Naar de inhoud

Spanje e.a.landen;

LOU TEMS PASSO PASSO LOU BEN (DE TIJD GAAT VOORBIJ GENIET ER VAN)
akke.beakke.be

Spanje

Koopjesjacht: van uitverkoop tot rommelmarkt


 

 
Spanjaarden zijn normaal gesproken mensen die houden van ‘nieuw’. Ze kopen liever een nieuwbouwhuis dan een huis dat al door een ander bewoond is geweest en ook meubels, kleding en boeken behoren ongebruikt en nieuw te zijn. Een heel contrast dus met veel buitenlanders, die niets liever doen dan tweedehandsmarkten afstruinen en hopen dat ze tussen alle ‘rommel’ dat ene prachtige koopje vinden.
 
De huidige economische situatie heeft de hierboven geschetste situatie veranderd. Als men minder geld te besteden heeft, zal men zich moeten aanpassen en zo kan het zijn dat ook Spanjaarden tegenwoordig schoorvoetend een kijkje gaan nemen in een tweedehandswinkel en de stalletjes met gebruikte kleding op de weekmarkten een opvallende groei in populariteit doormaken. De altijd al populaire rommelmarkten die in het weekend onder meer in La Nucía, Jalón, Polop en Benidorm worden georganiseerd, trekken nu soms zo­veel publiek dat er bijvoorbeeld zondag op de toegangswegen naar het industrieterrein van La Nucía rond elf uur een lange file staat.Maar zoals gezegd, als de portemonnee het toelaat, heeft de Spanjaard nog altijd liever nieuw dan gebruikt en de uitverkoop die op de dag na Driekoningen begint, is van oudsher dé periode om kostbare noodzakelijke aankopen te doen, zoals nieuwe laarzen, een winterjas of huisraad. In de winteruitverkoop worden die producten namelijk met kortingen van vijftig tot wel zeventig procent aangeboden. Dit jaar is de uitverkoop in veel winkels zelfs al eerder begonnen. De wet die vastlegde dat de uitverkoop op 7 januari moest beginnen, is veranderd en dus besloten sommige winkeliers al eind december beginnen met fikse kortingen. Ze hoopten daarmee de mensen die hun kerstinkopen nog moesten doen over de streep te trekken of te profiteren van het feit dat veel mensen de cadeautjes voor Driekoningen nog moes­ten uitkiezen.Het is een stuk aangenamer winkelen nu de uitverkoop enigszins gespreid is. Vroeger kon u 7 januari en in eerste weekend na die datum rekenen op een lange rij voor pashokjes en kassa’s en de korting op een artikel moet wel heel hoog zijn, wil het waard zijn dat u een half uur moet wachten voor u het kunt afrekenen. Maar ook nu hopen de winkeliers dat de enorme kortingen de klant overhalen om toch de portemonnee te trekken om die lang uitgestelde aankoop te doen, zodat de winkeliers weer wat geld in de kassa krijgen en nieuwe collecties kunnen aanschaffen.Maar we gaan terug naar het tweedehands artikel, dat ook in januari populair blijft omdat het nu eenmaal een maand is dat mensen minder willen uitgeven, als gevolg van goede voornemens of omdat december toch weer duurder is uitgevallen dan was ge­pland. Op de weekmarkten die in elke plaats worden gehouden, is het heel opvallend dat er de laatste jaren steeds meer stallen bijkomen met tweedehands kleding. Niet iedereen is er echter op gesteld om te graaien in deze bergen kleding die op lange tafels worden neergegooid maar het blijft een feit dat men er voor heel weinig geld soms heel aardige of nuttige kledingstukken op de kop kan tikken.

