Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
d'Waalfilm
d'Waalfilm
http://dwaalfilm.eu
Waarom de terugweg altijd korter lijkt dan de heenreis

Waarom de terugweg altijd korter lijkt dan de heenreis
Vakantiegangers die huiswaarts keren, vinden de terugreis vaak korter duren dan de heenreis. Dit terwijl de afstanden en de werkelijke reistijd hetzelfde zijn. Twee Nederlandse psychologen laten nu zien hoe deze zinsbegoocheling ontstaat.
Het heeft te maken met verkeerde verwachtingspatronen, stellen de deskundigen in het vakblad Psychonomic Bulletin and Review. "Mensen zijn vooraf te optimistisch over de reis", zegt Niels van de Ven, psycholoog aan de Universiteit van Tilburg. "Ze onderschatten de reistijd, waardoor het een stuk langer duurt dan verwacht. Het gevoel dat het erg lang duurde, vormt de basis voor de verwachting over de terugreis, die dan juist meevalt."Van de Ven en zijn collega Leon van Rijswijk van de TU Eindhoven onderzochten een kleine 360 personen. Onder hen waren mensen die per bus naar de huishoudbeurs of de Efteling gingen, en studenten die een fietstocht naar een bos maakten. Voor hun gevoel duurde de terugreis tot wel 22 procent korter dan de heenreis. Hoe zwaarder mensen de heenreis vooraf hadden onderschat, des te lichter bleek de terugreis te vallen.
Het maakte niet uit of de deelnemers terugreden via dezelfde of via een andere, even lange route. Terug voelde altijd korter. Volgens een oude theorie duurt reizen in een bekend landschap gevoelsmatig korter, omdat de reiziger weet welk deel van de afstand hij al heeft afgelegd. Maar de onderzoekers zagen dat mechanisme niet bevestigd.
Met hun bewijs voor de verkeerde verwachtingen hebben de onderzoekers een belangrijk deel van de illusie verklaard, reageert Douwe Draaisma. Maar volgens de hoogleraar geschiedenis van de psychologie in Groningen en schrijver van het boek 'Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt' speelt er ook nog iets anders mee: vermoeidheid. "Als je fris bent, sla je meer in je geheugen op dan als je moe bent. En mensen schatten een beleefde tijdsduur meestal aan de hand van de hoeveelheid opgeslagen herinneringen. Ook om die reden lijkt de heenreis langer dan de terugreis."
Bovendien: als mensen op reis gaan, zien ze erg naar hun nieuwe bestemming uit. Dit gaat gepaard met ongeduld, waardoor de reis ergerlijk lang lijkt te duren. Op de terugreis speelt dit veel minder, denkt Draaisma, omdat mensen niet zo opgewonden zijn over hun thuiskomst.
De onderzoekers vermoeden dat hun bevindingen niet alleen van toepassing zijn op reizen. "Een Amerikaanse collega zei al dat hij het voorlezen van een boekje aan zijn kinderen de tweede keer korter vond duren dan de eerste", zegt Van de Ven.
De psycholoog hoopt de nieuwe kennis te kunnen inzetten om wachttijden gevoelsmatig te verkorten, door ze in te delen in twee periodes: een lange, gevolgd door een korte. "Misschien houden mensen er dan toch een goed gevoel aan over."
7 Franse pareltjes aan de kust

7 Franse pareltjes aan de Atlantische Oceaan
Neem een grote hoeveelheid charmante vissersdorpjes, een handvol bekende badplaatsen, voeg er wat prachtige landschappen aan toe en breng dit alles op smaak met buitengewone culinaire hoogstandjes. Proef en geniet van de exquise Franse westkust!
1. Honfleur (Normandië)
Aan de monding van de Seine, tegenover Le Havre, de op een na grootste stad van Normandië, ligt het romantische kunststadje Honfleur met zijn smalle, middeleeuwse steegjes en zijn talrijke historische gebouwen. Hier is de impressionist Eugène Boudin geboren en vond ook Claude Monet zijn inspiratie. Bezoek zeker de prachtige Sainte-Catherine kerk, de grootste houten kerk van Frankrijk, en ga slenteren in het pittoreske haventje met zijn vele gezellige restaurantjes.
2. Trouville en Deauville (Normandië)
Op een twintigtal kilometers ten zuiden van Honfleur ligt het gezellige vissersdorpje Trouville. Ga er na een dagje aan het strand kuieren in het pittoreske haventje of rondslenteren in de kleine, smalle straatjes. Steek ook eens de brug over naar het iets chiquere Deauville en bewonder er de talloze Belle Époque-villa's. Niet te vergeten is het jaarlijkse Festival van de Amerikaanse Film van Deauville dat dit jaar van 3 tot 12 september plaatsvindt. Honfleur, Trouville en Deauville liggen op twee uur rijden van de Franse metropool Parijs.
3. Perros-Guirec (Bretagne)
Aan de grillige kusten van de Côtes d'Armor ligt het gerenommeerde Bretonse badplaatsje Perros-Guirec met zijn drie fijne zandstranden en prachtige panoramische uitzicht over Les Septs Îles, zeven eilanden die een belangrijk vogelreservaat herbergen. Breng een bezoek aan de indrukwekkende Côte de Granite Rose, een rotskust van roze graniet, en laat je smaakpapillen in een van de talrijke restaurantjes genieten van de exquise Franse keuken.
4. La Rochelle (Poitou-Charentes)
Absoluut een bezoek waard is het adembenemend mooie havenstadje La Rochelle met zijn sfeervolle binnenstad en gezellige Vieux Port. Hier kun je op de vele terrasjes genieten van de Franse zon en een prachtig uitzicht op de haven en de Atlantische Oceaan. Bezoek ook de Port des Minimes, de grootste haven voor plezierjachten van Europa.
5. Saint-Martin op het eiland Île de Ré (Poitou-Charentes)
Voor de kust van La Rochelle ligt het prachtige eiland Île de Ré. Je reist er heen via de drie kilometer lange tolbrug die het eiland sinds 1988 met het vasteland verbindt. Saint-Martin is een van de vele gezellige vissersdorpjes met historische bezienswaardigheden en een levendig pittoresk haventje.
6. Biarritz (Aquitaine)
Biarritz is wellicht de meest bekende en meest mondaine kustplaats van de Zuid-Franse Atlantische kust. Het aanvankelijk arme vissersdorpje werd wereldberoemd toen Napoleon III er de residentie Hôtel du Palais liet bouwen. Biarritz heeft heerlijke stranden en met zijn woeste golven is deze Frans-Baskische badplaats ongehoord populair bij surfers. Biarritz behoort dan ook tot de beste surfplekken van Europa.
7. Saint-Jean-de-Luz (Aquitaine)
Even ten zuiden van Biarritz, op een tiental kilometers van de Spaanse grens, ligt het historische vissersplaatsje Saint-Jean-de-Luz met zijn gezellige straatjes en zijn kleine beschutte haventje. Hierheen kwam de jonge koning Lodewijk XIV om er in 1660 Maria-Theresia van Spanje te huwen. Geniet van het mooie uitzicht over de hele Baskische kust en van de overheerlijke macarons (amandelkoekjes), de plaatselijke specialiteit, waarvoor naar verluidt ook de Zonnekoning zou zijn gezwicht.
(Orbiville.be)
Lissabon

