.jpg
De zware keuring voor een echte bolus.

De herkomst van de bolus gaat terug tot de eerste helft van de zeventiende eeuw, toen Sefardische Joodse bakkers uit Portugal toevlucht vonden in Zeeland. Het woord 'bolus' is ontleend aan het jiddisch, de internationale Joodse taal. Het kent ook afgeleide woorden. In het Spaanse betekent "bollo" een fijn broodje, of "bola" voor een bal of bol.

De bolus is door Joodse bakkers over de hele wereld verspreid. In New York worden in tal van delicatesse-shops bolussen verkocht, even stroperig, zoet en mals als de Zeeuwse bolus. Maar wel zoeter en tot wel twee keer zo groot. Amerikanen houden nu eenmaal van "oversized." In Jeruzalem worden ook veel bolussen verkocht. Zelfs in Moskou leveren twee Joodse bakkersfamilies de lekkernij, alleen zijn ze daar dan weer kleiner van formaat, In Parijs, de stad van culinaire buitennissigheden bij uitstek, zijn ze eveneens te vinden, zelfs tot in Zuid-Frankrijk etaleren Joodse bakkers de bolussen in een mandje. Dicht bij huis is in het Zuid-Limburgse Noorbeek een bakker te vinden die een fantastische bolus "draait." Ik vroeg hem hoe dat zo gekomen is. Hij bleek met een bevriende bakker uit Zeeland enkele recepten te hebben uitgewisseld. 

Ook heel Zeeuws zijn bruine bonen met uitgebakken spekjes, overgoten met suikerstroop, rijkelijk bestrooid met kaneel, misschien een snufje nootmuskaat erbij. Het smaakt me voortreffelijk. Wellicht is dit ook van Joodse origine, want zoet en kaneel, daar moet de oorsprong liggen.

34684-37074ab53bf88f3c653ff72a8ab0f140.jpg
Een prinsesselijke poging om een bolus te "scoren"

Maar wat te zeggen van Harry Bolus (1834-1911). Bestaat die dan...? Jazeker....! Harry, een geboren Engelsman uit Nottingham, emigreerde naar Zuid-Afrika. Daar is hij een beroemd botanicus, schilder van planten en bloemen, beurshandelaar en philantroop geworden. Veel planten en bloemen zijn naar hem "bolusia-" vernoemd. Samen met zijn broer Walter stichtte hij de Bolus Bros. Comp, waar hij fortuin mee maakte, waardoor hij een omvangrijke botanische collectie en bibliotheek kon opbouwen. Zijn bezittingen heeft hij geschonken aan de Cape Town University waar hij ook oprichter is geweest van de South African Philosophical Society. 
34684-2b5d0ac8b4a0d10cb030b568e88b1c9a.jpg
Harry Bolus; 28 april 1834-25 mei 1911

http://www.uct.ac.za/depts/bolus

© 2011 Albert Prins

Servicepoint;
Recept voor Zeeuwse bolussen zie;
http://www.bakkerboer.nl/recept_zeeuwse_bolus.htm
Meer over Bakker Boer uit Kloetinge, zie; http://www.bakkerboer.nl
Zeeuwse recepten, restaurants, evenementen, etc. zie; http://www.zeeuwseziltezaligheden.nl
Videoclip; Bolusbakker bij Life and Cooking (3.30 min) http://youtu.be/dqlbh4BzU3E

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door albert65 om 00:00 Reageer op dit bericht

Cornelis de Bakker

Cornelis Klercq; alias de Bakker

Huizen en beroepen spelen vaak een belangrijke rol in families. Zelfstandige beroepen kunnen vrijheid geven, creativiteit ontplooien, iets extra's verdienen en daarmee bijvoorbeeld een huis kopen. Het was in vroeger tijden dan ook meer regel dan uitzondering, dat een huis werd gekocht. Een huis huren was voor het armere deel van de bevolking. Zo handelden de Klercq-en in de loop der tijd levendig in huizen. Het voorbeeld van Cornelis Klercq en zijn dochter Hermina uit Dordrecht is daar een eminent voorbeeld van. Hoe ze het voor elkaar kregen is een raadsel, maar je zou ze nu kunnen betitelen als vastgoed-magnaten.
Cornelis Klercq de Oude uit Middelburg, onze brandspuitmaker uit omstreeks 1750, kocht ook huizen. Kadestrale- en notariële archieven zijn een geweldige bron van  informatie, waar het gaat om te achterhalen wie eigenaar of bouwer van een huis is geweest.