 

Nog meer is dat het geval op de rastro’s of rommelmarkten die in de weekends worden gehouden. We hebben het al gehad over de rastro van La Nucía, die in het begin van het afgelopen jaar van het centrum van de plaats naar het industrieterrein verhuisde maar nog steeds elke zondagochtend veel publiek trekt. Het is één van de grootste rommelmarkten van de provincie en u kunt het zo gek niet bedenken, of het wordt er te koop aan geboden. Bovendien kunt u een bezoek aan deze rommelmarkt combineren met de slechts één kilometer verderop gelegen rastro van Polop. Ook deze markt ligt op het industrieterrein en ze is zo mogelijk nog groter en interessanter, omdat er doorgaans meer stallen met echte tweedehands spullen staan en minder stallen met op toeristen gerichte en in China gefabriceerde nieuwe ‘rommel’. Beide markten samen tellen meer dan zeshonderd stalletjes.Persoonlijk vind ik de rastro van Jalón wat sfeervoller. Deze rommelmarkt wordt al sinds enkele decennia elke zaterdagochtend op de parkeerplaats van de lokale bodega gehouden. Tegenwoordig nemen de stalletjes ook de wijde omgeving van dit terrein in beslag en het marktgebied loopt zelfs door tot aan de weg langs de rivier. U vindt hier meer meubels dan in La Nucía en heeft er ook meer kans nog iets écht bijzonders op de kop te tikken.Vroeger was er op het industrieterrein van Teulada ook elke zondagmorgen een grote rommelmarkt. Deze werd een jaar of tien geleden naar het industrieterrein van Pedre­guer verplaatst waar de markt almaar groter werd. Enkele jaren geleden keerde er echter een kleinere markt terug in Teulada zodat er tegenwoordig op zondagochtend zowel in Pedreguer als in?Teulada rommelmarkten te bezoeken zijn.Een aparte rommelmarkt vindt u op donderdag, zaterdag- en zondagochtend naast El Cisne in Benidorm. El Cisne is een heel bijzonder, rond gebouw waar het hele jaar door vrij kostbare, antieke voorwerpen te koop aan worden geboden. Maar drie dagen per week worden naast die antieke voorwerpen ook goedkopere tweedehands spullen aangeboden op het terrein naast het ronde gebouw. De mensen komen van heinde en verre en het enorme parkeerterrein aan de Levante-entree van?Benidorm staat op zaterdag- en zondagochtend dan ook helemaal vol.In het zuiden van de provincie is vooral de rommelmarkt El Zoco in de gemeente Al­gorfa heel populair. De markt ligt namelijk dichtbij de urbanisatie Ciudad Quesada in Rojales en ook dichtbij urbanisaties inm Torrevieja en Los Montesinos. El Zoco trekt dus heel veel buitenlandse residenten en overwinteraars.Op alle genoemde markten kunt u terecht voor tweedehandskleding, maar ook voor tweede­hands­ meubels, servies, boeken, cd’s en video’s. En op de meeste van de markten is wel een stand te vinden van een goed doel zoals de kankerstichting of de lokale dierenbescherming, zodat het weinige geld dat u uitgeeft aan een boek of een leuk stel kopjes ook nog een goede bestemming krijgt. En over goede doelen gesproken: steeds vaker openen deze stichtingen tweedehandswinkels waar u ook doordeweeks terecht kunt voor originele cadeau­tjes en waar u zelf ook spullen kunt achterlaten die u niet meer gebruikt. Het voordeel van deze winkels ten opzichte van een (rommel)markt is dat de tweedehandskleding netjes op een hanger hangt en de boeken keurig op alfabet in de kast staan. Dat zoekt toch een stukje prettiger. En u steunt er ook nog een goed doel mee, zodat uw koopjesjacht een aardig neveneffect heeft.
 
Door: Bea Lutje Schipholt
 (Bron: Weekblad De Week)
Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Driekoningen in Spanje

Kinderfeest bij uitstek: Driekoningen


 

 
Waar in Nederland en België de kerstbomen en versieringen begin januari de kast weer ingaan, is de kerstperiode in Spanje nog niet voorbij.
 
Sterker nog, voor de kinderen moet de belangrijkste dag nog komen: Driekoningen. In de namiddag van 5 januari komende drie wijzen uit het oosten in alle steden en dorpen aan en even later worden de kinderen overladen met speelgoed.
 
