Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Herfstkleuren

© Brunopress.
De herfst met al zijn kleurenpracht maakt het einde van de zomer
draaglijk. De bladeren strijden om de mooiste tint net voor ze gedoemd
zijn naar beneden te dwarrelen. Een heerlijke tijd voor 'leaf-peeping'
zoals Amerikanen het noemen. Wij hebben er niet echt een term voor,
laten we het maar omschrijven als een heerlijke boswandeling die je
onderdompelt in de meest tot de verbeelding sprekende schakeringen van
rood, geel en bruin.
Uiteraard kan je in België of juist over de
grens net zo goed genieten van de herfstkleuren, zoek je het toch liever
wat verder weg, dan zijn dit de uitgelezen plaatsen:
1. NEW ENGELAND
© Brunopress.
De bekendste plaats voor 'leaf-peeping' is ongetwijfeld New England, een
streek in het Noordoosten van de Verenigde Staten die Maine, New
Hampshire, Connecticut, Vermont, Rhode Island en Massachusetts omvat.
Voor de beroemde 'Indian Summer' reis je best eind oktober, begin
november naar daar.
2. LAKE DISTRICT
© Brunopress.
Het is moeilijk om je een mooiere plaats voor te stellen dan het Lake
District in Engeland tijdens een zonnige herfstdag. De kleurenpracht
wordt er gereflecteerd door de vele meren die het gebied rijk is. Een
aanrader voor een weekje ontstressen!
3. BEIERSE ALPEN
© Brunopress.
In de winter is het excellent skiën in de Beierse Alpen in Duitsland
maar vooraleer de eerste sneeuwvlokken vallen, biedt deze regio
spectaculaire landschappen gehuld in schitterende herfsttinten. Je
geraakt er gewoonweg niet op uitgekeken.
4. CANADA
© Brunopress.
Over de grens met New England heeft ook Canada heel wat kleurenpracht te
bieden. Je hebt de schitterend getooide bossen maar voor het uitkiezen
in Nova Scotia, Ontario, Quebec en New Brunswick.
Waddeneilanden

Gids voor de Wadden: wandelen, fietsen en uitwaaien
Unesco zette de Waddenzee op zijn Werelderfgoedlijst. En dat is niet onterecht. Naast uitwaaien en wandelen, vogels en zeehonden spotten, kan je er vooral heel goed fietsen. Wij doorkuisten drie van de vijf Nederlandse Waddeneilanden op twee wielen.
De fiets is hét vervoermiddel bij uitstek. Terschelling telt 70 kilometer fietspaden.
Zeehondjes rusten en zonnen op een zandbank.
TEXEL: Natuurzorg in EcoMare
In Den
Helder neem je de boot en 20 minuten later sta je al op Texel, het
grootste van de Waddeneilanden én heel erg de moeite. Vogelliefhebbers
komen hier uitgebreid aan hun trekken: meer dan driehonderd soorten
leggen er hun eieren en maken hun nesten in de duinen of bij de
zoetwaterplassen. Ook om te fietsen heeft het eiland meer dan genoeg te
bieden. Onze uitvalsbasis is het centraal gelegen Den Burg. Onderweg
komen we massa?s schapen tegen. Er zitten er op het eiland niet minder
dan 16.000 die elk jaar zorgen voor zo?n 20.000 lammetjes.
Onze
fietstocht brengt ons in De Koog voor een bezoek aan EcoMare. Je bent er
gemakkelijk een halve dag zoet, want er worden niet enkel
natuuractiviteiten en wandelingen georganiseerd, maar ook vogels
opgevangen. Verder is er een zeeaquarium en - misschien wel het
allerleukste - zijn er zeehondenbassins. Alle dieren worden er hier
bovenop geholpen en in de Waddenzee losgelaten.
AMELAND: Uitwaaien in de natuur
Ameland
bereik je met de overzetboot die er vanuit Holwerd ongeveer 45 minuten
over doet om op dit veel kleinere eiland aan te komen. Wat meteen
opvalt, is de vuurtoren, een van de hoogste van Nederland, uit 1880.
Vanaf de top - die je bereikt na een stevige beklimming van 236 treden -
heb je een mooi uitzicht op het eiland. In het nabijgelegen dorp Hollum
is het reddingsmuseum Abraham Fock een bezoekje waard. Je ziet er hoe
de oude paardenreddingsboot dienstdeed en je leert er heel wat over het
reddingswezen. In dit meest westelijke dorp staat ook het oudste huis
van het eiland, uit 1615, en op het kerkhof zijn allerlei grafstenen met
een uitgehakte vissersboot te zien. Voor de liefhebbers is een bezoek
aan Kaasboerderij Ameland niet te versmaden.
In het volgende
dorp, Ballum, zijn eveneens heel wat mooie oude huizen te zien. Je moet
er zeker eens binnengaan bij Eetcafé De Boerderij,dat wel een heel
speciale toog heeft... Om de hoek kan je een Nobeltje gaan drinken, dé
Amelander likeur.
Nes is het meest levendige van de vier
Amelandse dorpen en is bovendien centraal gelegen. Het Natuurmuseum in
Nes is een must: je ziet er onder meer het geraamte van een potvis en
allerlei opgezette vogels die op het eiland voorkomen. In Nes zijn
eveneens heel wat gezellige terrasjes en winkels. We huren een fiets en
rijden in de richting van het meest oostelijk gelegen dorp, Buren, maar
onze eindbestemming is het Oerd, een natuurreservaat waar een grote
meeuwenkolonie zit. Je kan er uitwaaien en tegelijk ook allerlei dieren
spotten.
TERSCHELLING: Op zoek naar zeehonden
Na
een rustige vaart van ongeveer 2 uur 15 minuten vanaf Harlingen komen
we aan op Terschelling, na Texel het tweede grootste eiland. Wij stappen
aan boord van de boot de IJmond op zoek naar zeehonden. Bij eb ligt een
hele kolonie op een zandbak
te rusten en te zonnen, sommige zijn op zoek naar vis. We hebben geluk
dat er nu ook kleintjes te zien zijn, die altijd in de zomer geboren
worden.
Vanuit hoofdplaats West-Terschelling, vooral bekend om
de vuurtoren die de naam 'Brandaris' draagt, fietsen we oostwaarts om
de rest van het eiland te ontdekken. Op Terschelling zijn er niet minder
dan 30 km aan stranden en 70 km fietspaden. Een ervan leidt naar het
dorp Formerum waar we het bijzondere Wrakkenmuseum bezoeken. Er liggen
duizenden objecten van jutters en uit scheepswrakken.
Verderdoor in Hoorn is een stop bij Hans Ditzel een aanrader: hij rookt op ambachtelijke wijze, nog op dezelfde manier als zijn overgrootvader, paling, makreel en zalm
in houten kisten. Een andere lekkernij waarvoor het eiland bekend is,
is de veenbes, of de cranberry. Op de terugweg fietsen we langs het
dorpje Midsland, zonder twijfel het gezelligste van het eiland, met zijn
mooie straatjes, witte huizen en zonnige terrassen.
Praktisch
De
Waddeneilanden zijn vlot bereikbaar. . Meestal vertrekt de overzetboot
op het vasteland naar een enkel eiland. De eigen auto mag men meenemen
op Texel, Ameland en Terschelling.
Texel is het eiland dat het
dichtst bij het vasteland is gelegen. De overtocht vanuit Den Helder
duurt ongeveer 20 minuten. . Meer info op www.teso.nl.
De
boten naar Ameland vertrekken vanaf Holwerd. De overtocht naar Ameland
duurt slechts 45 minuten. Info en reservaties
op www.wpd.nl.
De
boot naar Terschelling (en ook het eiland Vlieland) vertrekt vanuit
Harlingen. Een gewone boot doet er ongeveer 2 uur over, zowel voor
Vlieland als voor Terschelling). Er zijn ook sneldiensten die je in
ongeveer 45 minuten naar een van de twee eilanden brengen. Alle info op www.rederij-doeksen.nl
Info: www.holland.com of 02/534 04 10. Specifieke info op www.texel.net, www.vvvameland.nl en www.vvvterschelling.nl
(Bron: HLN.be)
10 meest iconische skylines