34648-c0355c7c3df4c2305610f18cb1a6114c.jpg
De Kromme Weele in Middelburg rond 1890, met rechts de toenmalige Banketbakkerij van J.J. Bal. In de verte is de Seisdam te zien.

Veertien jaar moet Cornelis zijn geweest, toen zijn moeder Wilhelmina Gal de jonge knaap hem dienstwillig heeft aanbevolen bij de Meesterbakker Johannes Bal. Cornelis moest maar een vak leren, waar altijd vraag naar zou zijn, dat gaf zekerheid aan het bestaan. En waar zou deze jongeman beter terecht kunnen dan bij bakker J.J. Bal, die een uitstekende reputatie genoot in het burgerlijke Middelburg. Bovendien bezat de bakker ook een aantal lieftallige huwbare dochters, je wist maar nooit hoe het balletje bij Bal  kon rollen. Moeder Wilhelmina had een voorzienige zo niet berekenende blik op de toekomst van haar zoon.   
34648-a9d22ddef366c6b2ab4876c81f529fa7.jpg
Het Lambrechtstraatje tussen de Korte Noordestraat en de Penninghoeksingel, gezien vanaf de singel.

De voorvader van Cornelis, die natuurlijk ook Cornelis heette, en we voor het gemak de Oude noemen, erfde een huis in de Lambrechtstraat op nr L-100 van zijn ouders, dat hij in 1784 verkoopt aan Nicolaas Wilkens du Bois, en jawel hoor, broodbakker van beroep, voor ƒ 600,-. Het duurt daarna ruim 60 jaar eer het huis weer in bezit van de familie Klercq komt, wat is af te leiden aan de geboorte van Johannes Cornelis Klercq die in 1844 in dit huis wordt geboren. Ook onze Cornelis ziet in dit huis een jaar later het levenslicht in 1845. Hij zal in dit huis zijn gezin stichten met Pieternella Bruijns.

Met een korte onderbreking, want tussen 1882 en 1883 verhuist het gezin Klercq-Gal,  worden al zijn kinderen in dit kleine verbindingsstraatje geboren. Zelfs opa Theeuwes Klercq laat op zondag 26 augustus 1888 hier van zich horen. En wat wil nu het geval?
Nadat opa Theeuwes Klercq zijn mandenmakerswinkel van de hand deed aan meneer Versluis uit de Alblasserwaard, kocht hij een huisje aan de Penninghoeksingel. Ook dat huis was van een bakker geweest. Bakker Visser uit de Korte Noordstraat. Wat hebben de Klercq-en toch met bakkers? Zijn die beter te vertrouwen?

Enfin, opa Klercq moet geregeld langs zijn geboortehuis hebben gewandeld, want het Lambrechtstraatje ligt om de hoek van de Penninghoeksingel. Daar heeft hij nooit met een woord over gesproken! Zijn grootvader en grootmoeder zijn in dit huis zelfs overleden. Wat is dat met opa? Geen belangstelling voor je verleden? Neen, daar is hij nooit mee bezig geweest. Wat geweest is, is geweest. Toch blijkt het nu een aardige gedachte te zijn, waar de familie sporen achterlaat. Wanneer ik nu door dit onbeduidende straatje loop krijgt het opeens een heel andere betekenis.
34648-daf0769136892b819326705447b53837.jpg
Cornelis Klercq. de vader van mijn opa Theeuwes, blijkt een gewaardeerd bediende te zijn bij meneer Bal. Cornelis is inmiddels getrouwd, niet met een dochter van de bakker, maar met Pietje Bruijns. Er zijn al vier kinderen geboren. Allemaal jongens, vier in getal, waarvan hij helaas één, na 3 maanden en 2 weken, heeft moeten afstaan aan de dood. Het vijfde kind is op komst. Het blijkt weer een jongentje te zijn  Catharinus, die bekend wordt als Rinus van de Gravenstraat, maar daarover later meer te vertellen.

