Met
ingang van vrijdag voor Palmzondag, 15 april, staan er in de palmenstad
Elche 30 kramen waar mensen hun kunstwerkjes van palmtakken kunnen
kopen.
Het
is een traditie om in Semana Santa palmtakken te kopen, al dan niet
verwerkt als kunstig stukje groen. Of eigenlijk wit, want het gaat
meestal om gebleekte palmbladeren. Behalve bewoners zijn het vooral
bezoekers van de processies die de palmtakken kopen. De eerste
geschriften over “Diumenge de Rams” stammen uit 1371 en de witte
palmtakken uit Elche worden al eeuwenlang geëxporteerd over de hele
wereld.
mana Santa: toerisme en devotie gaan hand in hand


Vrijwel iedereen in Spanje kijkt uit naar Pasen.
Voor velen betekent de Semana Santa de eerste vakantie sinds
begin januari. Voor horeca-ondernemers aan de kust betekent dat ze voor
het eerst sinds die moeilijke winterperiode weer eens kunnen rekenen
op veel klandizie. En voor gelovigen betekent het dat ze zich gedurende
een week met hart en ziel kunnen overgeven aan de herdenking van het
paasverhaal.
In deze economisch moeilijke tijden zijn de Paasdagen misschien nog wel
belangrijker dan ooit. Hotels en restaurants, die in de winter
gesloten waren, gaan nu weer open en ontvangen tijdens de Paasweek de
eerste stroom toeristen van het jaar. Deze toeristen vinden aan de
Costa Blanca zonder overdrijving voor elk wat wils: aangenaam weer,
strand en zee, lekker eten en voor de broodnodige paassfeer een bezoek
aan een mooie processie. Het zijn vooral steden als Alicante, Elche en
Orihuela die reclame maken met dat totaalplaatje. De processies - hoe
vroom en devoot de deelnemers ook zijn - zijn de laatste jaren meer en
meer een toeristische trekpleister geworden. Zo heeft de
palmenprocessie in Elche sinds eind jaren negentig de titel ‘van
internationaal toeristisch belang’.
Als nuchtere Noord-Europeanen kijken wij soms wat raar aan tegen al die
heiligenbeelden en processies. Toch is het bezoek aan zo’n processie
een unieke manier om iets dichter bij het wezen van Spanje te komen.
Het Spaanse katholieke geloof heeft iets kinderlijks en staat haaks op
het wat strengere en soberder protestantse geloof dat in delen van
Nederland de overhand voert. In Spanje is men dol op vergulde beelden,
wonderen, relieken en andere versierselen die het geloof tastbaarder
maken. Een processie waarbij een beeldengroep van een scène uit het
Nieuwe Testament wordt meegevoerd, onder begeleiding van stemmig
tromgeroffel en sfeervol kaarslicht doet vele gelovigen, die de rest
van het jaar nauwelijks in de kerk te vinden zijn, herinneren aan hun
devotie voor Jezus Christus en de maagd María.
Hoewel tot in het kleinste dorp van de provincie Alicante sfeervolle
processies bij te wonen zijn, zijn er een aantal processies die eruit
springen en die extra de moeite waard zijn om te bezoeken.
Dat is ten eerste de al genoemde palmenprocessie in Elche. Op
Palmzondag wordt herdacht dat Jezus en zijn leerlingen in de stad
Jeruzalem aankwamen en daar met veel enthousiasme werden onthaald door
de bevolking.
Ze werden toegewuifd
met olijventakken en palmbladeren. In Elche, de palmenstad bij uitstek,
maakt men al minstens zeven eeuwen versierde palmtakken, die tijdens
de palmenprocessies in heel Spanje worden meegedragen.
In sommige plaatsen gaat de stilteprocessie vrijwel naadloos over in de
Kruisweg, die na middernacht of in de vroege ochtend van de vrijdag
gehouden wordt. Hier lopen de gelovigen langs de staties van de
plaatselijke kruisweg en herdenken zo de Via Crucis van Jezus.
Goede Vrijdag is in Spanje misschien wel de meest belangrijke dag van
de religieuze kalender. Het is dan ook een nationale feestdag. Op deze
dag vinden de grootste processies plaats. Alle broederschappen en alle
beeldengroepen gaan de straat op. Deze processie is erg mooi in
Crevillente, waar beelden van Mariano Benlliure worden meegedragen en
misschien nog wel mooier in Murcia, waar de bekende achttiende-eeuwse
beeldengroepen van Francisco Salzillo worden meegedragen. Deze laatste
processie begint al ‘s morgens om acht uur, de andere Goede
Vrijdagprocessies zijn doorgaans ‘s avonds.