Langzaam door Lissabon
In Lissabon hoef je geen haast te hebben. Neem het pittoreske trammetje 28 en stap af waar je maar wil. Voor een terrasje, het uitzicht of om van de sfeer van de oude stad te genieten.
De gele of rode boemel uit 1910 met ouderwetse zwaaihendel baant zich al piepend, puffend en krakend een weg door smalle, klimmende straatjes. Soms zijn die steegjes zelfs zo nauw dat de voetgangers met hun rug tegen de muur gaan staan en hun adem inhouden als ze het bekende 'ting ting'-geluid in de verte horen. Vaak staat een auto op de rails en moet de trambestuurder op zoek gaan naar de boosdoener.
De meeste toeristen rijden maar een eindje mee en je kan bijvoorbeeld opstappen op het plein Praço do Comércio. Op de tram kan je een ticketje kopen voor een enkele rit (2,50 euro), maar heb je echt de smaak te pakken, dan kan je met de Lisboa Card (24 uur voor 17 euro) overal op- en afstappen. Een andere mogelijkheid is de 7 Colinas Card, die voor 0,50 euro te koop is in de metrostations en je voor 2,90 euro kan opladen voor een hele dag onbeperkt rijden.
De leukste haltes
Voordeel aan de Eléctrico 28 is dat je op die manier niks van alle hoogtepunten moet missen. Vanaf het Castelo de São Jorge ligt heel Lissabon aan je voeten, je kan er heerlijk ronddwalen en de zonsondergang meepikken. 's Zomers is het kasteel tot 21 uur open.
Een ander mooi uitkijkpunt of 'miradouro' is Santa Luzia in de volkswijk Alfama, waar bewoners sardientjes buiten grillen en het wasgoed hangt te drogen. Je kan er turen over de Taag en de kathedraal Sé in al zijn pracht bewonderen. In Alfama kan je onder meer lekker eten in het Pois Café, aan de Rua São João da Praça, waar ook veel hip volk uit Lissabon komt. Nog twee adresjes om te chillen in Alfama: Loja 14.18 aan de Rua da Adica en Portas do Sol aan de Largo das Portas do Sol.
In Baixa moet je afstappen als je wil shoppen. Neem hier de Elevador de Santa Justa, de door Eiffel ontworpen lift, en ga winkelen in de Rua Augusta. In de Rua Conçeicão barst het van de schattige snuisterwinkeltjes.
De Bairro Alto is 's avonds de levendigste wijk. Nergens vind je zoveel bars en cafés als hier en mensen staan tot 's avonds laat buiten met een plastic bierglas in de hand, keuvelend en altijd goed gezind. Zoals in het Alface Hostel in Rua do Norte of bij Maria Caxuxa aan de Rua da Barroca met livemuziek. Wat stijfdeftiger is A Brasileira, het bekendste en weelderig gedecoreerde koffiehuis van de stad, in de rua Garett.
Hapjes
Nog in de Bairro Alto bevindt zich boven de Glória-lift op het uitzichtspunt Miradouro de São Pedro de Alcantara een terras waar bezoekers kunnen genieten van een panoramisch uitzicht over het Castelo de São Jorge en het historische centrum van Lissabon. Bestel er typische Portugese hapjes, zoals de roomgebakjes 'pastel de nata', kwarktaarten van Sintra (queijadas) en de 'pasteis de bacalhau' (stokvis). Bairro Alto is ook de naam van een boetiekhotel aan de Praca Luis de Camoes. Je slaapt en eet er voortreffelijk en het dakterras levert één van de mooiste uitzichten op.
Tram 28 passeert ook nog langs de Jardim da Estrela, één van de mooiste tuinen en een perfecte plek voor een picknick. Eind- of beginpunt is het Cemetério de Prazeres, het kerkhof waar de doden in huisjes liggen begraven.
Vijf routes
Lissabon telt in totaal vijf tramroutes: 12, 15, 18, 25 en 28. Op lijn 28 zie je het meest, maar ook interessant is Carreira 12, die onder meer langs Castelo de São Jorge en Alfama passeert. Lijn 15 is de enige vlakke lijn langs de oever van de Taag.
Heerlijk weer in Alicante