Tien meest iconische skylines
Er gaat niets boven het werpen van bewonderende blikken op de skyline van een wereldstad vanuit het vliegtuigraam op het moment dat de landing is ingezet. Cheapflights.com pikte er de meest impressionante voor ons uit. Kortom ziehier tien iconische skylines waar toeristen terecht mee dwepen.
| 1. Hongkong |
|---|
| Hongkong telt meer wolkenkrabbers en inwoners die minstens veertien verdiepingen hoog wonen dan elke andere wereldstad. De indrukwekkende skyline lijkt wel iedere dag te wijzigen en vormt een boeiend schouwspel. |
| 2. New York |
|---|
| Als je aan skylines denkt, kan je natuurlijk niet voorbij aan New York City. De Empire State Building, de Chrysler Building, de Metlife Building, ... Moeten we nog doorgaan? Adembenemende vergezichten te over, vanop de Brooklyn Bridge of aan de Hudson rivier. Aan jou de keuze. |
| 3. Sydney |
|---|
| Er zijn weinig gebouwen te vinden met dezelfde iconische uitstraling als het Sydney Opera House. De wonderlijke constructie aan de Parramatta vormt het middelpunt van de skyline van deze Australische stad. Gewoonweg niet te missen! |
| 4. Rio de Janeiro |
|---|
| Het symbool van Rio is zonder twijfel het enorme standbeeld van Christus de Verlosser, dat vanop de Corcovado berg uitkijkt over de indrukwekkende miljoenenstad omringd door natuurwonderen. |
| 5. Parijs |
|---|
| De skyline van Parijs moet het duidelijk niet hebben van de wolkenkrabbers maar wel van enkele magische iconen zoals de Eiffeltoren en de Sacré Coeur. |
| 6. Chicago |
|---|
| Vanop het water kan je de skyline van Chicago het best bewonderen. De Willis Tower, de Hancock Building en de Navy Pier zijn allemaal even bijzonder. |
| 7. Dubai |
|---|
| Dankzij de oliedollars is de ontwikkeling van Dubai in een stroomversnelling gekomen. Dat wordt ook weerspiegeld in de skyline met de Burj Khalifa als imponerend hoogtepunt. |
| 8. Kuala Lumpur |
|---|
| De impressionante Petronas Towers, die 's avonds sfeervol in het licht baden, zijn zonder twijfel de blikvanger van deze uitermate boeiende skyline van de hoofdstad van Maleisië. |
| 9. Shanghai |
|---|
| De skyline van Shanghai valt op door de diversiteit aan gebouwen waar zoal Art Deco, neoclassicisme en traditionele architectuur een plaatsje gevonden hebben. |
| 10. Moskou |
|---|
| De skyline van Moskou reflecteert de boeiende historiek van de stad en is eigenlijk ongeëvenaard. Als bezoeker maak je een reis doorheen de tijd waarbij oude gebouwen moeiteloos lijken aansluiting te vinden met moderne architectuur. |

(Bron: HLN.be)
Sculpturen en vergezichten in Sydney

Bijzondere sculpturen en adembenemende vergezichten vinden mekaar in Sydney
Elk jaar rond deze tijd duiken er meer dan honderd bijzondere kunstwerken op langs de kust van Sydney. Het 'Sculpture by the Sea festiva'l trekt dan ook tal van nieuwsgierigen die tussen de stranden van Tamarama en Bondi de buitengewone creaties willen bewonderen. Een aanrader! © getty
Venetie
Barcelona; Sagrada Familia

