Barcelona; Sagrada Familia

Barcelona; Sagrada Familia
Wilde dieren in Afrika; foto's
Ardeche
Het dorpje Balazuc lijkt wel uit de kalkstenen rotsen gehakt en leunt aan tegen een steile helling die uitkijkt over de Ardèche.
De Franse Ardèche is 's zomers erg populair, maar verken de streek ook eens in de nazomer. Dan heb je de parels van dorpjes en prachtige natuur voor jou alleen.
Kaart Ardèche
Het uitzicht op het terras van Château de Balazuc is verbluffend. Een
overnachting voor twee met ontbijt heb je hier vanaf 130 euro.
De Picondonkaas van Belg Christian Moyersoen, die een AOC-kwaliteitslabel draagt.
Château Clement in kuuroord Vals-les-Bains. Er zijn vijf kamers, een loft en appartement in ondergebracht.
In de late zomer ben je vrijwel alleen als je als toerist door de nauwe straatjes van Voqüé slentert.
De Ardèche wordt vaak in één adem genoemd met de Provence, maar dat doet
deze streek wat onrecht aan. Wie door het landschap rijdt, denkt eerder
aan Corsica vanwege de impressionante rotsformaties, gevormd door
vulkanische activiteit en erosie. De Ardèche slingert zich als een brede
ader door de kalkstenen dalen, wat machtige uitzichten oplevert.
Tuffend van dorpje naar dorpje geniet je het meest van de natuur, die
zich in de nazomer en de vroege herfst stilaan in diepe kleuren hult.
Start: Privas en het dorp van Jean Ferrat
Onze
tocht start in Privas, op ongeveer 870 km rijden van Brussel, maar de
makkelijkste manier om in de Ardèche te geraken is met de tgv van
Brussel-Zuid tot in Valence, amper vier uur sporen. Van daaruit is het
nog 40 km rijden. Privas zelf, met zijn 15de-eeuwse brug, is niet
bepaald een hoogvlieger, maar toch voel je dat je in Frankrijk bent,
vanwege de bouwstijl, de vele passanten met stokbrood onder de arm en
het tragere levensritme. Dat ligt nog een pak lager 36 kilometer
verderop, in het charmante, op een vulkanische rots gelegen
Antraigues-sur-Volane. Ooit speelden Georges Brassens, Jacques Brel en
Jean Ferrat hier samen jeu de boules. Misschien is het zelfs door hen
dat er nu een bordje hangt om te waarschuwen dat petanque verboden is na
middernacht.
Jean Ferrat is zonder twijfel de beroemdste inwoner
van Antraigues en elk winkeltje verkoopt cd's, postkaarten en posters
van de chansonnier, die in 2010 overleed. In 1964 schreef hij hier de
hit 'La Montagne', bij ons bekend als 'Het Dorp' van Wim Sonneveld. Het
lied, over de leegloop van de dorpen van de Ardèche, was een emotionele
liefdesverklaring aan Antraigues, waar hij ook een tijdlang burgemeester
was. Op het kerkhof stuiten we op het graf van Jean Tenenbaum, Ferrats
echte naam. "Quelle est belle ta montagne", staat er op een
herinneringsplaat tussen de bloemen. Kijk rond en je kan niet anders dan
hem gelijk geven...
Na 9 km: Kuuroord Vals-les-Bains
Net
voor het riviertje de Volane de grote Ardèche ontmoet, vind je
Vals-les-Bains, een kuuroord met tal van bronnen, een casino en een
fabriek waar bronwater wordt gebotteld. Hier kom je vooral om te
ontspannen, maar er zijn ook tal van goede restaurants aan het water,
zoals 'Le Carré des Maîtres', dat ook een wijnbar is. Bij goed weer kan
je op het terras zitten met uitzicht op het kabbelende riviertje.
Overnachten doen we in een charmant 19de-eeuws kasteeltje boven op een
heuvel (Chateau Clement,
vanaf 170 euro voor twee personen met ontbijt). De vijf kamers, één
appartement en één loft zijn knap ingericht, het ontbijt is erg lekker
en je kan gebruikmaken van de hamam en de twee zwembaden.
Na 6 km: Kastanjestad Aubenas
Wat
verderop, in Aubenas, staat de fabriek van Sabaton, de meest vermaarde
producent van 'marrons glacés' (gekonfijte kastanjes) en 'crème de
marron' (kastanjepasta). Ooit redde de kastanje de inwoners van de
Ardèche van de hongersnood, maar nu is het een luxeproduct met een eigen
AOC-merk. Vooral de gekonfijte kastanjes zijn een delicatesse die één
voor één met de hand worden ingepakt. De productie vindt plaats vanaf
eind oktober, na de oogst, maar allerlei vruchtenconfituren en crème de
marron worden hier het hele jaar door gemaakt.