Want ondanks het feit dat de gemiddelde Spaanse familie de laatste jaren minder te besteden heeft, wordt toch altijd wel een spaarcentje opzij gelegd om cadeautjes te kunnen kopen voor de kinderen. Kinderen zijn heel belangrijk in Spanje en de uit de Bijbel afkomstige gebeurtenis rondom de wijzen die uit het oosten kwamen, wordt aangegrepen om de kinderen eens flink te verwennen.Eigenlijk heeft het driekoningenfeest zoals de meeste Spaanse families dat vieren, veel raakvlakken met ons eigen Sin­ter­klaasfeest. Het wordt precies één maand later gevierd maar ook hier mogen de kinderen hun verlanglijstjes bekend maken en worden de goede gevers met een op­tocht verwelkomd. Vervolgens verzamelt de familie zich rond een grote mand met cadeautjes en is het uitpakken geblazen. Soms krijgen de kinderen zo veel pakjes dat ze het papier gehaast en bijna onverschillig van de cadeaus afscheu­ren, naarstig op zoek naar dat ene cadeau dat ze liever dan wat dan ook willen hebben. In veel gevallen is dat tegenwoordig een computerspel of zelfs een smartphone, want ook Spaanse ouders gaan met hun tijd mee en de tijd dat je een kind nog blij kon maken met lego of een boek, lijkt voorbij.
 
De gemeenten verzamelen in de dagen voor 5 januari via zogenaamde ‘Koninklijke postbodes’ de verlanglijstjes van de kinderen zodat de drie koningen bij aankomst al op de hoogte zijn van de wensen en het juiste cadeau kunnen uitdelen.
 
Het driekoningenfeest heeft zoals gezegd een Bijbelse oorsprong. In de Bijbel wordt gesproken over drie wijze mannen die uit het oosten kwamen. Ze gingen op zoek naar het pasgeboren kindje Jezus om deze ‘Messias’ cadeaus te geven. Ze volgden een heldere ster en vonden het kind uiteindelijk in een stal in Bethlehem. Ze gaven het kind goud, wierook en mirre.
 
Nergens in de Bijbel staat vermeld hoe de wijzen heetten en er wordt ook niet gezegd om hoeveel wijzen het ging. Maar omdat er in het Matteüs-evangelie gesproken werd van drie cadeaus werden al op de aller oudste christelijke afbeeldingen drie wijzen afgebeeld. Die drie mannen zagen er echter wel vrijwel hetzelfde uit, het onderscheid in uiterlijk kwam pas later.
 
In een zevende-eeuws geschrift dat wordt bewaard in de nationale bibliotheek van Parijs worden de wijzen voor de eerste keer bij naam genoemd en ook wordt hun uiterlijk beschreven: ‘Melchior, oud en met een lange baard, Kaspar, jong, blond en baardloos en Balthasar, zwart met een volle baard’. In latere afbeeldingen is dit onderscheid in uiterlijk vrijwel altijd terug te vinden, in elk geval is er altijd een zwarte man bij.

 

De wijzen hebben ook steeds mooiere keren aan en uiteindelijk worden ze vaak koningen genoemd.
 
Over de herkomst van de wijzen is niet veel bekend. Omdat in de Bijbel alleen ‘uit het Oosten’ staat, denken historici dat ze uit Babylonië of Perzië kwamen.
 
In Spanje werd in de zeventiende eeuw een manuscript geschreven dat de Auto de los Reyes heette. Het is een geschrift over het verhaal van de drie wijzen, geba­seerd op het evangelie van Matteüs. Verteld wordt hoe drie wijze mannen ieder afzonderlijk in een ver land een grote ster zagen. Zij volgden deze ster en ontmoetten elkaar. Samen reisden ze verder, op zoek naar de koning die zojuist geboren zou zijn, om hem cadeaus te geven. Aangekomen in Jeruzalem, zien ze de ster niet meer. Ze gaan naar de Romeinse heerser Herodes en vragen hem waar ze de pasgeboren koning kunnen vinden. Herodes weet het niet maar hij vraagt de wijzen wel of ze hem, als ze het kindje vinden, willen informeren zodat hij de nieuwe koning ook kan komen vereren. Herodes heeft van zijn eigen raadgevers gehoord dat er een Messias zou komen en hij is dus op zijn hoede. Het zeventiende-eeuwse geschrift, dat bewaard wordt in de Biblio­teca Nacional in Madrid, stopt hier.
 