Zalig mild in Alicante
Nog enkele dagen zin in zon? Sinds kort zijn er vanuit Brussel, Charleroi, Luik én Oostende rechtstreekse vluchten naar Alicante aan de Spaanse Costa Blanca. De badplaats, met in de winter zalig milde temperaturen, heeft zoveel troeven dat je er gerust enkele dagen kan doorbrengen.
Mooie promenade
De brede en opvallende Esplanada naast Postiguet is een toeristische attractie op zich. De boulevard herbergt 6.600.000 marmeren stenen. Er zijn rode, witte en zwarte steentjes. Die kleurencombinatie laat een aparte indruk na, maar het zijn vooral de hoge palmbomen aan weerskanten van de Esplanada die opvallen. Wij ruilen die eerste dag echter het drukke Postiguet voor het noordwaarts gelegen strand van San Juan. Het is het favoriete strand van de lokale inwoners, maar wordt steeds vaker bevolkt door toeristen. Het brede strand heeft bovendien de beste restaurants. Zelfs 's avonds draaien ze op volle toeren. In Casa Julio, naar verluidt een van Alicantes vijf beste restaurants, laten we de sangria rijkelijk vloeien. Het eten is uitstekend, maar eerlijk is eerlijk: met zo?n droomuitzicht zou zelfs het verorberen van een hotdog een luxe zijn.
Piraten en kanonnen
Vanuit elke hoek van de stad wordt het landschap bepaald door kasteel Santa Barbara en de 166 meter hoge Mount Benacantil waarop het gebouwd is. Vooral 's avonds levert dat, door een sublieme verlichting, een extra mooi beeld op. Het kasteel kent een duizend jaar oude geschiedenis. Het werd talloze malen gebombardeerd, eerst door de Fransen in 1691, bijna honderd jaar later door de Britten. Het bewijs daarvan bevindt zich in de zandstenen muren: enkele kanonskogels zijn er blijven steken. Een bezoek aan dit kasteel loont de moeite. Je kan er 180 graden ronddraaien en zowat de hele stad en zelfs de verderop gelegen steden overschouwen. Dat was eeuwen geleden ook handig om piraten in het snotje te houden. Alicante was immers een stad die vaak werd aangevallen door piraten. Om die reden werden er verderop, in de grotten aan de baai, wachttorens gebouwd.
Stadspark
De stadsarchitecten hebben sinds een paar jaar het kasteel 'gelijmd' aan de stad met een (steil) voetpad dat in feite een park is: Parque de la Ereta, met cactussen, palmbomen en een hip restaurant dat enkel 's weekend de deuren opent. Het pad loopt over in de Santa Cruz-wijk, waar schattige, dicht opeenstaande witte huisjes voor een unieke sfeer zorgen. Vanaf hier gaat het steil naar beneden via verscheidene trappen. De talloze Maria-beelden op en tegen de witte muren zijn restanten van de processie die hier jaarlijks plaatsvindt.
"Dit lijkt misschien het oudste gedeelte van de stad", zegt onze gids, "maar het is het niet. Het is wel het meest typische. Hier komen weinig toeristen, maar veel van de toeristen die er kwamen, zijn hier wel blijven wonen."
Mummies aan het strand
Alicante telt ook enkele musea, zoals het prestigieuze Marq, waar alle archeologische vondsten die in en rond Alicante werden aangetroffen, een onderkomen kregen. Maar ons favoriete museum is van een geheel andere orde. In Museu de Fogueres staat plezier centraal. Sinds 2003 staat het in het teken van Fogueres de Sant Joan, een juni-evenement dat zowat alle inwoners van Alicante op straat brengt. De hoofdingrediënten: muziek, licht, vuurwerk, koninginnen, vuur en... fabelachtige sculpturen van papier maché van tientallen meters hoog, 'Ninots' genaamd. Ludiek zijn ze allemaal, maar de meeste zijn cartooneske personages die niet zouden misstaan in oude Disney-tekenfilms. In het museum staan de miniatuurversies ervan opgesteld, want de grote versies worden verbrand op het evenement zelf.
Shoppingparadijs
In Alicante wordt niet weinig geshopt. The place to be is de omgeving rond de Avenida Maissonave. Typisch is hier de grote keuze in leren schoenen en tassen, en uiteraard barst het van de nougatwinkels. Op talloze winkels, groot en klein, chic of stoffig, prijkt het woord 'turon' op de vitrine. Nougat. Dat mag niet vreemd zijn. Tachtig procent van 's werelds nougatproductie komt van hier. Het moslimverleden van de stad heeft daarmee te maken. De moslims durfden immers als eerste honing, amandelen en suiker combineren.
Palmen in Elche
Wie Alicante bezoekt, combineert dat meestal met daguitstappen naar naburige steden. Op 23 km ligt een van de populairste: Elche. Strandloos, dat wel, maar qua cultuur heeft het een streepje voor op de naburige badsteden. De dood en hemelvaart van de Maagd Maria wordt er sinds de 15de eeuw ononderbroken uitgebeeld in de befaamde Santa Maria basiliek.
Nog mooier is het Palmbomenpark. In Elche bevindt zich de grootste concentratie van palmbomen ter wereld: zo'n 250.000. Het waren de Arabieren die ze destijds planten en een ingenieus irrigatiesysteem ontwierpen aan de hand van greppels die het water naar de palmboomgaarden voerden. Meer dan honderd verschillende soorten zagen op die manier het daglicht. De meest fascinerende staat in het midden van de artistieke tuin Huerto del Cura. De 108 jaar oude rakker telt weliswaar één stam, maar die groeit na een meter plots uit in acht verschillende palmbomen, die zo zwaar zijn geworden dat ze vandaag ondersteuning nodig hebben. Een unicum en ontstaan op geheel natuurlijke wijze.
Naast dit werelderfgoed valt hier nog iets op: schoenen. Terwijl in Alicante nougat de vitrines siert, zijn het hier schoenen in allerlei maten en kleuren die de etalages domineren. Elche kent de grootste schoenenindustrie ter wereld. Meer dan duizend fabrikanten zijn er actief.
Driekoningen in Spanje