Na 10 km: Vogüé en Balazuc, fotogenieke dorpjes
Vanuit
Aubenas is het 10 km zuidwaarts naar Vogüé, een plaatsje dat geregeld
opduikt in lijstjes met de charmantste dorpen van Frankrijk en
gedomineerd wordt door het kasteel van de gelijknamige familie. De
Vogüés waren een van de machtigste geslachten van 'Vivarais', zoals het
departement Ardèche vroeger heette. Door de talrijke verbouwingen blijft
er niet veel meer over van het middeleeuwse kasteel, maar het gebouw is
al bijna 1.000 jaar in handen van dezelfde familie. Nog eens 10 km
verder en niet te missen is Balazuc, een dorp dat uit de rotsen lijkt te
zijn gehakt en aanleunt tegen een steile helling die uitkijkt over de
Ardèche. Van bovenaf lijkt het volledig te bestaan uit daken. Trek wat
tijd uit om de steegjes, winkelvrije straatjes, de fraaie Romaanse kerk
en doodlopende arcades te ontdekken.
Maak vanuit het stadje zeker
ook een wandeling naar het gehucht Le Viel-Audon aan de rivieroever. In
de 19de eeuw verlieten de dorpelingen hun huizen om te gaan wonen in
het hogergelegen deel van Audon, dichter bij de zijderupsplantages. In
de jaren 70 ontdekten enkele inwoners van Aubenas de ruïnes en ze
besloten het gehucht nieuw leven in te blazen. Vandaag wonen er
permanent vijf (!) mensen in Le Viel-Audon. Er worden geiten en varkens
gekweekt, kaas gemaakt en groenten en fruit geteeld. En zo is de Ardèche
nog een mooi dorpje rijker...
Een unieke logeerervaring vind je in Château de Balazuc,
boven aan de rots, in luxekamers waarin natuursteen harmonieus
gecombineerd wordt met trendy details. Het resultaat is verbluffend, net
als het uitzicht op het terras. Er is zelfs een zwembad op het kleine
binnenpleintje waar je onder gewelven uit de 12de eeuw zwemt. Kamer voor
twee met ontbijt vanaf 130 euro.
Na 11 km: Largentière en zijn markt
De
naam Largentière is afgeleid van 'argentaria', de mijnen waar al sinds
de Romeinse periode zilverlood werd gewonnen. Later kreeg de stad
rechten om geld te slaan en die weelde vertaalde zich in de bouw van
fraaie gebouwen, zoals het stadhuis (deels in renaissancestijl), de
gotische kerk en burgerhuizen. Een van de oude stadspoorten bleef
intact, en ook de nauwe geplaveide straatjes flitsen je terug in de
tijd.
Probeer op dinsdag naar Largentière te komen om rond te
slenteren over de uitgebreide markt, inkopen te doen en allerlei lekkers
te proeven.
Voor een heerlijke nazomerlunch op een terras naast een fonteintje of in de zon naast een zwembad, moet je naar hôtel Le Chêne Vert in Rocher, op 5 minuten rijden van Largentière.
Na 21 km: Picadon in Planzolles
In het kleine Planzolles ontmoeten we Christian Moyersoen, een Belg die al meer dan twintig jaar pikante Picodon-geitenkaas
maakt. "Ik heb zelf zo'n 120 geiten en koop ook kwaliteitsmelk van
andere producenten, om zo tot een Picodon te komen die een AOC-label
heeft", legt Christian uit. Deze zomer opende hij samen met een aantal
andere Picodon-makers boven zijn zaak een exporuimte waar jong en oud
kan zien hoe deze lekkernij uit de Ardèche wordt gemaakt.
Wie
niet genoeg krijgt van streekspecialiteiten, kan op weg naar Planzolles
stoppen in Joyeuse, waar het 'Musée de la Châtaigneraie' is gevestigd.
