Zondag 2 januari 2022
Baron van Hallstraat
Is genoemd naar Floris Adriaan van Hall uit Amsterdam.
Daar is hij geboren op 15 mei 1791 en overleden te s Gravenhage op 29 maart 1866 .
Floris had 15 broers en zussen; zijn vader was twee maal getrouwd.
Hij studeerde aan de lagere school te Voorburg, de Latijnse school te Amsterdam en
aan het Atheneum te Amsterdam; hij werd uiteindelijk advocaat (Hogeschool van Leiden).
Hij ging bij zijn vader Maurits werken, die een advocatenkantoor had. (tot 1842)
Zijn taak was de Amsterdamse Handels- en Bankensector.
Zijn eerste huwelijk was met Pauline Bondt; dit huwelijk bleef kinderloos.
Ook in zijn tweede huwelijk met Henriette Schimmelpenninck van der Oye, waren geen kinderen.
Deze 26 jarige barones was hofdame van koningin Emma.
Floris was deken in de Orde van Advocaten; je zou kunnen zeggen: voorzitter.
In de omgang was hij niet altijd gemakkelijk, zelfs niet met koningen.
Hij kreeg het ambt van burgemeester van Amsterdam aangeboden.
Maar koning Willem l, met wie hij contact had, hield dat tegen.
In 1832 ging Van Hall de politiek in: De Provinciale Staten van (Noord) Holland.
Tien jaar later vroeg de toenmalige koning, Willem ll, of hij minister van Justitie wilde worden.
Hij was lid van de Tweede Kamer geweest, maar de grote doorbraak kwam in 1844.
Van Hall werd minister van Financien; Nederland was toen in een financieel dieptepunt.
Het stond zelfs op de rand van een bankroet, een faillisement.
De nieuwe minister redde Nederland uit dit dal; daardoor kreeg hij wel veel vijanden.
Een ongekend hoog bedrag wist hij met miljoenen guldens naar beneden te halen.
Op eigen houtje leende hij geld tegen een laag rente-tarief.
Hiermee werd een gedeelte van de schuld, dat een hoog rente-tarief had, afgelost.
Die hoge schuld was ontstaan door de inval van Napoleon in ons land.
En door het onnodig uitgeven van geld door koning Willem l .
Bovendien haalde ons land veel goederen weg uit voormalig Nederlands-Indie; dat bracht ook geld op.
Met zijn vader, die in de Eerste Kamer zat, en Jan Thorbecke, werd aan de grondwet gewerkt.
Vanuit de Eerste Kamer steunde zijn vader hem als hij een wetsvoorstel deed.
In 1853 werd Floris Adriaan minister-president, voorzitter van een kabinet.
Koning Willem lll beloonde hem met de titel van baron voor zijn werk in de Krimoorlog.
In zuid en oost Europa werden oorlogen gevoerd door veel landen.
Het vredesakkoord werd in 1856 in Parijs getekend en Rusland moest De Krim verlaten.
Floris Adriaan was toen minister van Buitenlandse Zaken.
Andere werkzaamheden: kabinetsformateur, spoorwegen, voorzitter Hollandsche Maatschappij van Landbouw.
De wapenspreuk van Floris Adriaan van Hall was dan ook: Fide et Labora (vertrouw en werk).
Voor zijn werkzaamheden en inspanningen werd hij geeerd of geridderd.
Bijvoorbeeld: Leopoldsorde (nu Belgie), Orde van de Witte Valk (Saksen-Weimar-Eisenach te Duitsland),
Orde van de Nederlandse Leeuw, Orde van de Eikenkroon (nu Luxemburg),
Orde van De Gouden Leeuw van het Huis van Nassau, minister van Staat.
Geschreven door Ad Bol om 17:13