Kinderfeest bij uitstek: Driekoningen


Waar in Nederland en België de kerstbomen en versieringen begin januari de kast weer ingaan, is de kerstperiode in Spanje nog niet voorbij.
Want ondanks het feit dat de gemiddelde Spaanse familie de laatste jaren minder te besteden heeft, wordt toch altijd wel een spaarcentje opzij gelegd om cadeautjes te kunnen kopen voor de kinderen. Kinderen zijn heel belangrijk in Spanje en de uit de Bijbel afkomstige gebeurtenis rondom de wijzen die uit het oosten kwamen, wordt aangegrepen om de kinderen eens flink te verwennen.Eigenlijk heeft het driekoningenfeest zoals de meeste Spaanse families dat vieren, veel raakvlakken met ons eigen Sinterklaasfeest. Het wordt precies één maand later gevierd maar ook hier mogen de kinderen hun verlanglijstjes bekend maken en worden de goede gevers met een optocht verwelkomd. Vervolgens verzamelt de familie zich rond een grote mand met cadeautjes en is het uitpakken geblazen. Soms krijgen de kinderen zo veel pakjes dat ze het papier gehaast en bijna onverschillig van de cadeaus afscheuren, naarstig op zoek naar dat ene cadeau dat ze liever dan wat dan ook willen hebben. In veel gevallen is dat tegenwoordig een computerspel of zelfs een smartphone, want ook Spaanse ouders gaan met hun tijd mee en de tijd dat je een kind nog blij kon maken met lego of een boek, lijkt voorbij.
De gemeenten verzamelen in de dagen voor 5 januari via zogenaamde ‘Koninklijke postbodes’ de verlanglijstjes van de kinderen zodat de drie koningen bij aankomst al op de hoogte zijn van de wensen en het juiste cadeau kunnen uitdelen.
Het driekoningenfeest heeft zoals gezegd een Bijbelse oorsprong. In de Bijbel wordt gesproken over drie wijze mannen die uit het oosten kwamen. Ze gingen op zoek naar het pasgeboren kindje Jezus om deze ‘Messias’ cadeaus te geven. Ze volgden een heldere ster en vonden het kind uiteindelijk in een stal in Bethlehem. Ze gaven het kind goud, wierook en mirre.
Nergens in de Bijbel staat vermeld hoe de wijzen heetten en er wordt ook niet gezegd om hoeveel wijzen het ging. Maar omdat er in het Matteüs-evangelie gesproken werd van drie cadeaus werden al op de aller oudste christelijke afbeeldingen drie wijzen afgebeeld. Die drie mannen zagen er echter wel vrijwel hetzelfde uit, het onderscheid in uiterlijk kwam pas later.
In een zevende-eeuws geschrift dat wordt bewaard in de nationale bibliotheek van Parijs worden de wijzen voor de eerste keer bij naam genoemd en ook wordt hun uiterlijk beschreven: ‘Melchior, oud en met een lange baard, Kaspar, jong, blond en baardloos en Balthasar, zwart met een volle baard’. In latere afbeeldingen is dit onderscheid in uiterlijk vrijwel altijd terug te vinden, in elk geval is er altijd een zwarte man bij.
De wijzen hebben ook steeds mooiere keren aan en uiteindelijk worden ze vaak koningen genoemd.
Over
de herkomst van de wijzen is niet veel bekend. Omdat in de Bijbel
alleen ‘uit het Oosten’ staat, denken historici dat ze uit Babylonië of
Perzië kwamen.
In Spanje werd in de zeventiende eeuw een
manuscript geschreven dat de Auto de los Reyes heette. Het is een
geschrift over het verhaal van de drie wijzen, gebaseerd op het
evangelie van Matteüs. Verteld wordt hoe drie wijze mannen ieder
afzonderlijk in een ver land een grote ster zagen. Zij volgden deze ster
en ontmoetten elkaar. Samen reisden ze verder, op zoek naar de koning
die zojuist geboren zou zijn, om hem cadeaus te geven. Aangekomen in
Jeruzalem, zien ze de ster niet meer. Ze gaan naar de Romeinse heerser
Herodes en vragen hem waar ze de pasgeboren koning kunnen vinden.
Herodes weet het niet maar hij vraagt de wijzen wel of ze hem, als ze
het kindje vinden, willen informeren zodat hij de nieuwe koning ook kan
komen vereren. Herodes heeft van zijn eigen raadgevers gehoord dat er
een Messias zou komen en hij is dus op zijn hoede. Het
zeventiende-eeuwse geschrift, dat bewaard wordt in de Biblioteca
Nacional in Madrid, stopt hier.
Het verhaal van de drie koningen
was altijd al geliefd in het katholieke Spanje maar het kreeg nieuw
leven ingeblazen toen de Spaanse theoloog Gaspar Fernández de Ávila in
de achttiende eeuw de Auto de los Reyes gebruikte als bron voor een
gedicht van twaalf strofen. Het gedicht ging over de kindertijd van
Jezus Christus en het werd heel populair in Spanje. Het is dit gedicht
dat de aanleiding was tot de opvoering van het Driekoningenverhaal in
het dorpje Cañada in het binnenland van Alicante. Al sinds 1764 doet de
hele bevolking van het dorp mee aan de opvoering van het kerstverhaal:
de geboorte van het kind in de stal en de komst van de wijzen. Sinds
1964, bij het 200-jarig bestaan van de opvoering, speelt men ook andere
delen van het Bijbelverhaal, de vlucht van Jozef, María en Jezus naar
Egypte en de kindermoord van Herodes.
Maar ook in veel andere
plaatsen wordt het verhaal van de ontmoeting tussen de wijzen en het
kindje Jezus opgevoerd. Vaak wordt er op 5 januari een levende kerststal
opgesteld op het plein voor het stadhuis en als de drie wijzen
aankomen, eren zij de pasgeborene en overhandigen zij hun geschenken.
Het
is erg leuk om een Driekoningenoptocht bij te wonen, vooral omdat deze
in sommige gemeenten werkelijk spectaculair is. Zo is daar de aller
oudste Driekoningenoptocht van Spanje, die plaatsvindt in Alcoy, of de
enorm grote optochten van Elche en Alicante, die gepaard gaan met
praalwagens. In sommige plaatsen komen de drie wijzen met de boot aan,
hetgeen de associatie met Sinterklaas nog vergroot, in andere plaatsen
arriveren ze met de trein of op een kameel. Ook heel bijzonder en
sfeervol is de traditie in Elda, waar de bevolking met toortsen de
achter Elda gelegen berg Bolón oploopt en zo de drie koningen, die in de
schemering de berg afdalen naar het centrum, bijlicht.Maar het mooiste
van alles is waarschijnlijk wel het observeren van de gezichten van de
kleinste kinderen. Zij staan vol ontzag te kijken als de drie koningen
op hun paarden of kamelen voorbij komen en ze verheugen zich zichtbaar
op de snoep- en pakjesregen die komen gaat.
In de gezinnen vindt
deze pakjesregen meestal op 6 januari plaats. Dat is immers een
feestdag en dus verzamelt de hele familie zich om eerst samen te eten
en daarna, onder het genot van een roscón de reyes (banketstaaf met
daarin verrassingen meegebakken), de berg met pakjes uit te pakken. En
dit jaar hebben de kinderen extra lang de tijd om met hun nieuwe
aanwinsten te spelen: meteen na Driekoningen volgt namelijk een weekend.
Door: Bea Lutje Schipholt
.
Superstorm