Na 28 km: Gorges de l'Ardèche
Op
naar het bekendste stukje van de Ardèche: de Gorges de l'Ardèche. Dit
indrukwekkende kloofdal strekt zich 32 km lang uit tussen
Vallon-Pont-d'Arc en Aiguèze. Wil je niet met de kajak op verkenning,
dan kan je het vanuit de auto verkennen en halt houden aan de vele
uitzichtspunten. Die zijn allemaal spectaculair, maar stop zeker aan de
Belvédère du Serre de Tourre, waar je de overweldigende natuur perfect
in je kan opnemen, en de beroemde Pont d'Arc, een natuurlijke rotsbrug
over de rivier. Vlak bij de brug kan je slapen en eten in de nieuwe
Lodge du Pont d'Arc (Prehistoric Lodge, vanaf 95 euro). Het concept is uniek: je overnacht in tenten met alle comfort of het ecologische hoofdgebouw.
Dat
de Ardèche niet alleen een streek van water is, ontdekken we in
Bourg-Saint-Andéol, even ten noorden van de Gorges de l'Ardèche. De
Vlaamse Jessy leidt er samen met echtgenoot Roland en schoonmoeder
Jocelyne wijndomein Château Rochecolombe (tel. 0033/475 54 50 47).
Rolands overgrootvader, de Oudenaardse schrijver en componist Robert
Herberigs, kocht het kasteel in 1928 om er abrikozen te telen. Na de
Tweede Wereldoorlog plantten zijn kinderen wijnstokken in de plaats.
Vandaag beslaat het domein 24 hectare, goed voor 70.000 flessen rode,
witte en roséwijn per jaar.
Wil je overnachten bij een wijnmaker,
trek dan naar Domaine Notre Dame de Cousignac waar Raphaël Pommier
kenners en leken laat genieten van de omgeving vol druivenranken (tel.
0033/475 54 61 41). Eenvoudige kamers en prima ontbijt (vanaf 50 euro),
maar je komt hier vooral voor de rust en Raphaëls enthousiasme. Hij
wijst je ook goede restaurants in de buurt aan, zoals Le Prieuré in
Bourg-St-Andéol. Van hieruit terugkeren naar huis is simpel: de afstand
tot het station van Valence bedraagt 75 km.
Praktisch
Erheen: Met de tgv vanuit Brussel naar Valence, dagelijks viermaal rechtstreeks. Heen en terug vanaf 58 euro. NMBS-Europe
Beste periode: september en oktober voor de herfstkleuren en temperaturen tot 23°C.
Info: Ardèche Guide
Aiquèze is een middeleeuws dorpje aan het water, op het einde van de Gorges de l'Ardèche.
Theefabriek in Houwerzijl
Spanje; Costa BlancaWandelen in de omgeving van Alicante: de Serra Grossa
U
passeert de resten van een steengroeve en even later een oefenmuur van
rotsklimmers. Inmiddels kunt u al een heel eind het binnenland in kijken
en van de stad Alicante ziet u onder meer het voetbalstadion. Het pad
maakt nog een paar zigzag-bewegingen omhoog en u blijft steeds het
doorgaande pad volgen. Er zijn hier en daar wat smallere paden die
afslaan maar die negeert u.
Na een mooi stukje vlak langs een
rotswand maakt het pad nog een scherpe bocht en komt dan uit op een
grote open plek boven op de berg. U heeft nu uitzicht naar beide kanten
en kunt een stuk in de richting van de zee lopen om verder weg te kunnen
kijken.Voor onze route volgt u echter het pad dat verder zuidwaarts
loopt, ofwel met het binnenland aan uw rechterhand en de zee aan uw
linkerhand.
Vijf minuten na de grote open plek komt u bij een
tweede open plek. Ook hier kunt u een stukje naar links lopen voor een
extra mooi uitzicht, op bijvoorbeeld Cabo de Santa Pola en de haven van
Alicante. Aan deze kant gaat er ook een smal pad verder zuidwaarts, dat
na een paar minuten weer uitkomt op hetzelfde pad dat u net volgde.
U
loopt zuidwaarts tot u een half vergaan betonnen paaltje bereikt. Loop
nu nog een paar passen verder over de rotsen en ga dan eens even rustig
zitten. U heeft hier een fantastisch uitzicht op het Santa
Bárbara-kasteel, het grootste Middeleeuwse kasteel van Europa. Het ligt
recht tegenover u. Ook opvallend is de grote waterput die in de diepte
onder u ligt en die vroeger een grote rol speelde bij de
watervoorziening van de stad. En verder een tweetal steengroeven en het
Postiguet-strand.U loopt terug naar het paaltje en eventueel even naar
een groepje dennenbomen aan de linkerkant. Daar loopt een smal paadje
naar een andere kleine steengroeve, waar u een kijkje kunt nemen.
Tegenwoordig komt alle steen voor de gebouwen in Alicante van bergen
verder buiten de stad maar in de negentiende eeuw en de eerste helft van
de twintigste eeuw waren de steengroeven in de Serra Grossa heel
belangrijk.
