Zaterdag 30 april 2016
Maaikes Dorst
Het katholieke kerkgebouw in Dorst is ruim honderd jaren oud.
Als enige kerk in Nederland is zij gewijd aan de heilige Marcoen.
Marcoen, Marculphus, leefde in Frankrijk van 490 tot 558.
Hij was er priester en stichtte daar ook een klooster.
De grond daarvoor kreeg hij van koning Childebert van Frankrijk.
Uit dankbaarheid gaf Marcoen deze koning de gave om mensen van scrofulose te genezen.
Scrofulose was een klierziekte in de hals, die vooral bij kinderen voor kwam.
Deze ziekte werd ook koningszeer, koningsziekte, genoemd.
Dorst had in 1689 een priester, een pastoor, Norbertus Somers.
Hij kreeg van de bisschop van Antwerpen een reliek, een overblijfsel, van Marcoen.
Dat was een botsplinter van ongeveer 3 millimeter.
Die botsplinter werd in een reliekhouder, een relikwiehouder, gedaan.
Daardoor bloeide de devotie voor de heilige Marcoen in Dorst en omgeving op.
Vooral op 1 mei, de sterfdag van Marcoen.
De priester deed die dag een handoplegging bij mensen die scrofulose hadden.
Die ziekte werd veroorzaakt door melk, die besmet was.
Later kwam koningszeer minder vaak voor; daarna zelfs helemaal niet meer.
Of het geloof in de H. Marcoen dat deed, laat ik aan de gelovigen over.
Er werd geprobeerd om deze symboliek, dit gebruik, vast te houden.
De bedevaart naar en in Dorst werd gepromoot door de bisschop en door de paus.
Een bedevaartganger kon een aflaat verdienen.
Dat wil zeggen: een kwijtschelding of een gedeeltelijke kwijtschelding van de zonden / fouten.
Daardoor kon iemand na zijn of haar dood eerder in de katholieke hemel komen.
In 1917 kwam er in Dorst ook een kermis.
Er kwamen marktkraampjes op de straten om de waren te verkopen.
Het werd een dag om naar uit te zien.
Voor het eigenlijke van die dag in Dorst waren de mensen minder enthousiast.
De processie werd kleiner; aan de bedevaart kwam een einde.
Werd het ook nog dauwtrappen genoemd, het accent lag niet meer in de kerk.
Er was ook geen behoefte meer aan gewijd Marcoenwater.
Het idee hierachter was, dat je je met dit water kon wassen.
Genezing van de ziekte, van het koningszeer, was dan gegarandeerd.
De ex voto's in de H. Marcoenkerk zijn de stille getuigen van wat geweest is.
Iemand kon een ex voto laten maken als hij of zij genezen was.
Dat kon zijn een hoofd, een arm, een voet of een hand, gegraveerd op een plaatje.
Vorig jaar, 2015, is het houden van een Marcoenprocessie weer opgepakt.
Marcoen, beschermheilige van apothekers, zal er het zijne van denken.
Is het een opleving of een geloofsbeleving, die weer tot het katholieke erfgoed gaat behoren?
De adellijke heilige kan zich in elk geval op de borst kloppen.
Ruim 300 jaar heeft hij de inwoners van Dorst en omgeving geholpen en gesteund in hun geloof.
Geschreven door Ad Bol om 10:05