Europa siddert en beeft voor nieuwe superstorm Andrea
Wat is er toch met de winter aan de hand? In plaats van winterse temperaturen wordt een groot deel van Europa al weken en zelfs maanden geteisterd door zware stormen. Die van gisteren had orkaankracht en richtte vooral in Groot-Brittannië grote schade aan. Met rukwinden tot 170 km/u begon een waterval zelfs bergop te stromen. Er vielen ook twee doden te betreuren. Morgen slaat een nieuwe superstorm met de kracht van een orkaan toe: Andrea heeft het vooral op Duitsland gemunt, maar ook aan onze kust wordt alarm geslagen. Bovendien dreigt in een groot deel van Europa wateroverlast. In de Alpelanden houden ze dan weer de adem in voor een heuse sneeuwstorm.
Erger dan Kyrill?
Vooral in Duitsland zullen ze deze beelden bibberend aanschouwen, want morgen liggen onze oosterburen in het oog van de storm. Experts vrezen dat orkaan Andrea even erg kan worden als Kyrill, de orkaan die Duitsland vijf jaar geleden in complete chaos stortte. Ze zien schrikbarende parallellen met die zware storm. Beide diepe depressies ontstonden bij Newfoundland en net als bij Kyrill zal de kern van Andrea zich op het hoogtepunt van de storm tussen de zuidelijke punt van Noorwegen en Denemarken bevinden. Ook de koers na de doortocht in Duitsland richting Baltische Zee is dezelfde.
Ook Alpen hebben prijs
Ook de extreem lage druk (zo'n 960 hectopascal) is vergelijkbaar. In normale omstandigheden bedraagt de luchtdruk 1013 hectopascal. Bovendien liggen de isobaren (lijnen van gelijke druk) heel dicht bij elkaar. Na Duitsland krijgen ook de Alpenlanden de volle laag met heel wat sneeuw en vooral op de bergtoppen orkaanwinden. Het zal er vanaf morgenvroeg mogelijk 36 uur aan een stuk (zwaar) sneeuwen, wat ook daar onvermijdelijk veel ellende zal veroorzaken.
Wateroverlast
Ook België zal niet gespaard blijven. Na middernacht en morgenochtend zal de superstorm Andrea ons land teisteren. Aan de kust verwacht het KMI rukwinden tot zo'n 105 km/h. Daar heerst het oranje alarmpeil, het op een na hoogste. In het noorden van het land is 100 km/u en in het centrum tot 95 km/u als piek mogelijk bij rukwinden. Bovendien zal er veel neerslag vallen: tot 25 mm regen tussen middernacht en donderdagmiddag. Dat kan lokaal wateroverlast veroorzaken. (kh)
Mooiste natuurfoto's van het afgelopen jaar

De mooiste natuurfoto's van het afgelopen jaar
Een selectie van spectaculair mooie beelden die nog eens in de verf zetten hoe mooi onze planeet kan zijn.
Sneeuwkerk

In het Duitse skigebied Mitterfirmiansreut in het
Beierse Woud heeft men een 'sneeuwkerk' gebouwd. Het heiligdom is 26
meter lang, 11 meter breed en heeft een toren van 17 meter hoog. Voor de
bouw ervan werd 1.400 kubieke meter sneeuw gebruikt. De kerk kan 190
mensen herbergen. Heel wat liefhebbers willen in het gebouw trouwen of
er hun kind laten dopen.
Het skioord hoopt dat de kerk een
attractie wordt die heel wat toeristen zal lokken. Nog tot de komende
lente als de dooi weer intreedt kan het prachtige bouwwerk bezocht
worden. (kve)
© afp
Festival van sneeuw en ijs

Betoverend festival van sneeuw en ijs
Het internationale ijsfestival in de Chinese stad Harbin is ieder jaar weer iets om naar uit te kijken. Deze editie start officieel op 5 januari maar deze fotoreeks geeft toch al een eerste impressie van de impressionante sculpturen.
Een heel gelukkig nieuwjaar

Met 12 druiven het nieuwe jaar in.