U loopt via hetzelfde pad als van de heenweg
noordwaarts naar de eerste grote open plek. Daar aangekomen loopt u
verder noordwaarts, tussen enkele halfvergane betonnen paaltjes door. U
komt uit bij een breed grindpad dat u rechtsaf oploopt en gedurende
enkele tientallen meters gaat u naar beneden tot u weer bij een
splitsing komt, waar u links gaat. Het zal u opvallen dat hier veel
cipressen zijn aangeplant, die stammen nog uit de tijd dat de
steengroeven in gebruik waren.Op het pad waar u nu loopt, is het heel
stil. U hoort geen verkeer en is het ongelooflijk dat u dichtbij een
drukke hoofdstad loopt. Het pad stijgt weer een beetje en komt uit op
een prachtig uitkijkplekje waar u zich recht boven de Albufereta
bevindt. Links ziet u de Cabo de las Huertas en voor u de omstreden
flats die veel te dicht bij zee staan.
U vervolgt het pad en
komt na enkele tientallen meters een ander pad tegen. Het pad dat verder
rechtsaf naar beneden gaat leidt naar de Albufereta. U gaat echter
linksaf en na vijf minuten bij een muurtje met cipressen schuin
rechtsaf. Even later staat u weer op de grote open plek op de top. U
gaat hier rechtsaf naar beneden en bent in twintig minuten via hetzelfde
pad van de heenweg terug bij de auto.
Door: Bea Lutje Schipholt
Theefabriek
Het is een vreemd idee dat je in de kerk gezellig een kopje thee kunt drinken met een keuze uit 273 soorten thee.uit alle hoeken van de wereld.maar ik kan u verzekeren dat het enorm gezellig is.

Australie: Groot Barriererif
Wereldtoerismedag
Wereldtoerismedag staat stil bij verantwoord toerisme


Maar iedereen kan zich tot 26 september bij het
toeristeninformatiekantoor aan de Rambla Méndez Núñez aanmelden voor de
drie verschillende excursies die de gemeente heeft uitgestippeld.
De
eerste excursie neemt de deelnemers op 27 september mee naar het Museo
de Aguas in het oudste gedeelte van de stad. Het watermuseum is
gevestigd in en naast de Pozos de Garrigós, eeuwenoude waterputten. De
putten zorgden tot 1898 voor de watervoorziening in de stad Alicante. In
het museum wordt op een didactische manier uitgelegd hoe deze
watervoorziening tot stand kwam en hoe na het graven van het zogenoemde
‘Canal del Cid’ het water uit Sax werd aangevoerd. Ook is er een
verdieping gewijd aan de huidige waterhuishouding in de stad.Het
watermuseum ligt tegen de hellingen van de berg Benacantil en de
excursie wordt dan ook voortgezet met een bezoek aan het Parque de la
Tuna, een vorig jaar ingewijd park dat een mooi voorbeeld is van hoe
natuur kan worden opgeknapt. In het Parque de la Tuna is de geërodeerde
berghelling opnieuw beplant met 800 bomen en duizenden autochtone
planten. Ook is er een waterval, een drinkwaterbron en zijn er
wandelpaden en bankjes neergezet.
De tweede excursie nodigt de
deelnemer uit op de TRAM te stappen. Alicante is trots op dit schone
vervoermiddel, dat de laatste jaren enorm aan populariteit wint. Er
wordt een rit naar Playa de San Juan gemaakt en vervolgens wordt het
controlecentrum van de TRAM bezocht, waar uitgelegd wordt wat de rol van
de tram is in het kader van verantwoord en schoon toerisme. De derde
excursie voert te voet naar het Parque de la Ereta, het park met het
mooiste uitzicht van de stad Alicante. Hier is het doel te laten zien
dat dit soort mooie plekjes ook heel goed bereikt kunnen worden, zonder
dat men de vervuilende auto in stapt. Het is weliswaar een aardige klim
maar de beloning is een uitzicht op de hele baai van Alicante. Om mee te
doen aan deze gratis excursies moet men zich zoals gezegd van te voren
opgeven. Maar de genoemde parken en het museum zijn natuurlijk ook prima
geschikt voor een bezoek op eigen houtje. Ze vormen bovendien een mooie
aanleiding om het sfeervolle oude centrum van Alicante weer eens met
een bezoek te vereren.