Wilde dieren in Afrika; foto's

Ardeche

Tijdens de nazomer heb je de Ardèche voor jou alleen
Het dorpje Balazuc lijkt wel uit de kalkstenen rotsen gehakt en leunt aan tegen een steile helling die uitkijkt over de Ardèche.
De Franse Ardèche is 's zomers erg populair, maar verken de streek ook eens in de nazomer. Dan heb je de parels van dorpjes en prachtige natuur voor jou alleen.
Kaart Ardèche
Het uitzicht op het terras van Château de Balazuc is verbluffend. Een
overnachting voor twee met ontbijt heb je hier vanaf 130 euro.
De Picondonkaas van Belg Christian Moyersoen, die een AOC-kwaliteitslabel draagt.
Château Clement in kuuroord Vals-les-Bains. Er zijn vijf kamers, een loft en appartement in ondergebracht.
In de late zomer ben je vrijwel alleen als je als toerist door de nauwe straatjes van Voqüé slentert.
De Ardèche wordt vaak in één adem genoemd met de Provence, maar dat doet
deze streek wat onrecht aan. Wie door het landschap rijdt, denkt eerder
aan Corsica vanwege de impressionante rotsformaties, gevormd door
vulkanische activiteit en erosie. De Ardèche slingert zich als een brede
ader door de kalkstenen dalen, wat machtige uitzichten oplevert.
Tuffend van dorpje naar dorpje geniet je het meest van de natuur, die
zich in de nazomer en de vroege herfst stilaan in diepe kleuren hult.
Start: Privas en het dorp van Jean Ferrat
Onze
tocht start in Privas, op ongeveer 870 km rijden van Brussel, maar de
makkelijkste manier om in de Ardèche te geraken is met de tgv van
Brussel-Zuid tot in Valence, amper vier uur sporen. Van daaruit is het
nog 40 km rijden. Privas zelf, met zijn 15de-eeuwse brug, is niet
bepaald een hoogvlieger, maar toch voel je dat je in Frankrijk bent,
vanwege de bouwstijl, de vele passanten met stokbrood onder de arm en
het tragere levensritme. Dat ligt nog een pak lager 36 kilometer
verderop, in het charmante, op een vulkanische rots gelegen
Antraigues-sur-Volane. Ooit speelden Georges Brassens, Jacques Brel en
Jean Ferrat hier samen jeu de boules. Misschien is het zelfs door hen
dat er nu een bordje hangt om te waarschuwen dat petanque verboden is na
middernacht.
Jean Ferrat is zonder twijfel de beroemdste inwoner
van Antraigues en elk winkeltje verkoopt cd's, postkaarten en posters
van de chansonnier, die in 2010 overleed. In 1964 schreef hij hier de
hit 'La Montagne', bij ons bekend als 'Het Dorp' van Wim Sonneveld. Het
lied, over de leegloop van de dorpen van de Ardèche, was een emotionele
liefdesverklaring aan Antraigues, waar hij ook een tijdlang burgemeester
was. Op het kerkhof stuiten we op het graf van Jean Tenenbaum, Ferrats
echte naam. "Quelle est belle ta montagne", staat er op een
herinneringsplaat tussen de bloemen. Kijk rond en je kan niet anders dan
hem gelijk geven...
Na 9 km: Kuuroord Vals-les-Bains
Net
voor het riviertje de Volane de grote Ardèche ontmoet, vind je
Vals-les-Bains, een kuuroord met tal van bronnen, een casino en een
fabriek waar bronwater wordt gebotteld. Hier kom je vooral om te
ontspannen, maar er zijn ook tal van goede restaurants aan het water,
zoals 'Le Carré des Maîtres', dat ook een wijnbar is. Bij goed weer kan
je op het terras zitten met uitzicht op het kabbelende riviertje.
Overnachten doen we in een charmant 19de-eeuws kasteeltje boven op een
heuvel (Chateau Clement,
vanaf 170 euro voor twee personen met ontbijt). De vijf kamers, één
appartement en één loft zijn knap ingericht, het ontbijt is erg lekker
en je kan gebruikmaken van de hamam en de twee zwembaden.
Na 6 km: Kastanjestad Aubenas
Wat
verderop, in Aubenas, staat de fabriek van Sabaton, de meest vermaarde
producent van 'marrons glacés' (gekonfijte kastanjes) en 'crème de
marron' (kastanjepasta). Ooit redde de kastanje de inwoners van de
Ardèche van de hongersnood, maar nu is het een luxeproduct met een eigen
AOC-merk. Vooral de gekonfijte kastanjes zijn een delicatesse die één
voor één met de hand worden ingepakt. De productie vindt plaats vanaf
eind oktober, na de oogst, maar allerlei vruchtenconfituren en crème de
marron worden hier het hele jaar door gemaakt.
Na 10 km: Vogüé en Balazuc, fotogenieke dorpjes
Vanuit
Aubenas is het 10 km zuidwaarts naar Vogüé, een plaatsje dat geregeld
opduikt in lijstjes met de charmantste dorpen van Frankrijk en
gedomineerd wordt door het kasteel van de gelijknamige familie. De
Vogüés waren een van de machtigste geslachten van 'Vivarais', zoals het
departement Ardèche vroeger heette. Door de talrijke verbouwingen blijft
er niet veel meer over van het middeleeuwse kasteel, maar het gebouw is
al bijna 1.000 jaar in handen van dezelfde familie. Nog eens 10 km
verder en niet te missen is Balazuc, een dorp dat uit de rotsen lijkt te
zijn gehakt en aanleunt tegen een steile helling die uitkijkt over de
Ardèche. Van bovenaf lijkt het volledig te bestaan uit daken. Trek wat
tijd uit om de steegjes, winkelvrije straatjes, de fraaie Romaanse kerk
en doodlopende arcades te ontdekken.
Maak vanuit het stadje zeker
ook een wandeling naar het gehucht Le Viel-Audon aan de rivieroever. In
de 19de eeuw verlieten de dorpelingen hun huizen om te gaan wonen in
het hogergelegen deel van Audon, dichter bij de zijderupsplantages. In
de jaren 70 ontdekten enkele inwoners van Aubenas de ruïnes en ze
besloten het gehucht nieuw leven in te blazen. Vandaag wonen er
permanent vijf (!) mensen in Le Viel-Audon. Er worden geiten en varkens
gekweekt, kaas gemaakt en groenten en fruit geteeld. En zo is de Ardèche
nog een mooi dorpje rijker...
Een unieke logeerervaring vind je in Château de Balazuc,
boven aan de rots, in luxekamers waarin natuursteen harmonieus
gecombineerd wordt met trendy details. Het resultaat is verbluffend, net
als het uitzicht op het terras. Er is zelfs een zwembad op het kleine
binnenpleintje waar je onder gewelven uit de 12de eeuw zwemt. Kamer voor
twee met ontbijt vanaf 130 euro.
Na 11 km: Largentière en zijn markt
De
naam Largentière is afgeleid van 'argentaria', de mijnen waar al sinds
de Romeinse periode zilverlood werd gewonnen. Later kreeg de stad
rechten om geld te slaan en die weelde vertaalde zich in de bouw van
fraaie gebouwen, zoals het stadhuis (deels in renaissancestijl), de
gotische kerk en burgerhuizen. Een van de oude stadspoorten bleef
intact, en ook de nauwe geplaveide straatjes flitsen je terug in de
tijd.
Probeer op dinsdag naar Largentière te komen om rond te
slenteren over de uitgebreide markt, inkopen te doen en allerlei lekkers
te proeven.
Voor een heerlijke nazomerlunch op een terras naast een fonteintje of in de zon naast een zwembad, moet je naar hôtel Le Chêne Vert in Rocher, op 5 minuten rijden van Largentière.
Na 21 km: Picadon in Planzolles
In het kleine Planzolles ontmoeten we Christian Moyersoen, een Belg die al meer dan twintig jaar pikante Picodon-geitenkaas
maakt. "Ik heb zelf zo'n 120 geiten en koop ook kwaliteitsmelk van
andere producenten, om zo tot een Picodon te komen die een AOC-label
heeft", legt Christian uit. Deze zomer opende hij samen met een aantal
andere Picodon-makers boven zijn zaak een exporuimte waar jong en oud
kan zien hoe deze lekkernij uit de Ardèche wordt gemaakt.
Wie
niet genoeg krijgt van streekspecialiteiten, kan op weg naar Planzolles
stoppen in Joyeuse, waar het 'Musée de la Châtaigneraie' is gevestigd.
Na 28 km: Gorges de l'Ardèche
Op
naar het bekendste stukje van de Ardèche: de Gorges de l'Ardèche. Dit
indrukwekkende kloofdal strekt zich 32 km lang uit tussen
Vallon-Pont-d'Arc en Aiguèze. Wil je niet met de kajak op verkenning,
dan kan je het vanuit de auto verkennen en halt houden aan de vele
uitzichtspunten. Die zijn allemaal spectaculair, maar stop zeker aan de
Belvédère du Serre de Tourre, waar je de overweldigende natuur perfect
in je kan opnemen, en de beroemde Pont d'Arc, een natuurlijke rotsbrug
over de rivier. Vlak bij de brug kan je slapen en eten in de nieuwe
Lodge du Pont d'Arc (Prehistoric Lodge, vanaf 95 euro). Het concept is uniek: je overnacht in tenten met alle comfort of het ecologische hoofdgebouw.
Dat
de Ardèche niet alleen een streek van water is, ontdekken we in
Bourg-Saint-Andéol, even ten noorden van de Gorges de l'Ardèche. De
Vlaamse Jessy leidt er samen met echtgenoot Roland en schoonmoeder
Jocelyne wijndomein Château Rochecolombe (tel. 0033/475 54 50 47).
Rolands overgrootvader, de Oudenaardse schrijver en componist Robert
Herberigs, kocht het kasteel in 1928 om er abrikozen te telen. Na de
Tweede Wereldoorlog plantten zijn kinderen wijnstokken in de plaats.
Vandaag beslaat het domein 24 hectare, goed voor 70.000 flessen rode,
witte en roséwijn per jaar.
Wil je overnachten bij een wijnmaker,
trek dan naar Domaine Notre Dame de Cousignac waar Raphaël Pommier
kenners en leken laat genieten van de omgeving vol druivenranken (tel.
0033/475 54 61 41). Eenvoudige kamers en prima ontbijt (vanaf 50 euro),
maar je komt hier vooral voor de rust en Raphaëls enthousiasme. Hij
wijst je ook goede restaurants in de buurt aan, zoals Le Prieuré in
Bourg-St-Andéol. Van hieruit terugkeren naar huis is simpel: de afstand
tot het station van Valence bedraagt 75 km.
Praktisch
Erheen: Met de tgv vanuit Brussel naar Valence, dagelijks viermaal rechtstreeks. Heen en terug vanaf 58 euro. NMBS-Europe
Beste periode: september en oktober voor de herfstkleuren en temperaturen tot 23°C.
Info: Ardèche Guide
Aiquèze is een middeleeuws dorpje aan het water, op het einde van de Gorges de l'Ardèche.(Bron: HLN.be)
Theefabriek in Houwerzijl