Het verhaal van de drie koningen was al­tijd al geliefd in het katholieke Spanje maar het kreeg nieuw leven ingeblazen toen de Spaanse theoloog Gaspar Fernández de Ávila in de achttiende eeuw de Auto de los Reyes ge­bruikte als bron voor een gedicht van twaalf strofen. Het gedicht ging over de kindertijd van Jezus Christus en het werd heel populair in Spanje. Het is dit gedicht dat de aanleiding was tot de opvoe­ring van het Driekoningenverhaal in het dorpje Cañada in het binnenland van Alicante. Al sinds 1764 doet de hele be­volking van het dorp mee aan de opvoe­ring van het kerstverhaal: de geboorte van het kind in de stal en de komst van de wijzen. Sinds 1964, bij het 200-jarig be­staan van de opvoering, speelt men ook andere delen van het Bijbelverhaal, de vlucht van Jozef, María en Jezus naar Egypte en de kindermoord van Herodes.
 
Maar ook in veel andere plaatsen wordt het verhaal van de ontmoeting tussen de wijzen en het kindje Jezus opgevoerd. Vaak wordt er op 5 januari een levende kerststal op­gesteld op het plein voor het stadhuis en als de drie wijzen aankomen, eren zij de pasgeborene en overhandigen zij hun ge­schenken.
 
Het is erg leuk om een Driekoningenoptocht bij te wonen, vooral omdat deze in sommige gemeenten werkelijk spectaculair is. Zo is daar de aller oudste Driekoningenoptocht van Spanje, die plaatsvindt in Alcoy, of de enorm grote optochten van Elche en Ali­cante, die gepaard gaan met praalwagens. In sommige plaatsen komen de drie wijzen met de boot aan, hetgeen de associatie met Sinterklaas nog vergroot, in andere plaatsen arriveren ze met de trein of op een kameel. Ook heel bijzonder en sfeervol is de traditie in Elda, waar de bevolking met toortsen de achter Elda gelegen berg Bolón oploopt en zo de drie koningen, die in de schemering de berg afdalen naar het centrum, bijlicht.Maar het mooiste van alles is waarschijnlijk wel het observeren van de gezichten van de kleinste kinderen. Zij staan vol ontzag te kijken als de drie koningen op hun paarden of kamelen voorbij komen en ze verheugen zich zichtbaar op de snoep- en pakjesregen die komen gaat.
 
In de gezinnen vindt deze pakjesregen meestal op 6 januari plaats. Dat is immers een feestdag en dus verzamelt de hele fami­lie zich om eerst samen te eten en daarna, onder het genot van een roscón de reyes (banketstaaf met daarin verrassingen meegebakken), de berg met pakjes uit te pakken. En dit jaar hebben de kinderen extra lang de tijd om met hun nieuwe aanwinsten te spelen: meteen na Driekoningen volgt namelijk een weekend.
 
Door: Bea Lutje Schipholt

(Bron: De Week)
 
.

Reageer op dit bericht

Parijs in kerstsfeer

vorige | foto 1 van 36 | volgende

Parijs baadt in magische kerstsfeer

Parijs bewijst weer een keer dat ze dé lichtstad van de wereld is. De Franse hoofdstad verkeert helemaal in de kerstsfeer dankzij feeërieke verlichting en sfeervolle etalages. © reuters

Reageer op dit bericht

Londen in kerstsfeer

vorige | foto 1 van 43 | volgende

Londen is klaar voor Kerstmis

Londen is altijd sprookjesachtig mooi tijdens de kerstperiode. Ook dit jaar zet de Britse hoofdstad haar beste beentje voor met feeërieke verlichting en prachtig versierde etalages. We dompelen jou met plezier even onder in de Londense kerstsfeer. © getty