Pego
In Pego (Marina Alta)
organiseert men in verband met de Wereldtoerismedag ook twee excursies,
die de komende weken elk weekend plaatsvinden. Van 15 september tot 20
oktober kunt u elk weekend deelnemen aan een wandeltocht door het
centrum van Pego. En van 16 september tot 11 oktober kunt u zich elk
weekend door het mooie natuurpark El Marjal tussen Pego en Oliva laten
leiden en kennis opdoen over de rijstteelt en de flora en fauna die hier
voorkomt. Beide excursies zijn gratis en de informatie wordt in meer
dan één taal verteld. Opgeven kan bij het plaatselijk toeristisch
informatiekantoor.
Er zijn ongetwijfeld meer gemeenten in de
provincie Alicante die op of rondom 27 september activiteiten
organiseren in verband met de Wereldtoerismedag. Over het algemeen kan
men u in de plaatselijke toeristeneinformatiekantoren meer vertellen
over deze initiatieven.
Door: Bea Lutje Schipholt
provincie Alicante; SpanjeWarmste en droogste augustusmaand in 42 jaar
ALICANTE – De afgelopen maand augustus was in de provincie Alicante de warmste én de droogste in de afgelopen 42 jaar. Tot die conclusie komt het staatsmeteorologisch agentschap AEMET, dat berekende dat de gemiddelde temperatuur in augustus op het extreem hoge cijfer van 27,5 graden uitkwam. Dat is 2 graden warmer dan de gemiddeld. De warmte was het ergst in de periode 9 tot 11 augustus en 18 tot 25 augustus, hoewel er de hele maand slechts twee dagen waren dat de temperatuur onder het normale gemiddelde lag: 7 en 31 augustus. Augustus was ook extreem droog, met een gemiddelde neerslag van slechts 5 liter per vierkante meter (5 mm). Dat laatste baart de klimaatexperts zorgen omdat er het hele jaar al zeer weinig neerslag valt. Gewaarschuwd wordt dat de waterreserves op hun einde lopen en dat het in de herfst overvloedig moet regenen om nieuwe reserves op te kunnen bouwen. Een ander punt dat de klimaatexperts zorgen baart is de extreem hoge temperatuur van het zeewater. Het zeewater was vorige week nog 28 graden en als deze warme luchtlagen in botsing zouden komen met veel koelere die van het land afkomen, zou de kans op hevige regenbuien in de komende weken, de zogenaamde gota fría, wel eens groter kunnen zijn. Ondanks het feit dat regen zeer welkom en nodig is, veroorzaken dergelijke gota fría-buien over het algemeen veel schade door overstromingen en dat is het laatste waar de kustgemeenten op zitten te wachten.
(Bron: De Week)
Azoren
De enige theeplantages van Europa liggen aan de noordkust van São Miguel.
De Azoren liggen niet langer aan het eind van de wereld, maar op goed vier uur vliegen. Sinds kort is er immers vanuit Brussel een wekelijkse rechtstreekse vlucht naar San Miguel, het grootste eiland van de Azoren. Maar ook de drie centraal gelegen eilanden - Terceira, Pico en Faial - zijn de moeite waard. Viermaal uniek, viermaal verschillend. Maak kennis met de Azoren!
De kerk in de buurt van de haven van Agra do Heroïsmo is pastelblauw.
Een sportieve daguitstap: de vulkaan Pico (2.351 meter) beklimmen.
Tweemaal per dag kan je met de boot gaan walvissen spotten vanuit uit Horta.
Net zoals in IJsland kan je in Furnas kokende en pruttelende minigeisers gaan bekijken.
Pico
Herfst
Wonderful world
Weekendje D-day
Op de stranden van Arromanches zie je zelfs nog de landingsvoertuigen van de Britten liggen.
De hoogtepunten van de Vrijheidskust, en meer, gebundeld in een goedgevuld weekend.
Honfleur
Honfleur heeft een vissershaven, smalle
straatjes, hoge vakwerkhuizen en natuurlijk restaurants, cafés,
terrasjes, winkels en galeries. Het meest pittoreske badstadje van de
mondaine Côte Fleurie is een plaatje en is dan ook al eeuwen een
pleisterplaats voor schilders en schrijvers. Koop op zaterdagmorgen je
picknick op de sfeervolle markt met streekproducten: baguette met
Camembert of Pont-L'Eveque - de beroemde lokale kazen. Of wat
stijlvoller: kies op de visserskade van Honfleur het zonnigste terras
uit en bestel een schotel zeevruchten en een flesje witte wijn, met een
lokale Calvados als pousse-café.