Spanje; Costa Blanca
Wandelen in de omgeving van Alicante: de Serra Grossa
Als eerste tocht na de zomerstop een niet al te lange en vrij eenvoudige tocht op de Serra Grossa, de berg aan de noordkant van de stad Alicante.
Praktische informatie
Duur: 1,5 uur
Moeilijkheidsgraad: Eenvoudig
Beginpunt: Over de snelweg (A-70) komend neemt u de afslag Alicante Norte en u rijdt dan de N-332 op in de richting van Alicante-centrum. Als u al over de N-332 reed, blijft u vanuit het noorden de doorgaande weg volgen tot u uitkomt bij een aantal hoge gebouwen. Links van de weg staat de oogkliniek Vissum, rechts de vruchtbaarheidskliniek IVI. Op dit punt neemt u één van de rechter rijstroken zodat u de rotonde met de grote fontein bereikt. Hier gaat u helemaal rond zodat u eigenlijk weer terugrijdt richting noorden maar daarna gaat het meteen schuin rechts van de doorgaande weg af. U rijdt nu evenwijdig aan de N-332 en passeert een groot restaurant (Colonial), gaat aan het einde rechts en op een rotonde die meteen daarna komt, linksaf. Op de volgende rotonde slaat u rechtsaf en u parkeert rechts van de weg.
Komt u over de N-332 uit het zuiden, dan rijdt u tussen de haven en Explanada naar het noorden en neemt even na het passeren van een driehoekige flat de rechter-rijstrook. Op de rotonde van kliniek Vistahermosa gaat u heel even rechtdoor en dan meteen schuin rechtsaf, u passeert het restaurant en gaat dan verder zoals hierboven beschreven.
Wandeling
U bevindt zich nu vlak naast de Serra Grossa, wat letterlijk ‘de groffe berg’ betekent. De Serra Grossa is dan ook de grootste van de drie heuvels die er op het grondgebied van de stad Alicante liggen en die alle drie een belangrijke rol speelden in de geschiedenis van de stad. De meest noordelijke is de Tossal de las Manises, waarop de Romeinse opgravingen van Lucentum liggen, de meest zuidelijke is de Benacantil, waarop het Santa Bárbarakasteel ligt, en ertussen ligt de Serra Grossa, waar vondsten uit de prehistorie zijn gedaan.
U loopt een stukje verder over de weg waaraan u geparkeerd staat en ziet ter hoogte van een zebrapad aan uw linkerhand een trapje. U kunt dit oplopen en achter het door graffiti onleesbaar geworden informatiebord rechtsaf slaan. Maar het is gemakkelijker om na de zebra nog een paar meter verder te lopen en dan aan uw linkerhand het brede pad in te slaan waar u even later een ketting ziet. Doet u het eerste dan komt u daar ook terecht.
U passeert de ketting en gaat via een breed pad dat tussen de dennenbomen doorloopt geleidelijk omhoog. De Serra Grossa is slechts 161 meter hoog dus de klim is niet vermoeiend. Na enkele minuten kunt u echter al over de nabije wijken uitkijken en met elke stap wordt het uitzicht weidser.Het pad maakt een scherpe bocht en loopt nu noordwaarts verder omhoog.
U
passeert de resten van een steengroeve en even later een oefenmuur van
rotsklimmers. Inmiddels kunt u al een heel eind het binnenland in kijken
en van de stad Alicante ziet u onder meer het voetbalstadion. Het pad
maakt nog een paar zigzag-bewegingen omhoog en u blijft steeds het
doorgaande pad volgen. Er zijn hier en daar wat smallere paden die
afslaan maar die negeert u.
Na een mooi stukje vlak langs een
rotswand maakt het pad nog een scherpe bocht en komt dan uit op een
grote open plek boven op de berg. U heeft nu uitzicht naar beide kanten
en kunt een stuk in de richting van de zee lopen om verder weg te kunnen
kijken.Voor onze route volgt u echter het pad dat verder zuidwaarts
loopt, ofwel met het binnenland aan uw rechterhand en de zee aan uw
linkerhand.
Vijf minuten na de grote open plek komt u bij een
tweede open plek. Ook hier kunt u een stukje naar links lopen voor een
extra mooi uitzicht, op bijvoorbeeld Cabo de Santa Pola en de haven van
Alicante. Aan deze kant gaat er ook een smal pad verder zuidwaarts, dat
na een paar minuten weer uitkomt op hetzelfde pad dat u net volgde.
U
loopt zuidwaarts tot u een half vergaan betonnen paaltje bereikt. Loop
nu nog een paar passen verder over de rotsen en ga dan eens even rustig
zitten. U heeft hier een fantastisch uitzicht op het Santa
Bárbara-kasteel, het grootste Middeleeuwse kasteel van Europa. Het ligt
recht tegenover u. Ook opvallend is de grote waterput die in de diepte
onder u ligt en die vroeger een grote rol speelde bij de
watervoorziening van de stad. En verder een tweetal steengroeven en het
Postiguet-strand.U loopt terug naar het paaltje en eventueel even naar
een groepje dennenbomen aan de linkerkant. Daar loopt een smal paadje
naar een andere kleine steengroeve, waar u een kijkje kunt nemen.
Tegenwoordig komt alle steen voor de gebouwen in Alicante van bergen
verder buiten de stad maar in de negentiende eeuw en de eerste helft van
de twintigste eeuw waren de steengroeven in de Serra Grossa heel
belangrijk.
U loopt via hetzelfde pad als van de heenweg
noordwaarts naar de eerste grote open plek. Daar aangekomen loopt u
verder noordwaarts, tussen enkele halfvergane betonnen paaltjes door. U
komt uit bij een breed grindpad dat u rechtsaf oploopt en gedurende
enkele tientallen meters gaat u naar beneden tot u weer bij een
splitsing komt, waar u links gaat. Het zal u opvallen dat hier veel
cipressen zijn aangeplant, die stammen nog uit de tijd dat de
steengroeven in gebruik waren.Op het pad waar u nu loopt, is het heel
stil. U hoort geen verkeer en is het ongelooflijk dat u dichtbij een
drukke hoofdstad loopt. Het pad stijgt weer een beetje en komt uit op
een prachtig uitkijkplekje waar u zich recht boven de Albufereta
bevindt. Links ziet u de Cabo de las Huertas en voor u de omstreden
flats die veel te dicht bij zee staan.
U vervolgt het pad en
komt na enkele tientallen meters een ander pad tegen. Het pad dat verder
rechtsaf naar beneden gaat leidt naar de Albufereta. U gaat echter
linksaf en na vijf minuten bij een muurtje met cipressen schuin
rechtsaf. Even later staat u weer op de grote open plek op de top. U
gaat hier rechtsaf naar beneden en bent in twintig minuten via hetzelfde
pad van de heenweg terug bij de auto.
Door: Bea Lutje Schipholt
(Bron: De Week)
Theefabriek

-
Nederlands enige theemuseum,
- de theeschenkerij met de meest uitgebreide theekaart ter wereld en
- een geurige theewinkel,
Het is een vreemd idee dat je in de kerk gezellig een kopje thee kunt drinken met een keuze uit 273 soorten thee.uit alle hoeken van de wereld.maar ik kan u verzekeren dat het enorm gezellig is.