Oudejaarsavond staat voor de deur en waar dat in Nederland gepaard gaat met oliebollen en appelflappen is ‘Nochevieja’ in Spanje synoniem met druiven.
Over hoe het gebruik om tijdens de klokslagen van oudejaarsnacht druiven te eten, is ontstaan, lopen de meningen enigszins uiteen. Doorgaans wordt geopperd dat het gebruik uit het jaar 1909 zou stammen. In dat jaar had het Vinalopógebied ten noorden van Elche, dat tot op de dag van vandaag verantwoordelijk is voor een groot deel van de productie van de zogenaamde tafeldruif, te maken met een zeer overvloedige oogst. De akkerbouwers bleven met zoveel druiven zitten dat ze een promotiecampagne opstartten die de mensen aanzette om het nieuwe jaar te beginnen met champagne en twaalf druiven. Dat zou geluk moeten brengen. De campagne was succesvol en het gebruik vond navolging.
In de stad Madrid was men echter al eerder begonnen met het consumeren van druiven in de laatste nacht van het jaar. Volgens oude documenten was het in de oudejaarsnacht van 1882 dat een groep inwoners van Madrid bijeen kwam op de Puerta del Sol en daar bij de slagen van de klok druiven nuttigden. Ze wilden zich hiermee afzetten af tegen het gebruik van de gegoede burgers om op oudejaarsavond exclusieve feesten te organiseren, waarbij de jaarwisseling werd gevierd door luxueus te eten en daarna te toasten met champagne en druiven. De burgers uit de ‘lagere’ klasse besloten dat zij best hun veel goedkopere eigen feest konden organiseren en togen dus naar het plein dat sinds jaar en dag het centrum van de hoofdstad vormt, de Puerta del Sol.
Hoe snel die gebeurtenis weerklank vond bij het volk, blijkt wel uit een krantenbericht uit 1897 waarin staat. ‘Het is een Madrileense gewoonte om druiven te eten tijdens de taalf slagen die het ene jaar van het andere scheiden’. In 1898 verscheen zelfs een heel artikel in de pers over de gewoonte van wat ‘de wonderbaarlijke druiven’ werd genoemd.
Tot de eeuwwisseling bleef de gewoonte beperkt tot de Puerta del Sol in Madrid maar daarna begon ze zich langzamerhand te verspreiden. Er zijn geschriften gevonden uit 1903 waarin staat dat in Tenerife twaalf druiven werden genuttigd tijdens de overgang naar het nieuwe jaar. Ook andere steden ontdekten in die jaren het nieuwe gebruik. Het was echter in 1909, na de actie van de druivenboeren in Alicante, dat de traditie definitief voet aan de grond kreeg in het grootste deel van Spanje.
En tegenwoordig viert ook een deel van Latijns Amerika de jaarwisseling op deze manier.
Sinds
de promotiecampagne van 1909 staan de twaalf druiven bekend als de
‘uvas de la suerte’, de geluksdruiven. Het zou geluk brengen als u erin
slaagt om tijdens de twaalf slagen van de klok twaalf druiven naar
binnen te werken. Elke slag staat daarbij voor een maand dus als u een
druif overslaat betekent dat ongeluk voor die bewuste maand. Het is
daarom van groot belang dat de slagen van de klok niet te snel gaan.
Enkele jaren geleden ontstond er landelijk enorme ophef omdat de klok
op de Puerta del Sol na een grondige restauratie in een veel te hoog
tempo haar slagen afwerkte en een heel land zich in de te snel gegeten
druiven verslikte. Want het is nog altijd de klok op de Puerta del Sol,
het plein waar het allemaal begon in de negentiende eeuw, die de dienst
uitmaakt. Op dat plein verzamelen zich op Oudejaarsavond vele duizenden
mensen en vanaf die plek wordt de oudejaarsuitzending van de publieke
Spaanse omroep uitgezonden.
Het gebruik, dat nu dus al ruim een
eeuw bestaat en dat niets aan populariteit heeft ingeboet, zorgt ervoor
dat een hele streek in de provincie Alicante, het al eerder genoemde
Vinalopó-gebied, goed verdient aan de tafeldruif. Er is namelijk een
groot verschil tussen de druif die gebruikt wordt om wijn van te maken
en de druif die als vrucht genuttigd wordt.
Druiven die bedoeld
zijn voor consumptie moeten heel andere eigenschappen hebben dan
druiven die bedoeld zijn voor wijn. Bij druiven voor de consumptie wordt
gelet op een lage zuurgraad, weinig suiker en vooral een groot en rond
formaat. Ook moeten ze stevig zijn en tegen een stootje kunnen in het
transport. Voor druiven die gebruikt worden om rozijnen van te maken,
is het belangrijk dat ze weinig of geen pitten hebben en juist wel veel
suiker. De druiven die voor wijn gebruikt worden, hebben een relatief
hoge zuurgraad en een gemiddeld aantal suikers.Een andere factor is dat
druiven eigenlijk in september al geoogst kunnen worden en het dus de
kunst is om ervoor te zorgen dat ze in december nog steeds vers en
smakelijk zijn. Om dat te bereiken heeft men in het Vinalopógebied een
originele methode bedacht. In de zomer, als de druiventrossen zich
beginnen te vormen, wordt er een zak van een speciale papiersoort over
de tros gehangen. Binnen in die zak groeit de tros verder. De zak
beschermt de druiven tegen insecten en extreme weersomstandigheden en
bovendien vertraagt ze de rijping. Daardoor zijn de vruchten in
december op hun hoogtepunt en zijn ze ook extra gaaf en smakelijk. De
zak zorgt er bovendien voor dat de schil van de druif minder hard is en
ze dus gemakkelijker doorgeslikt kan worden. De ‘Uva de mesa Vinalopó’
heeft zich in de afgelopen eeuw ontpopt tot één van de bekendste
druivensoorten van Spanje en ze wordt ook veel naar het buitenland
geëxporteerd. Samen met de granaatappel is het eigenlijk de laatste
jaren in de provincie Alicante de enige vrucht die nog echt rendabel is
om te verbouwen.
Want afgezien van de laatste week van het jaar,
als er een run plaatsvindt op witte tafeldruiven, verkoopt de druif
uit het Vinalopó-gebied in de hele periode tussen september en januari
goed. De mens weet namelijk al eeuwen dat het eten van druiven gezond
is: de vrucht bevat een groot aantal anti-oxidanten en is bij uitstek
geschikt voor ontgiftingsdiëten van het lichaam. Bovendien werkt ze
gunstig bij reumatische aandoeningen en om de bloedsomloop te
bevorderen.
Als u er dus aanstaande zaterdagavond toe besluit om
net als de Spanjaarden met twaalf druiven het nieuwe jaar in te
luiden, brengt dat niet alleen mogelijk geluk maar is dat ook nog eens
gezond!Ik wens u allen een gelukkig nieuw jaar!
Door: Bea Lutje Schipholt
.
Kerstmis in de Zoo

Kerstmis in de zoo
Ook dieren in de zoo worden extra verwend met Kerstmis. Er worden extra lekkere snoepjes verstopt in pakjes of sneeuwmannen, en als ze lief en klein genieg zijn, krijgen ze zelfs een kerstpakje aangetrokken. Schattig! © afp
Kerstlekkernijen van Spanje
Turrón, chocola en andere kerstlekkernijen