Deauville
Honfleur
heeft geen strand, Trouville-sur-Mer en Deauville wél. Trouville is
ouderwetser, maar gezelliger dan het mondaine Deauville. Geen betonnen
blokkendozen, maar villa's en hotels met stijl en karakter. Napoleon III
had hier zelfs zijn zomerresidentie. Al honderd jaar werkt Deauville
als een magneet op de 'rich and famous', met exclusieve winkels,
thalossacentra, een casino en chique jachthaven. Fijn om te flaneren op
'Les Planches' - de houten promenade.
Houlgate
In
badplaatsjes Bénerville, Blonville-sur-Mer en Villers-sur-Mer wisselen
zandstranden en spectaculaire kliffen ('falaises') elkaar af. Op de
heuvels met uitzicht op zee bouwde de Europese aristocratie haar
villa's. Rij helemaal tot in Houlgate - nog zo'n droomplek - voor mooie
lanen, huizen en tuinen, een pracht van een zandstrand en zalige
vakantiesfeer.
Logeren: Le Bellevue (***) in Villerville sur Mer.
Een mooie Normandische villa met prachtig uitzicht op zee, uitstekende
service en (vis)restaurant. Prijs: 124 euro per persoon per nacht,
ontbijt en diner, kamer met zeezicht. Bellevue Hotel
Arromanches
In Normandië werd
in 1944 de Tweede Wereldoorlog in een beslissende plooi gelegd. Tussen
Arromanches en Sainte-Mère-Eglise liggen tientallen grote en kleine
oorlogsmusea, militaire kerkhoven en natuurlijk de landingsstranden als
Utah en Omaha Beach.
Arromanches was een mobiele haven,
die door de Duitsers fel werd verdedigd. Vandaag vind je hier nog het
Musée du Débarquement en boven op een helling Arromanches 360, een
bioscooptheater in cirkelvorm waar een panoramische film wordt getoond.
Het uitzicht over de baai is mooi, maar de parking peperduur.
Longues-sur-Mer
Een
volgende interessante stop is Longues-sur-Mer, waar zich Duitse
versterkingen bevinden met bunkers die nog zijn uitgerust met kanonnen.
Herinner je de legendarische scène uit de oorlogsfilm De Langste Dag,
wanneer een Duitse soldaat op ochtendwacht zich de slaap uit de ogen
wrijft en door de nevel plots de geallieerde boten ziet opdoemen. Het is
trouwens ook vanuit deze observatiepost dat de iconische beelden werden
opgenomen.
Een natuurfenomeen in de buurt is Le Chaos, een
prachtige kuststrook met rotsen die onderaan zijn afgebrokkeld en waar
je bij laagtij een mooie wandeling kan maken.
Colleville-sur-Mer
Het
grootste en meteen ook bekendste Amerikaanse kerkhof ligt in
Colleville-sur-Mer, dat uitkijkt over Omaha Beach. Een terrein van
zeventig hectare, perfect onderhouden, met 9.386 graven, alles in
Carrara marmer.
Maisy Battery
Maar dé
ontdekking van onze landingsroute is Maisy Battery, het Duitse
verdedigingswerk nabij Pointe du Hoc, dat zestig jaar lang voor de
wereld verborgen bleef en door de gepassioneerde Brit Gary Sterne stuk
voor stuk werd blootgelegd. De site omvat kilometerslange gangen en
bunkers. Onder een laag aarde werden wapens en afweergeschut gevonden,
maar ook stoffelijke resten van omgekomen Duitse soldaten. Maisy Battery
komt niet voor in de geschiedenisboeken en de jacht op nieuwe
ontdekkingen duurt voort tot op vandaag. Bezoekers kunnen door de
loopgraven wandelen, vanuit bunkers door kijkgaten naar de zee turen en
naast de originele met camouflagenetten bedekte Duitse Howitzers staan
die hun projectielen afschoten op de naderende Amerikanen. Het vergeten
deel van de Atlantic Wall werd uiteindelijk op 9 juni 1944 ingenomen
door de US 5th Rangers.
Sainte-Mère-Eglise
Nog
zo'n beeld uit De Langste Dag dat op ieders netvlies is gebrand: de
Amerikaanse parachutist John Steele blijft tijdens de landing met zijn
parachute haken aan de toren van de dorpskerk van Sainte-Mère-Eglise en
houdt zich twee uur lang voor dood. Dat redt zijn leven. Er hangt nog
altijd een geüniformeerde pop aan het kerkje, compleet met parachute.
Nieuw: voor 8 euro (+ 250 euro waarborg) kun je een visioguide huren,
waarmee je in een straal van 50 km elf oorlogssites in alle vrijheid kan
bezoeken. Het gps-toestel biedt films, interviews en andere historische
informatie die je op je tocht vrij kan raadplegen.