Australie: Groot Barriererif
Wereldtoerismedag

Wereldtoerismedag staat stil bij verantwoord toerisme


Op 27 september aanstaande is het Wereldtoerismedag, een jaarlijks terugkerend evenement waarbij stil wordt gestaan bij het belang van het internationaal toerisme.
Op 27 september 1970 werden in het kantoor van de United Nations World Tourism Organisation (UNWTO) statuten vastgelegd die tot doel hadden internationaal bewustzijn te creëren op het gebied van Wereldtoerisme. Onder de paraplu van de Verenigde Naties wilden de initiatiefnemers meer aandacht genereren voor de sociale, culturele, politieke en economische voordelen van grensoverschrijdend toerisme. Men kwam tot de conclusie dat toerisme een belangrijk middel kan zijn bij de ontwikkeling van een plaats of gebied maar dat grenzeloos toerisme ook tot uitwassen kan leiden.
Tien jaar na die bewuste dag besloot hetzelfde UNWTO dat er een jaarlijkse dag voor het toerisme in het leven moest worden groepen waar even stilgestaan zou worden bij de belangen van toerisme. Als datum werd de dag uitgekozen waarop ooit de statuten werden vastgelegd.
De Wereldtoerismedag zag daarmee het levenslicht maar als terugkerend evenement duurde het vele jaren voor het enige aandacht kreeg. In het begin werd er niet of nauwelijks bij stilgestaan en het is pas de afgelopen tien jaar dat de dag meer aandacht krijgt. In die laatste tien jaar is de Wereldtoerismedag ook meer gestructureerd geworden. Er wordt elk jaar een land aangewezen als gastland en elk jaar krijgt een thema.
In 2012 is het gastland dus Spanje en het thema luidt: ‘Toerisme en verantwoord energiegebruik: stuwende kracht achter een verantwoorde ontwikkeling’. Een hele mond vol, maar het is duidelijk wat men hiermee wil zeggen: toeristische ontwikkeling is waardevol maar hoe verenig je dat doel met het verantwoord gebruiken van de steeds schaarser wordende energiebronnen in de wereld?De keuze voor Spanje als gastland is niet heel vreemd als men bedenkt dat Spanje niet alleen een land is dat een groot deel van zijn inkomsten uit het toerisme haalt, maar ook tot de landen behoort die het meest investeren in schone energie. Op dit moment is twintig procent van alle energie die in Spanje gebruikt wordt, afkomstig uit schone energiebronnen zoals windmolens en zonnepanelen.
Alicante
Maar het gaat op de Wereldtoerismedag dus vooral over toerisme en daarom hebben sommige gemeenten op die dag een speciaal programma opgesteld, waarbij het thema in het oog wordt gehouden. Het meest actief op dat gebied is de gemeente Alicante, waar men zich vooral op de eigen inwoners richt, gezien de titel ‘Wees toerist in uw eigen stad’.
Maar iedereen kan zich tot 26 september bij het
toeristeninformatiekantoor aan de Rambla Méndez Núñez aanmelden voor de
drie verschillende excursies die de gemeente heeft uitgestippeld.
De
eerste excursie neemt de deelnemers op 27 september mee naar het Museo
de Aguas in het oudste gedeelte van de stad. Het watermuseum is
gevestigd in en naast de Pozos de Garrigós, eeuwenoude waterputten. De
putten zorgden tot 1898 voor de watervoorziening in de stad Alicante. In
het museum wordt op een didactische manier uitgelegd hoe deze
watervoorziening tot stand kwam en hoe na het graven van het zogenoemde
‘Canal del Cid’ het water uit Sax werd aangevoerd. Ook is er een
verdieping gewijd aan de huidige waterhuishouding in de stad.Het
watermuseum ligt tegen de hellingen van de berg Benacantil en de
excursie wordt dan ook voortgezet met een bezoek aan het Parque de la
Tuna, een vorig jaar ingewijd park dat een mooi voorbeeld is van hoe
natuur kan worden opgeknapt. In het Parque de la Tuna is de geërodeerde
berghelling opnieuw beplant met 800 bomen en duizenden autochtone
planten. Ook is er een waterval, een drinkwaterbron en zijn er
wandelpaden en bankjes neergezet.
De tweede excursie nodigt de
deelnemer uit op de TRAM te stappen. Alicante is trots op dit schone
vervoermiddel, dat de laatste jaren enorm aan populariteit wint. Er
wordt een rit naar Playa de San Juan gemaakt en vervolgens wordt het
controlecentrum van de TRAM bezocht, waar uitgelegd wordt wat de rol van
de tram is in het kader van verantwoord en schoon toerisme. De derde
excursie voert te voet naar het Parque de la Ereta, het park met het
mooiste uitzicht van de stad Alicante. Hier is het doel te laten zien
dat dit soort mooie plekjes ook heel goed bereikt kunnen worden, zonder
dat men de vervuilende auto in stapt. Het is weliswaar een aardige klim
maar de beloning is een uitzicht op de hele baai van Alicante. Om mee te
doen aan deze gratis excursies moet men zich zoals gezegd van te voren
opgeven. Maar de genoemde parken en het museum zijn natuurlijk ook prima
geschikt voor een bezoek op eigen houtje. Ze vormen bovendien een mooie
aanleiding om het sfeervolle oude centrum van Alicante weer eens met
een bezoek te vereren.
Pego
In Pego (Marina Alta)
organiseert men in verband met de Wereldtoerismedag ook twee excursies,
die de komende weken elk weekend plaatsvinden. Van 15 september tot 20
oktober kunt u elk weekend deelnemen aan een wandeltocht door het
centrum van Pego. En van 16 september tot 11 oktober kunt u zich elk
weekend door het mooie natuurpark El Marjal tussen Pego en Oliva laten
leiden en kennis opdoen over de rijstteelt en de flora en fauna die hier
voorkomt. Beide excursies zijn gratis en de informatie wordt in meer
dan één taal verteld. Opgeven kan bij het plaatselijk toeristisch
informatiekantoor.
Er zijn ongetwijfeld meer gemeenten in de
provincie Alicante die op of rondom 27 september activiteiten
organiseren in verband met de Wereldtoerismedag. Over het algemeen kan
men u in de plaatselijke toeristeneinformatiekantoren meer vertellen
over deze initiatieven.
Door: Bea Lutje Schipholt
provincie Alicante; Spanje
Warmste en droogste augustusmaand in 42 jaar
ALICANTE – De afgelopen maand augustus was in de provincie Alicante de warmste én de droogste in de afgelopen 42 jaar. Tot die conclusie komt het staatsmeteorologisch agentschap AEMET, dat berekende dat de gemiddelde temperatuur in augustus op het extreem hoge cijfer van 27,5 graden uitkwam. Dat is 2 graden warmer dan de gemiddeld. De warmte was het ergst in de periode 9 tot 11 augustus en 18 tot 25 augustus, hoewel er de hele maand slechts twee dagen waren dat de temperatuur onder het normale gemiddelde lag: 7 en 31 augustus. Augustus was ook extreem droog, met een gemiddelde neerslag van slechts 5 liter per vierkante meter (5 mm). Dat laatste baart de klimaatexperts zorgen omdat er het hele jaar al zeer weinig neerslag valt. Gewaarschuwd wordt dat de waterreserves op hun einde lopen en dat het in de herfst overvloedig moet regenen om nieuwe reserves op te kunnen bouwen. Een ander punt dat de klimaatexperts zorgen baart is de extreem hoge temperatuur van het zeewater. Het zeewater was vorige week nog 28 graden en als deze warme luchtlagen in botsing zouden komen met veel koelere die van het land afkomen, zou de kans op hevige regenbuien in de komende weken, de zogenaamde gota fría, wel eens groter kunnen zijn. Ondanks het feit dat regen zeer welkom en nodig is, veroorzaken dergelijke gota fría-buien over het algemeen veel schade door overstromingen en dat is het laatste waar de kustgemeenten op zitten te wachten.
(Bron: De Week)
Azoren