Over een dikke week is het kerstmis en dus slaat de gemiddelde Spanjaard weer een flinke hoeveelheid zoetigheden in.
De Spaanse supermarkten liggen er al sinds november vol mee. Hele tafels met daarop uitgespreid plakken turrón in tientallen soorten, dozen met koekjes, mantecados en polvorones, zakjes met peladillas en ga zo maar door. Een aanzienlijk deel van deze typische kerstlekkernijen wordt gefabriceerd in het nabije Jijona en het is dan ook een goed plan om in deze weken een bezoekje te brengen aan het turrónmuseum in Jijona.
In dat museum wordt uitgebreid uitgelegd hoe turrón gemaakt wordt, u wordt meegenomen in de geschiedenis van dit product en bovendien kunt u in de winkel turrón proeven en kopen.Het museum maakt deel uit van het fabriekscomplex van 1880, één van de oudste turrónfabrieken van Jijona. In de hal van het grote gebouw kunt u een kaartje kopen voor het museum en wachten op de eerstvolgende rondleiding, die op verzoek ook in het Engels plaatsvindt.
Het is het leukst om op een doordeweekse morgen te gaan, omdat u dan de fabriek in bedrijf kunt zien. Via grote vensters kunt u van bovenaf in de fabrieksruimten kijken en daar bijvoorbeeld zien hoe de turrón over de lopende band gaat en verpakt wordt. Ook krijgt u een interessante video te zien waarin veel verteld wordt over de geschiedenis van dit product, dat er tegenwoordig voor zorgt dat een groot deel van Jijona werk heeft. Het recept voor het maken van turrón zou door de Moren naar Spanje zijn meegenomen. In Jijona wordt de lekkernij al sinds de vijftiende eeuw geproduceerd en het recept van de échte turrón - dat wil zeggen de soorten ‘Jijona’ en ‘Alicante’ en niet de vele chocoladevarianten die in de laatste decennia zijn ontstaan - zou sindsdien geen veranderingen hebben ondergaan.
Het interessantst is echter het échte museumgedeelte. U komt te weten wat de precieze ingrediënten zijn van de verschillende soorten turrón en hoe ze gefabriceerd wordt. Er staan oude apparaten en gereedschappen waarmee dit vroeger gedaan werd. De originele turrón had eigenlijk maar drie ingrediënten: amandelen, honing en eiwit. Het geheim zat hem in de precieze verhoudingen tussen deze drie ingrediënten en de manier waarop ze vermengd werden. Als hele, geroosterde amandelen werden gebruikt, ontstond de harde turrón, ofwel ‘Alicante, als de amandelen werden fijngemalen en een dikke, smeuïge pasta ontstond, werd de zachte of ‘Jijona’-soort gemaakt.
Pas in later eeuwen werd ook suiker en soms chocola en/of eigeel toegevoegd. Als de mengsels waren gestold werden rechthoekige plakken afgesneden en het is deze vorm, die de naam turrón kreeg. Daarom kan het zijn dat u tegenwoordig in de winkel ook producten als ‘turrón de chocolate’ kunt kopen. Dit zijn eigenlijk gewoon plakken (gevulde) chocola maar de vorm is hetzelfde als die van de originele turrón.
In het museum ziet u verder oude promotiecampagnes van het product turrón, een schitterende oude auto van de fabriek 1880, kostuums, verpakkingen, een maquette van alle productiestadia die een plak turrón doorloopt en nog veel meer. Het museum is verdeeld over drie verdiepingen en u bent er zo een uurtje zoet mee.
En voor de échte liefhebber komt het hoogtepunt op het laatst, als u naar de winkel van 1880 wordt geleid. Hier mag u enkele turrón- en chocoladesoorten proeven en kunt u er zich over verwonderen hoeveel verschillende producten de fabriek 1880 en haar goedkopere zusteronderneming fabriceren. Behalve de originele turrón en haar chocoladevarianten, ziet u dat er ook marsepein en peladillas verkocht worden. Deze producten hebben dezelfde ingrediënten als turrón (amandelen, honing of suiker en ei) en kunnen dus in dezelfde fabriek worden gemaakt.
Menigeen zal zich er vooral in deze kerstperiode niet van kunnen weerhouden wat lekkers in te slaan en dat is natuurlijk ook de bedoeling van het museum. Eenmaal weer buiten zou u ook nog even een kijkje moeten nemen op het industrieterrein aan de andere kant van de rotonde die u gepasseerd bent. Hier is onlangs een enorme, splinternieuwe chocoladefabriek verrezen van turrónproducent Antiu Xixona. Dit gigantische gebouw neemt sinds enkele maanden de volledige chocoladeproductie van supermarktketen Mercadona voor haar rekening. Het is de op twee na grootste chocoladefabriek van Spanje.
Maar wie een chocoladefabriek wil bezoeken, moet naar Villajoyosa gaan, waar de fabriek van Valor een vergelijkbaar museum heeft als het museum dat u zojuist heeft bezocht. Ook in dit museum wordt uitgelegd hoe het product werd en wordt gefabriceerd, wat de ingrediënten en machinerieën zijn en kunt u door de fabriek lopen, waar de geur van chocola overweldigend is. En ook hier is de museumwinkel, waar u chocola kunt proeven en kopen, voor de echte liefhebber natuurlijk het hoogtepunt.
Genoeg kansen dus om u te inspireren voor de feestdagen en voorraden in te slaan, zodat u net als alle Spaanse families aan het einde van de kerstmaaltijd een schaal met Spaans lekkers kunt presenteren.
Praktische informatie
Het turrónmuseum in Jijona is van maandag tot vrijdag van 10.00 tot 19.30 uur, op zaterdag van 10.00 tot 13.00 en 16.00 tot 19.00 uur en op zondag van 10.00 tot 13.00 en 17.00 tot 19.00 uur geopend. Op eerste kerstdag en Nieuwjaarsdag is het museum gesloten. De toegang kost 1 euro.U bereikt het museum door op de A-70 iets ten noorden van Alicante de richting Mutxamel/Xixona te nemen en via de CV-800 (voorheen N-340, staat nog op veel kaarten en enkele borden) het binnenland in te rijden. Nét voor het bereiken van Jjona slaat u rechtsaf richting het industrieterrein en Busot. Borden met ‘Museo del turrón’ wijzen u de weg naar de fabriek van ‘1880’, waar het museum gevestigd is.
Het chocolademuseum in Villajoyosa is van maandag tot vrijdag van 10.00 tot 13.00 en 16.00 tot 19.00 uur en op zaterdag van 10.00 tot 13.00 uur geopend. De toegang is gratis en de rondleidingen beginnen op hele uren. U neemt op de AP-70 of N-332 de afrit 66/Villajoyosa en rijdt richting centrum. aan de rand van het centrum rijdt u tegen de Valor-fabriek op.
Door: Bea Lutje Schipholt
Maastricht kerststad