Logeren: Le Grand Hard (***) in Saint-Marie-du-Mont (Le Grand Hard).
Belgisch hotel net buiten het dorp vlakbij Utah Beach op een groot
domein met paardenstallen. In een prachtig natuurgebied, omringd door
tientallen kilometers zee met fijne zandstranden en woeste rotskusten.
Goed restaurant met zeevruchten en grillades. Prijs: 97 euro voor een
luxekamer, ontbijt 14 euro per persoon. Halfpension mogelijk.
Praktisch
Routes: een uitgestippelde vierdaagse autoroute Normandië kun je gratis downloaden op Reisroutes
Reisgids: 20 x logeren en genieten in Normandië, uitgeverij Lannoo.
Info: Normandie Tourisme - France Guide - Maisy Battery
(Bron: HLN.be)
Normandië
Le Pays d'Auge
De invasiestranden van Normandië zijn wereldberoemd, maar rijd ook eens het minder bekende binnenland in. Vijf plaatsen die de omweg meer dan waard zijn.
De tuin van Monet in Giverny
Oude herbergen in Rouen
De Ciderroute
Op antiekjacht in de Orne
Het museum van Dior in Granville
De tuin van Monet in Giverny
Macedonie
St Jovan Bogoslov is een van de vele kerkjes van Ogrid en ligt op een klif in het meer.
Macedonië is nog geen klinkende naam als reisbestemming. Nieuwe vluchten vanuit Brussel en Eindhoven naar Ohrid - waar Europa's diepste meer zich bevindt - zouden daar wel eens verandering in kunnen brengen. Even kennismaken!
Waar ligt Macedonië?
Het schattige dier van de dag
Frankrijk; Camarque
De Plaine de la Crau met op de achtergrond de Provençaalse hoogvlakten.
Fleur de sel, volgens fijnproevers het beste zout ter wereld.
Het haventje van Fos-sur-Mer.
Uitgestrekte zoutwaterbassins, roze flamingo's, elegante
stieren, witte wilde paarden, het beroemde gefilterde licht dat
schilders inspireerde: de Camargue in het zuiden van Frankrijk behoeft
geen aanbeveling meer. Iets oostelijker ligt nog een stukje bijna
onbetreden Camargue dat de omweg zeker waard is. Wij trokken, in het
kielzog van gastheer Marc De Schutter op ontdekkingstocht door het wilde
Westen van Frankrijk.
De Camargue is een waterland. Overal waar
je kijkt, zie je stromen, stranden, étangs of zoutmeren, de Rhônedelta
met haar wirwar van waterwegen en uiteindelijk de Middellandse Zee. Een
van de belangrijkste wetlands van Europa, een uniek en beschermd
natuurgebied, habitat van purperreigers en roze flamingo's. Het gros van
de bezoekers rijdt linea recta door naar het meest westelijke deel,
waar grote toeristische trekpleisters als Arles en
Les-Saintes-Marie-de-la-Mer de massa opslokken. Het oostelijke deel is
relatief onbekend. "Jammer", meent Vlaming Marc De Schutter. In twee
dagen loodst Marc ons langs middeleeuwse molens, onmetelijke stranden,
onaangetaste dorpskernen en zijn eigen haven.
La vie provençale
Op
Plage Napoleon trekken de kitesurfers zich niets aan van de rookpluimen
van de petrochemie in de golf van Fos-sur-Mer op de achtergrond. Dit is
met zijn 120 meter het mooiste en breedste strand van de Camargue. Op
een boogscheut van Plage Napoleon ligt Port Napoleon. Negen jaar geleden
kreeg de Antwerpse zakenman Marc De Schutter (51) de kans om deze
privéjachthaven te reorganiseren en uit te baten. Booteigenaars huren
hier hun standplaats of laten hun schip op de werf renoveren, maar je
kan er ook een zeiljacht of motorboot huren, eventueel inclusief water-
of jetski's. Bootloze bezoekers kunnen in Port Napoleon terecht voor een
boottripje over de Rhône naar Arles, waar geluncht wordt in het
drijvende restaurant La Péniche.