Rechtstreeks naar de Azoren
De enige theeplantages van Europa liggen aan de noordkust van São Miguel.
De Azoren liggen niet langer aan het eind van de wereld, maar op goed vier uur vliegen. Sinds kort is er immers vanuit Brussel een wekelijkse rechtstreekse vlucht naar San Miguel, het grootste eiland van de Azoren. Maar ook de drie centraal gelegen eilanden - Terceira, Pico en Faial - zijn de moeite waard. Viermaal uniek, viermaal verschillend. Maak kennis met de Azoren!
De kerk in de buurt van de haven van Agra do Heroïsmo is pastelblauw.
Een sportieve daguitstap: de vulkaan Pico (2.351 meter) beklimmen.
Tweemaal per dag kan je met de boot gaan walvissen spotten vanuit uit Horta.
Net zoals in IJsland kan je in Furnas kokende en pruttelende minigeisers gaan bekijken.
PicoPico is misschien wel het boeiendste eiland, gedomineerd door de lichtjes rokende vulkaan Pico, die tot aan de wolken reikt. Vergeet je wandelschoenen niet. De lucht is zo zuiver dat je steeds maar diep blijft inademen en inademen. Op de hellingen grazen duizenden koeien: Simmenthalers die nooit de binnenkant van een stal hebben gezien. Aan de kust ligt een lint van schattige dorpen met witte huisjes en verzorgde tuinen.
Niet te missen
Beklimming van de vulkaan Pico: reken op een wandeling van zes uur heen en terug. Een gids is aan te bevelen. De krater is 500 m breed, en overal komt er warme stoom uit de berghellingen.
Walvismuseum in Lajes: tot de 19de eeuw kwamen Amerikaanse walvisjagers hier potvissen vangen. De inwoners van Pico waren uitstekende harpoeniers.
Wijngaarden in Criação Velha: eeuwenlang hebben wijnboeren de vulkanische stenen op elkaar gestapeld om muurtjes te vormen rond kleine percelen, waarin ze dan één wijnstok plantten. De lavawanden gaven 's nachts de warmte van de zon weer af, ecologie avant la lettre. De witte verdelhowijn van Pico werd zelfs door de tsaren van Rusland gedronken. Het landschap is zo merkwaardig dat het door Unesco is beschermd.
Logeren
Bijzonder leuk is een verblijf in een van de twaalf huisjes van Adegas do Pico. Maria en José zijn lang geleden geëmigreerd naar California en nu op rijpe leeftijd teruggekeerd naar hun eiland. De Amerikaanse invloed is te merken aan de uitstekende inrichting van keuken en badkamer, de woon- en slaapkamers zijn gezellig rustiek. Alle huisjes hebben een uitzicht op de oceaan, geen zwembad, maar zwemmen kan in de oceaan! Vanaf 27,20 euro per persoon per nacht.
Eten & drinken
Voor een heerlijke vissoep is Marisqueria O Ancoradouro in Areia Larga (kade ten westen van Madalena) een goed adres. Een klassiek voorgerecht op alle eilanden is een soort ricottakaas bestreken met een laagje pikante rode saus.
Hoppen
Vluchten naar Terceira en San Miguel, de ferry naar Faial (zonder auto).
Faial
Malse groene weiden, rode windmolens, zwarte lava, bonte koeien en dan die bloemen: alle wegen op Faial zijn afgeboord met felblauwe hortensia's. Op Faial vind je heel wat uitgedoofde vulkanen (caldera's), maar ook een vulkaan die in 1957 nog van zich liet horen en ervoor zorgde dat het eiland een paar vierkante kilometer vergrootte.
Niet te missen
Maanlandschap: zes maanden lang werden huizen en velden van Faial bedolven onder een regen van as en gruis. De vuurtoren die vroeger op de rand van de klif verrees, staat nu eenzaam middenin een desolaat landschap. Ondergronds werd een Vulkaanmuseum van Capelinhos gebouwd, wetenschappelijk, maar boeiend voorgesteld met 3D-computeranimatie.
Wandelen naar de tien vulkanen: dat neemt al gauw een paar dagtochten in beslag, maar is ook leuk met de auto.
Walvissen spotten: je moet een beetje geluk hebben, dolfijnen daarentegen zijn er in overvloed. Je kunt ze bijna aanraken, zo dicht zwemmen ze langs de boot. Twee keer per dag is er een excursie vanuit Horta.
Peter's Café in Horta: het café dat alle zeilers ter wereld kennen en beroemd is voor zijn gin tonic.
Vlaamse sporen: Faial is gesticht door Vlamingen, getuige het dorp Flamengos en de graven en wapenschilden in de kerk van Horta. Ze waren snel ingeburgerd, want Willem van de Haeghen werd Guilhermo da Silveira en Joost van der Aerden veranderde in José de la Terra.
Logeren
Wij logeerden in Hotel do Canal, een doorgangshotel tegenover de aanlegsteiger van de ferry. Leuker is de Pousada de Horta in het 16de-eeuwse fort. Met zwembad en vanaf 41,40 euro per persoon per nacht.
Eten & drinken
In Horta: O Marineiro (Rua Almeida Garett) en Canto do Boca (Rua Nova) waar je zelf je vis en vlees moet grillen op gloeiend hete lavastenen.
Hoppen
Tussenvluchten naar San Miguel en Terceira. Meerdere afvaarten per dag naar Pico (30 minuten), maar de ferry neemt geen auto's mee.
Terceira
Agra do Heroïsmo op Terceira is de oudste en mooiste stad van de Azoren en sinds 1983 Unesco-werelderfgoed. Bronnen beweren dat ze in 1450 is gesticht door ene Jakob uit Brugge, een Vlaming in dienst van de Portugese koning Hendrik de Zeevaarder. Vijftienhonderd landgenoten zijn hem gevolgd: boeren, vissers, ambachtslui, met vrouwen, kinderen en vee!
Niet te missen
De stad Agra: rijke herenhuizen, kerken en stemmige pleinen. De haven had twee baaien waar de galjoenen en karvelen veilig konden aanmeren, beladen met goud, zilver en specerijen uit de Nieuwe Wereld. Toen later de zeilschepen ook in staat waren om tegen de wind in te varen, waren de Azoren niet langer een noodzakelijke tussenstop en verloor Agra die belangrijke rol. Sindsdien is het historische centrum vrijwel onaangeroerd gebleven.
Quintas: mooie, statige landhuizen van rijk geworden sinaasappelboeren en wijnhandelaren.