Maastricht is kerststad bij uitstek
Kerstmarkten vind je nu zowat overal, maar langs de oevers van de Maas weet Maastricht als geen ander de sfeer van de kerstperiode op te roepen. Net over de grens, dus lekker dichtbij, goed voor een dagje uit of een heel weekend kerstpret.
Gezellige kerstmarkten, concerten in de openlucht, sfeervolle verlichting en versierde winkels... De hoofdstad van Nederlands Limburg doet er alles aan om de stevige kersttraditie in ere te houden en duizenden bezoekers naar de stad en omgeving te lokken. Van begin december tot 8 januari staat de historische stad in het teken van de winterse feestdagen. Het Vrijthof, met de indrukwekkende Sint-Servaasbasiliek en de Sint-Janskerk, is het mooiste plein van de stad. Ook tijdens de kerstperiode vormt het plein het natuurlijke middelpunt van de festiviteiten. Naar goede Hollandse traditie vind je hier een grote schaatsbaan en vanuit het reuzenrad kan je de hele kerstsfeer in de stad in vogelperspectief overschouwen. Voor de kleinsten is er de Grand Carrousel, een heerlijk ouderwetse Venetiaanse draaimolen die perfect past bij de kerstsfeer.Het paviljoen op het plein is het decor van tal van concerten en optredens, maar er zijn ook optredens in de openlucht, te volgen vanaf een van de vele verwarmde terrassen op plein. En op de kerstmarkt verwarm je je aan allerlei winterse lekkernijen, zoals oliebollen, warme chocolademelk met slagroom en natuurlijk glühwein.
Maastricht is sowieso al een leuke winkelstad, maar in de kerstperiode steken de winkeliers nog een tandje bij. Elke zondag in november en december (behalve met Kerstmis) is het vanaf 12 uur koopzondag. Op donderdag zijn de winkels open tot 21 uur, net als van 20 tot 23 december. De grote winkelstraten in het centrum, zoals de Grote en Kleine Straat, de Wolfstraat en de Spilstraat baden in de kerstverlichting. Muziek en straatactiviteiten dragen nog bij tot de sfeer. In de smalle zijstraatjes van deze assen vind je heel wat originele boetieks, speciaalzaken en stemmige cafés en restaurants.
Lichtroute
Stap ook eens binnen in de gotische Dominicanenkerk, waarin een indrukwekkende boekhandel is ondergebracht. De kerstmarkt op het Vrijthof is dan weer de plaats voor typische ambachtelijke kerst- en cadeau-artikelen. Door de vele straatoptredens, fanfares, beiaardconcerten in het stadhuis, koorgezangen en theater valt er ook op cultureel gebied heel wat te beleven. Zo pakt het bekende Bonnefantenmuseum tijdens de kerstvakantie uit met een gratis kerstrondleiding bij aankoop van een toegangskaartje. Die rondleidingen met gids rond een thema in de kerstsfeer hebben telkens om 11.30 uur plaats.
De kerstmannenstadsloop op 22 december langs de lichtroute van de stad is wat minder artistiek, maar staat garant voor zorgeloos plezier voor deelnemers en kijklustigen. Iedereen in kerstmannenpak mag meedoen! De magische lichtroute is een wandelroute langs de bekendste monumenten van de stad die dan verlicht zijn. Wie met de trein komt, wordt vanaf het Centraal Station via de lichtjes naar de mooiste plekjes geleid. Zo zijn het Marktplein, het plein 1992 en het winkelcentrum Mosae Forum versierd met mooie kroonluchters. De voetgangers- en fietsersbrug De hoge brug verandert in een lichtpad over de Maas.
Boek een speciale kerstwandeling met een stadsgids of verken de stad op eigen houtje, bijvoorbeeld door een route op je smartphone op te laden. Ook een aanrader is een boottocht over de Maas in een volledig in kerstsfeer uitgedoste boot, die in het weekend en vanaf 18 december elke dag uitvaart. Dat kan eventueel in combinatie met een bezoek aan de mergelgrotten van de Sint-Pietersberg voor een ondergronds kerstavontuur.
Kerstman
De Kerstman heeft buiten Maastricht het beschermde stationnetje van Simpelveld als hoofdkwartier uitgekozen en er zijn cadeaudepot in ondergebracht. Vanuit het station van Valkenburg kunnen ouders en kinderen tijdens het weekend van 17 december de stoomtrein nemen om een bezoek aan het depot te brengen. Vlak bij Maastricht ligt Valkenburg aan de Geul, ook een kerststad bij uitstek, waar de bewoners al zeer vroeg hun kerstpak aantrekken. In het centrum gaat elke woensdag- en zaterdagavond een kerstparade uit met praalwagens, dansers, animatoren en natuurlijk de Kerstman. Ook de unieke kerstmarkten in de bekende mergelgrotten rond de stad zijn elk jaar een attractie. De Fluweelengrot is dit jaar helemaal ingericht als het huis van de Kerstman, met in de nissen gezellige winkeltjes waar je handgemaakte producten kunt kopen. In de Gemeentegrot heeft de grootste en oudste ondergrondse kerstmarkt van Europa plaats, met als attractie een supergrote magische kerststal. En in de Wilhelminagrot prijkt de grootste zandsculpturen kerststal van Europa, niet minder dan 6 meter hoog en met een diameter van 30 meter.
Lichtspektakel Niagara watervallen

Wondermooi lichtspektakel kleurt Niagara watervallen
Tijdens de wintermaanden kan je geen boottocht maken tot aan de Niagara watervallen maar deze tijd van het jaar biedt het natuurfenomeen op de grens van Canada en de Verenigde Staten een ander spektakel: een cascade vol feeërieke kleuren.
In de lente en zomer wordt de verlichting slechts gedurende drie uur aangestoken, terwijl je nu ongeveer zeven uur lang van de magische tinten kan genieten.Toeristen verzamelen op het pad naast de watervallen om de lichtshow te zien of kijken vanuit de hotelkamers aan de Canadese zijde. De mooiste show krijg je volgens kenners als de mist, die de waterval omhult, wordt getransformeerd tot kleurrijke ijskristallen. (kve)
Kerstman in Lapland

Op bezoek bij de Kerstman in Lapland
In Fins Lapland, meer bepaald in het stadje Rovaniemi, kunnen kinderen van over de hele wereld het huis van de enige echte Kerstman bezoeken. Een impressie. © afp
Gezellige Kerstdagen

Benidorm

Promotiefilm over Benidorm
NEDERLAND / SPANJE - Op de Nederlandse Televisie zal de komende tijd een promotiefilm over Benidorm te zien zijn in het programma ‘Schepper en Co in het land’ van de NCRV. Dit programma wordt uitgezonden via Nederland 2 op de vrijdagen 9, 16 en 30 december en op 6 januari 2012. Herhalingen op de zondagen daaropvolgend om 7.45 uur in de ochtend. Te zien zijn o.a:- een echtpaar uit Zutphen (Gelderland), dat zich gereed maakt voor vertrek, met caravan naar Benidorm, om te overwinteren. - Het leven op de camping Benidorm. - De gemeentedag van de Nederlandse Interkerkelijke Gemeente Benidorm - Gedeelten van een kerkdienst - En promotionele activiteiten in Benidorm - Diverse interviews Wilt u nadere informatie over de Nederlandsenkerkdiensten kijk dan op www.kerkinbenidorm.nl OF WWW.KERKINSPANJE.NL




1 reactie op dit bericht
dGtEPdQopcvRM