Omgekeerd is Port Napoleon voor
het varende cliënteel de ideale uitvalsbasis voor een uitstap op het
land. Naar het naburige 10de-eeuwse dorpje Fos-sur-Mer bijvoorbeeld, een
typisch voorbeeld van een village perché, hoog op een uitstekende rots,
vanwaar je een fantastisch uitzicht hebt op de Plaine de la Crau. Op
dit vlakke achterland met steenvlakten en graslanden laten herders hun
schapen al sinds mensenheugenis grazen. Hier is ook de traditie van de
transhumance nog springlevend, de grote schapentrek naar de Provençaalse
hoogvlakten en terug, een jaarlijks terugkerende va-et-vient van
duizenden schapen die onlosmakelijk verbonden is met de Provençaalse
identiteit.
Vanaf de aanlegsteigers in de drie kleine haventjes
die samen de haven van Port-Saint-Louis-du-Rhône vormen, maken kleine
houten bootjes zich voor dag en dauw gereed voor la pèche au gros, de
tonijnvangst. Niet voor langslapers, want al om vijf uur varen ze uit.
Als de bootjes zo'n veertig mijl van de kust zijn, beginnen de vissers
de jacht, die vaak de hele dag duurt, met een flink ontbijt dat
traditiegetrouw wordt weggespoeld met witte wijn. Wie zin heeft, mag
mee. Dat valt allemaal te regelen in Port Napoleon.
Fleur de sel
Stel
dat je van de lokale producten zou moeten leven, dan zou je zeer goed
af zijn in de Camargue. Mosselen, olijven, wijn, kruiden, fruit,
schapen- en stierenvlees, zelfs biologische rijst... Het land is rijk
aan grondstoffen, en dat weerspiegelt zich in de streekkeuken. En dan is
er nog het zout dat aan de zee wordt onttrokken. Sel de Camargue en het
kostbare fleur de sel, volgens fijnproevers het beste zout ter wereld,
worden gewonnen in grote, witte zoutbassins en -lagunes, onder meer in
de buurt van Salin-de-Giraud. Dit werkmansdorpje werd speciaal voor de
zoutwinning opgetrokken en heeft met zijn rechttoe rechtaan stratenplan
een heel apart karakter.
(Bron:HLN.be)
Spanje; Benidorm
Bloementapijt in Brussel
© photo news.
Op de Grote Markt in Brussel zijn vanmiddag de eerste Belgische begonia's geplaatst die samen met bijna één miljoen soortgenoten het traditionele bloementapijt zullen vormen. Dit jaar staat de Afrikaanse cultuur centraal, met een motief geïnspireerd op tekeningen van volken uit Congo, Ethiopië, Nigeria, Botswana en Kameroen.
© photo news.
© photo news.
© epa.
Het uitzetten van alle plantjes moet op zo'n vier uur geklaard zijn.
Honderdtwintig vrijwilligers worden ingeschakeld om de hele oppervlakte
van 77 bij 24 meter op die tijd bedekt te krijgen. Vanavond om 22.00 uur
volgt dan de officiële opening. Tot en met zondag 19 augustus blijft
het kunstwerk liggen, met elke avond een klank- en lichtshow.
Ol. Spelen ;sluitingsdag
De Olympische spelen in Londen zitten er op. De 80.000 toeschouwers in het Olympisch Stadion kregen zondagavond tijdens de sluitingsceremonie, net als ruim twee weken geleden bij de opening, een show gepresenteerd met veel dans, theater en muziek.
Op het middenterrein was het centrum van Londen in grote lijnen nagebouwd. Zo was onder meer de Big Ben te zien, net als de Tower Bridge. Ook The London Eye, het enorme reuzenrad, ontbrak niet.
Een indrukwekkend eerbetoon aan ex-Beatle John Lennon was een van de hoogtepunten van de avond. Terwijl het nummer 'Imagine' uit de speakers klonk, werd in het midden van het stadion het gezicht van Lennon (gevormd door een grote groep mensen) uitgebeeld. Brian May en Roger Taylor, gitarist en drummer van Queen, brachten samen met zangeres Jessie J het bekende nummer 'We will rock you'.
The Spice Girls, de populaire meidengroep uit de jaren 90, waren speciaal voor de Spelen bij elkaar gekomen. Na de vlagoverdracht met IOC-voorzitter Jacques Rogge tussen de burgemeesters van Londen en Rio de Janeiro, de locatie voor de Spelen van 2016, en de opkomst van het Braziliaanse boegbeeld Pelé sloten Sebastian Coe, hoofd van het organisatiecomité LOCOG, en Rogge de Spelen af.
Het feest was daarmee nog niet ten einde. Eerst was er nog een optreden van Take That. Als slotact speelde The Who hun klassieker uit de jaren 60: My Generation. Daarmee refererend aan het thema van de Spelen: Inspire a generation.
© getty