'Imperios': felgekleurde kapelletjes overal langs de weg, ter ere van Santo Spirito, de Heilige Geest.
Logeren
Op wandelafstand van het centrum van Agra ligt Terceira Mar Hotel: keurig, een beetje saai van inrichting, maar wat een uitzicht! Met een zwembad in een enorme tuin. Vanaf 27,20 euro per persoon per nacht.
Hou je van design, dan is hotel Atlantida jouw adres: nieuw, helder wit, en altijd uitzicht op de oceaan. Op wandelafstand van Praia da Vitoria. Vanaf 34 euro per persoon per nacht.
Altijd stemmig is een verblijf in een quinta, een tot gastenverblijf omgebouwd landhuis.
Eten & drinken
Het beste restaurant van onze hele trip was Sabores do Chefe, in Praia da Vitoria, met prijzen die naar onze normen laag zijn. Een fles wijn kost 10 euro, het duurste hoofdgerecht 15 euro.
De beste biefstuk (Bife a casa) aten we in restaurant Caneta in Altares, op de kustweg naar Angra.
Hoppen
Tussenvluchten naar alle eilanden mogelijk.
San Miguel
San Miguel is het grootste eiland van de Azoren. Hier kan je gerust een week verblijven zonder je te vervelen. De Azoren zijn van vulkanische oorsprong, de kraters die al miljoenen jaren geleden tot rust zijn gekomen heten hier 'calderas'. Vaak zijn ze gevuld met water en vormen ze gaafronde meren. Veel toeristen komen om te wandelen, maar je kunt perfect alles met de auto bezoeken.
De wegen zijn uitstekend en afgeboord met hagen van bloemen, wilde azalea's, hortensia's, aronskelken en lelies. Elk seizoen heeft zijn kleur. Overal langs de kust zijn er miradores, uitkijkplekken om dé foto van je leven te maken.
Niet te missen
Caldera Lagoa das Sete Cidades: één meer is gevuld met groen water, het andere met blauw. De top zit vaak in de wolken, maar het weer verandert hier om de haverklap, een halfuur later heb je veel kans dat de hemel plots is opengetrokken.
De honderdjarige vuurtoren van Feteiras: omdat alle schepen nu met gps varen, doet hij geen dienst meer, maar hij wordt zorgvuldig onderhouden door de Portugese marine. Een officier, netjes in uniform, geeft je uitleg in zijn beste Engels. Aan de voet van de vuurtoren ontspringen talrijke hetewaterbronnen en kun je in het warme zeewater zwemmen in bassins die in de lava zijn uitgehouwen.
Furnas om klokslag twaalf uur: de aarde borrelt en pruttelt en overal komen kleine geisers uit de grond. Net zoals in IJsland graven de inwoners diepe kuilen waarin ze hun 'cozido' laten garen. Grote potten in aardewerk worden 's ochtends gevuld met lagen groenten, vlees en aardappelen en voor het middagmaal met busjes naar de restaurants rond het meer gebracht. Typische boerenkost en nogal zwaar; tijd dus voor een wandeling in de botanische tuin Terra Nostra met 2.500 soorten planten. Om elke tuinliefhebber stikjaloers te maken.
Theeplantages in Formosa: de kunstig gesnoeide bolvormige struiken groeien tot aan de rand van het klif. Net alsof je in Sri Lanka was.
Ponta Delgada: dé stad om te winkelen, niet dat ze er het laatste modesnufje hebben, maar wel een stuk goedkoper dan bij ons. The place to be voor een terrasje is het einde van de havenpier, met het mooiste uitzicht op de stad.
Logeren
Hotels in Ponta Delgada zijn stadshotels. Wij logeerden in Royal Garden, nieuw en in het centrum, met zwembad en tuin. Vraag een kamer die niet aan de straat ligt. Vanaf 29,80 euro per persoon per nacht met ontbijt. Voor een langer verblijf is Hotel Caloura Resort een goed adres, schitterend gelegen aan zee in een bloementuin, en je kunt eten op het terras. Om héél lang te aperitieven, zo mooi is het uitzicht.
Eten & drinken
Leuke restaurants zijn er op de kade van Ponta Delgada. Restaurant van Hotel Do Collegio is uitstekend en serveert een driegangenmenu voor 25 euro.
Onderweg op het eiland kun je stoppen in elk café waar de lokale Maria in de potten roert en echtgenoot José de klanten bedient. Op de kaart: vooral stoofschotels. Ook de inktvis in café O Micaelense in Vàrzea (naast de vuurtoren van Feteiras) is heerlijk.
Hoppen
Tussenvluchten naar alle eilanden en een ferry naar Faial, Pico en Terceira. Naar zustereiland alleen in juli en augustus.
Vier seizoenen in één dag
Op de Azoren kan het weer zo snel omslaan zodat je hier wel eens 'vier seizoenen in één dag' kan beleven. Door de ligging in een atmosferisch hogedrukgebied is het klimaat hier bijna altijd zacht en aangenaam, maar afgewisseld met stevige buien. De grote vochtigheid op de Azoren heeft als bijkomstigheid dat het een schitterend groene eilandengroep is.
Bron: Klimaatinfo
Praktisch
Erheen: Jetairfly vliegt tot 8 oktober elke maandag rechtstreeks naar San Miguel in goed vier uur. Je kan ook alleen het vliegtuigticket boeken (vanaf 110 euro enkel) of in combinatie met hotel(s) uit de Jetairbrochure Azoren. Jetairfly of Jetair
Eilanden combineren: Wie verschillende eilanden wil bezoeken, kan à la carte en op eigen ritme zijn reis samenstellen met de domino formule. Je bepaalt zelf het aantal tussenvluchten, aantal nachten per eiland en de huurauto's die telkens aan de luchthavens klaar staan. Wil je niet zelf rijden, dan zijn er begeleide excursies en transfers naar de hotels. Meer info op: Jetair Azoren of via de reisagent.
Golfen: nooit druk en de temperaturen zijn ideaal om te golfen. In San Miguel beschikt de Golf de Batalha (1986) over 3x9 holes, deels langs de oceaan. Furnas Golf Club (1939) is vlakker en gelegen in een woud van Japanse ceders. Greenfees (± 50 euro) te boeken via hotels ter plaatse. Op Terceira is er een aangename golfbaan (18 holes), in de jaren 50 aangelegd voor de VS-basis. Greenfee: 30 euro. Azores Golf Islands
(Bron:HLN.be)
Herfst

