Vrijdag 13 oktober 2017
Vijf jaren weggegooid
Op 10 juni 1819 was Oosterhout een inwoner rijker.
Die dag werd namelijk Cornelis van den Heuvel geboren.
Het gezin zou later 7 kinderen hebben, waarvan er één vroeg stierf.
Vader Philibert en moeder Johanna Klaassen probeerden voor die kinderen te zorgen.
Al gauw leerde Cornelis om stoelen te matten.
Riet zó proberen te vlechten, dat het een zitting voor een stoel werd.
Hij maakte er zijn beroep van, ook toen hij getrouwd was.
Zijn liefde vond hij in Elisabeth Verhulst, een Oosterhoutse.
Samen gingen zij wonen in het Kegelstraatje, een zijstraat van de Heuvel.
Dit straatje heet nu Heuveleind en gaat naar Arendshof.
In die buurt, wijk D nr 349), waren veel pottenbakkerijen.
Zij hebben ook enkele jaren gewoond in wijk A, achter de Sint Janbasiliek.
In Oosterhout kregen ze drie kinderen: Maria, Philibert en Johanna.
Het eerste kind stierf 10 weken na de geboorte.
Kort na de geboorte van hun derde kind, verhuisden ze naar Zevenbergen.
En daar maakte Cornelis een fout, een verschrikkelijke fout.
Hij werd gearresteerd en veroordeeld voor "Aanranding der Eerbaarheid".
Het vonnis was op 24 november 1850 in de Arondissementsrechtbank te Breda.
En op 8 januari 1851 werd hij veroordeeld door het Provinciaal Gerechtshof.
De aanklacht was: Openbare schennis der eerbaarheid of zedelijkheid".
"Eerloos en vijf jaren tuchthuis" was de straf, die hij kreeg.
Nog diezelfde dag werd hij "ingeschreven en overgenomen uit het Huis van Justitie".
De overbrenger / transporteur was marechaussee Gelen.
J. Hakker was verantwoordelijk voor zijn aanname in 's Hertogenbosch.
Dat was een zwarte dag in het leven van het gezin Van den Heuvel.
Of beter gezegd: Vijf zwarte jaren in dit jonge gezin.
29 juni 1851 is hij van 's Hertogenbosch overgebracht naar de mannengevangenis in Woerden.
Hier stond een gebouw, Het Kasteel genaamd, waar hij de straf verder uit zat.
Dit gebouw was rond 1410 als burcht gebouwd door hertog Jan van Beieren.
Deze hertog was ook heer van Woerden.
Daar zat hij waarschijnlijk alleen in een cel, een kleine cel.
Want in 1851 werd van hogerhand eenzame opsluiting ingevoerd.
Zijn gegevens werden in een groot boek geschreven.
De verantwoordelijke daarvoor was de directeur, zeer waarschijnlijk de heer F.F. Canneel.
Hij kreeg een volg- en kledingnummer: 132 .
Zijn nummer in het signalement-register was 28-246 .
Vermoedelijk heeft hij de volle straf van vijf jaren uitgezeten.
Na zijn straf ging Cornelis terug naar Zevenbergen, naar zijn vrouw en kinderen.
Er kwamen nog drie kinderen bij: Hendrikus, Jan en Pieter.
Of hun verdere leven over rozen is gegaan? Laten we het hopen.
Geschreven door Ad Bol om 17:39