Cornelis heeft ambinties, de rest van zijn leven als knecht door het leven gaan is niet zijn voornemen. Nog enkele jaren houd hij het vol bij bakker Bal, dan wil hij voor zichzelf beginnen, zoals dat heet. Enkele jaren treedt hij in dienst bij bakker Brouwer op de Pottenmarkt, dat is goed om het vertrouwen van de bestaande klanten te winnen. Bakker Brouwer is op leeftijd, hij heeft besloten zijn zaak van de hand doen. Cornelis is de beste candidaat. Zijn dienstjaren bij Bal geven een goede garantie op een vertrouwde opvolging.
In 1891 is het dan zover. Met een annonce in de krant brengen de heren ter kennis aan het clientèle dat de zaak is overgenomen door C. Klercq. De winkel wordt opgeknapt, het assortiment uitgebreid met suikerwaren van "den heer A. Schagen," waarmee Klercq eenig depot in Zeeland voert. Exclusiviteit is het motto. Brood blijft hoofdzaak, banket voor de verwennerij bij koffie en feesten, chocolade en suikerwerken als luxe. Boterbabbelaars zal Cornelis uit eigen atelier leveren, net als de suikerwerken voor de Paasdagen en Sinterklaas.  
34648-31f0d5fbd5afacfd7a496819e8e80dcf.jpg
Aankondiging van overname door Cornelis Klercq.

Wat een aantal jaren later gebeurd, weten we niet. Maar Cornelis verhuist met zijn Banketbakkerij naar de Gravenstraat. Moet hij bezuinigen? Zijn de lasten op de Pottenmarkt niet meer op te brengen? Is de concurrentie te groot? Cornelis is niet de enige bakker in de stad. Tientallen bakkers proberen een bestaan te handhaven. In bijna alle straten van het centrum is wel een brood- en banketbakker te vinden. Vanaf 1897 woont het gezin in de Gravenstraat op nr I-194. Dit huis is niet meer terug te vinden. De hele straat inclusief directe omgeving is met het Duitse bombardement op Middelburg in mei 1940 met de grond gelijk gemaakt. Na de verwoesting is een nieuwe Gravenstraat ontstaan. Een oude prentkaart laat nog iets zien van de vooroorlogse situatie. 
34648-1f22f60e85552b0aa22922bcc25844eb.jpg


34648-b496c92a8ff20807a902d524fde18ad4.jpg
Cornelis Klercq 1845-1922, 76 jr                          Pieternella Hendrika Johanna Bruijns 1840-1934, 94 jr

Cornelis en Pietje Bruijns in betere tijden. De burgerlijke welvaart is af te lezen aan deze portretten. Opoe Bruijns, zoals ze gekend was bij haar kleinkinderen, woonde de laatste jaren van haar leven in het Gereformeerde Rusthuis op het Bolwerk, aan de rand van Middelburg, in een parkachtige omgeving. 's Zondag maakte Theeuwes met zijn vrouw Betje en hun kinderen een "ommetje" over de Bolwerken. Al "kuierend" wandelden ze langs het Oude Mannen- en Vrouwenhuis, waar opoe Pietje voor het raam zat te wachten op hun komst. De kinderen "bejourden" naar opoe, zij wuifde vriendelijk terug.  
34648-f98cfce267f4c37c1ecf1ace3595d933.jpg
De Gravenstraat van voor de oorlog
34648-e281aaba85e44a1dd49372c67c18f4d2.jpg
Boerenvrouwen bij bakker Van Boven op de Pottenmarkt. Eén vrouw en de kinderen zijn in rouwkleding
34648-5ef6eac9c10a5cc81948afd8ca735103.jpg
Een deel van de Pottenmarkt, aansluitend op de Grote Markt. Dit deel van de Pottenmarkt is in mei 1940 verwoest door het Duits bombardement.

© 2011 Albert Prins

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door albert65 om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Le Cercle Klercq

↑ Terug naar de berichten