Wonderful world
Weekendje D-day

Weekendje D-Day in Normandië
Op de stranden van Arromanches zie je zelfs nog de landingsvoertuigen van de Britten liggen.
De hoogtepunten van de Vrijheidskust, en meer, gebundeld in een goedgevuld weekend.
Honfleur
Honfleur heeft een vissershaven, smalle
straatjes, hoge vakwerkhuizen en natuurlijk restaurants, cafés,
terrasjes, winkels en galeries. Het meest pittoreske badstadje van de
mondaine Côte Fleurie is een plaatje en is dan ook al eeuwen een
pleisterplaats voor schilders en schrijvers. Koop op zaterdagmorgen je
picknick op de sfeervolle markt met streekproducten: baguette met
Camembert of Pont-L'Eveque - de beroemde lokale kazen. Of wat
stijlvoller: kies op de visserskade van Honfleur het zonnigste terras
uit en bestel een schotel zeevruchten en een flesje witte wijn, met een
lokale Calvados als pousse-café.
Deauville
Honfleur
heeft geen strand, Trouville-sur-Mer en Deauville wél. Trouville is
ouderwetser, maar gezelliger dan het mondaine Deauville. Geen betonnen
blokkendozen, maar villa's en hotels met stijl en karakter. Napoleon III
had hier zelfs zijn zomerresidentie. Al honderd jaar werkt Deauville
als een magneet op de 'rich and famous', met exclusieve winkels,
thalossacentra, een casino en chique jachthaven. Fijn om te flaneren op
'Les Planches' - de houten promenade.
Houlgate
In
badplaatsjes Bénerville, Blonville-sur-Mer en Villers-sur-Mer wisselen
zandstranden en spectaculaire kliffen ('falaises') elkaar af. Op de
heuvels met uitzicht op zee bouwde de Europese aristocratie haar
villa's. Rij helemaal tot in Houlgate - nog zo'n droomplek - voor mooie
lanen, huizen en tuinen, een pracht van een zandstrand en zalige
vakantiesfeer.
Logeren: Le Bellevue (***) in Villerville sur Mer.
Een mooie Normandische villa met prachtig uitzicht op zee, uitstekende
service en (vis)restaurant. Prijs: 124 euro per persoon per nacht,
ontbijt en diner, kamer met zeezicht. Bellevue Hotel
Arromanches
In Normandië werd
in 1944 de Tweede Wereldoorlog in een beslissende plooi gelegd. Tussen
Arromanches en Sainte-Mère-Eglise liggen tientallen grote en kleine
oorlogsmusea, militaire kerkhoven en natuurlijk de landingsstranden als
Utah en Omaha Beach.
Arromanches was een mobiele haven,
die door de Duitsers fel werd verdedigd. Vandaag vind je hier nog het
Musée du Débarquement en boven op een helling Arromanches 360, een
bioscooptheater in cirkelvorm waar een panoramische film wordt getoond.
Het uitzicht over de baai is mooi, maar de parking peperduur.
Longues-sur-Mer
Een
volgende interessante stop is Longues-sur-Mer, waar zich Duitse
versterkingen bevinden met bunkers die nog zijn uitgerust met kanonnen.
Herinner je de legendarische scène uit de oorlogsfilm De Langste Dag,
wanneer een Duitse soldaat op ochtendwacht zich de slaap uit de ogen
wrijft en door de nevel plots de geallieerde boten ziet opdoemen. Het is
trouwens ook vanuit deze observatiepost dat de iconische beelden werden
opgenomen.
Een natuurfenomeen in de buurt is Le Chaos, een
prachtige kuststrook met rotsen die onderaan zijn afgebrokkeld en waar
je bij laagtij een mooie wandeling kan maken.
Colleville-sur-Mer
Het
grootste en meteen ook bekendste Amerikaanse kerkhof ligt in
Colleville-sur-Mer, dat uitkijkt over Omaha Beach. Een terrein van
zeventig hectare, perfect onderhouden, met 9.386 graven, alles in
Carrara marmer.
Maisy Battery
Maar dé
ontdekking van onze landingsroute is Maisy Battery, het Duitse
verdedigingswerk nabij Pointe du Hoc, dat zestig jaar lang voor de
wereld verborgen bleef en door de gepassioneerde Brit Gary Sterne stuk
voor stuk werd blootgelegd. De site omvat kilometerslange gangen en
bunkers. Onder een laag aarde werden wapens en afweergeschut gevonden,
maar ook stoffelijke resten van omgekomen Duitse soldaten. Maisy Battery
komt niet voor in de geschiedenisboeken en de jacht op nieuwe
ontdekkingen duurt voort tot op vandaag. Bezoekers kunnen door de
loopgraven wandelen, vanuit bunkers door kijkgaten naar de zee turen en
naast de originele met camouflagenetten bedekte Duitse Howitzers staan
die hun projectielen afschoten op de naderende Amerikanen. Het vergeten
deel van de Atlantic Wall werd uiteindelijk op 9 juni 1944 ingenomen
door de US 5th Rangers.
Sainte-Mère-Eglise
Nog
zo'n beeld uit De Langste Dag dat op ieders netvlies is gebrand: de
Amerikaanse parachutist John Steele blijft tijdens de landing met zijn
parachute haken aan de toren van de dorpskerk van Sainte-Mère-Eglise en
houdt zich twee uur lang voor dood. Dat redt zijn leven. Er hangt nog
altijd een geüniformeerde pop aan het kerkje, compleet met parachute.
Nieuw: voor 8 euro (+ 250 euro waarborg) kun je een visioguide huren,
waarmee je in een straal van 50 km elf oorlogssites in alle vrijheid kan
bezoeken. Het gps-toestel biedt films, interviews en andere historische
informatie die je op je tocht vrij kan raadplegen.
Logeren: Le Grand Hard (***) in Saint-Marie-du-Mont (Le Grand Hard).
Belgisch hotel net buiten het dorp vlakbij Utah Beach op een groot
domein met paardenstallen. In een prachtig natuurgebied, omringd door
tientallen kilometers zee met fijne zandstranden en woeste rotskusten.
Goed restaurant met zeevruchten en grillades. Prijs: 97 euro voor een
luxekamer, ontbijt 14 euro per persoon. Halfpension mogelijk.
Praktisch
Routes: een uitgestippelde vierdaagse autoroute Normandië kun je gratis downloaden op Reisroutes
Reisgids: 20 x logeren en genieten in Normandië, uitgeverij Lannoo.
Info: Normandie Tourisme - France Guide - Maisy Battery
(Bron: HLN.be)
Normandië

Vijf leuke uitstappen in Normandië
Le Pays d'Auge
De invasiestranden van Normandië zijn wereldberoemd, maar rijd ook eens het minder bekende binnenland in. Vijf plaatsen die de omweg meer dan waard zijn.
De tuin van Monet in Giverny
Oude herbergen in Rouen
De Ciderroute
Op antiekjacht in de Orne
Het museum van Dior in Granville
De tuin van Monet in GivernyHet mooie dorpje Giverny telt slechts 500 inwoners, maar jaarlijks komen er meer dan een half miljoen bezoekers. Dat is te danken aan schilder Claude Monet, die hier de laatste 40 jaar van zijn leven werkte en gek was op de prachtige tuin die hij gedeeltelijk zelf liet aanleggen. Er moest zelfs een rivier voor worden omgelegd. De bloemen, planten en waterpartijen inspireerden hem tot prachtig impressionistisch werk, onder meer het beroemde schilderij van de waterlelies. Het rozegroene huis dat je kan bezoeken, was de woning van de schilder. De vijver met de waterlelies ligt achteraan de tuin. Je bereikt die via een ondergrondse passage. Ook het bezoeken waard is het Musée des Impressionnismes. Om in de sfeer te blijven, kan je lunchen of iets drinken in het gewezen Hôtel Baudy.
Meer info: Giverny - Fondation Monet
Oude herbergen in Rouen
Rouen is een stad van 400.000 inwoners aan de Seine. De 12de-eeuwse Cathédrale Notre-Dame is een van de meest indrukwekkende bouwsels van Frankrijk. Het oude Rouen barst van de prachtige gebouwen en monumenten. Loop met je neus in de lucht en bewonder de gevels van de vakwerkhuizen in de Rue St-Romain, de Rue Martainville, de Rue Damiette en de Rue Eau-de-Robec.
Iets eten? La Couronne op de Place du Vieux-Marché is naar verluidt de oudste herberg van Frankrijk, uit 1345. Logeren kan in Le Clos Jouvenet. Catherine en Baudouin De Witte hebben er een mooi burgerhuis met vier elegante gastenkamers.
Meer info: Rouen Tourisme - La Couronne - Le Clos Jouvenet
Ciderroute in Pays d'Auge
Normandië staat bekend om zijn cider. Wie de 40 km lange toeristische Route du Cidre volgt in het karakteristieke Pays d'Auge, ten oosten van Caen, komt langs sfeervolle dorpjes zoals Beuvron en Auge, Bonnebosq en Beaufour Druval in het gebied rondom Cambremer. Wil je helemaal in de sfeer blijven, bestel dan een cidermenu in Château les Bruyères, in Cambremer. Je kan er ook logeren. Of in Aux Pommiers de Livaye, een B&B in Notre Dame de Livaye die West-Vlaming Germain Lambert en zijn vrouw Marie Jo uitbaten.
Meer info: Calvados Huet - Château Les Bruyères - B&B
Op antiekjacht in de Orne
Het Normandische departement dat het verst van de kust ligt, is de Orne, een groene streek met indrukwekkende landerijen en boerderijen. Maar de Orne staat ook bekend om zijn vele antiekwinkeltjes en -markten. Liefhebbers van brocante moeten naar Mortagne-au-Perche, La Perrière of Bellême. In de buurt van winkel- en wandelstad Alençon bevindt zich een van de mooiste dorpjes van Frankrijk, St-Céneri-le-Gérei. Enkele van onze favoriete logeeradressen: Domaine de la Louveterie in Moutiers au Perche, La Maison d'Hector, een schattige B&B in St-Mard de Réno, en Hôtel des Tailles, een herenhuis in hartje Mortagne-au-Perche.
Meer info: Orne Tourisme - Saint-Céneri - La Maison d'Hector - Hôtel des Tailles - Domaine de la Louveterie
Het museum van Dior in Granville
De Mont-Saint-Michel is met 3,5 miljoen bezoekers een van de meest bezochte plekken van Frankrijk. Wil je het rustiger, rij dan door tot in Granville. De bekendste burger van dit stadje was modeontwerper Christian Dior, die hier geboren is. De roze villa van de familie werd een museum. Daarna is het niet ver meer naar Coutances, bekend om zijn kaas. Het stadje pronkt met zijn 11de- tot 13de-eeuwse kathedraal Notre-Dame. Eten kan in Le Mascaret in Blainville-sur-Mer, dat een combinatie biedt van sterrenrestaurant, wellness en gastenkamers.
(Bron: HLN.be)