Reageer op dit bericht

Light festival in Amsterdam

vorige | foto 1 van 23 | volgende

Kunstwerken van licht tijdens Amsterdam Light Festival

Het Amsterdam Light Festival is begonnen. Burgemeester Eberhard van der Laan ontstak gisteren in de Hermitage de verlichting die de Nederlandse hoofdstad in deze donkere dagen zal opvrolijken. Monumenten en bruggen langs de Amstel, van de Munttoren tot het Amstel Hotel, worden tot 20 januari in de schijnwerpers gezet. © anp

Reageer op dit bericht

Bali voor iedereen

media_xll_5387716.jpg Bali: rijstvelden, tempels, water, en nog véél meer.

Bali: ooit een exclusief eiland voor de 'happy few', is de jongste decennia uitgegroeid tot een zeer toegankelijke bestemming die elk jaar miljoenen toeristen ontvangt. Het fabelachtige Indonesische eiland heeft voor elke reiziger wat te bieden.

media_l_5364874.jpg media_l_5364887.jpg Kuta en Legian hebben alles voor je veeleisende tiener: van waterpret tot McDonalds. media_l_5364888.jpg Balinezen zijn dol op kinderen. Deze minigoden krijgen overal de onverdeelde aandacht. media_l_5364889.jpg Van trendy boetiekhotels tot designvilla's: in Seminyak kun je je luxe-ei kwijt. media_l_5364891.jpg Seminyak is ook een shopping-walhalla: chique boetieks met Zara-prijzen. media_l_5364897.jpg Je kan ook rondfietsen. Ubud leent zich daartoe dankzij het nog landelijke karakter. media_l_5364879.jpg Laat je niet overtuigen tot massages in je all-inpakket. Die boek je gewoon zelf voor nog geen 5 euro per uur.

Budgetbewakers
Wie met een beperkt budget vertrekt, mag zich verheugen op best veel comfort. Zoals op andere Zuid-Oost-Aziatische bestemmingen kan je er spotgoedkoop slapen, eten, uitgaan en shoppen. De goedkoopste en populairste logies zijn de 'homestays': je logeert bij een gezin dat enkele kamertjes of gastenverblijven verhuurt. Vanaf 2,5 euro per nacht heb je al 'basic' onderdak met een gedeelde badkamer zonder warm water, airco of ontbijt. Met wat geluk, krijg je er een venster en lakens bij. De meeste Balinezen spreken Engels, dus onderhandel (hoe meer nachten je vooraf boekt, hoe voordeliger)!

Supereconomisch zijn de zogenaamde surf shacks in Uluwatu. Vooral studenten en surfers die langere tijd wensen te blijven, kiezen deze homestays omdat het de beste manier is om de Balinezen te leren kennen. Meestal zijn ze huiselijk en gezellig en niet zelden word je er behandeld als een (tijdelijk) lid van de familie. De jongste jaren zijn er ook die meer luxe aanbieden. Vanaf 20 euro per nacht heb je het comfort van een goed hotel, maar dan intiemer en zonder de drukte.

Op levendige plekken als Kuta en Legian zijn de homestays grotendeels verdrongen door grote hotels, maar hier kun je dan weer voor een prikje terecht in een herberg. Vanaf 3,5 euro heb je al een propere, eenvoudige kamer met simpel ontbijt. Voor het dubbele kun je een zwembad, warm water en airco verwachten. Helaas ook inbegrepen: de drukte van duizenden motorfietsen die zich door de smalle straatjes wurmen en het kabaal van het uitgaansvolkje.

Wie dat wil ontvluchten, kan vanuit Padang Bai, Benoa of Sanur de boot nemen naar Nusa Lembongan, een eilandje aan de zuidkust met nauwelijks verkeer. Slechts een handvol hotels kijken uit op verlaten, spierwitte stranden zoals Mushroom Bay, Sunset Beach en Dream Beach. Ideaal om in alle rust te zonnen, surfen, duiken of snorkelen. Zo was het leven hier 25 jaar geleden: een beetje luieren, naar de bootjes kijken, geen internet en elektriciteit die het geregeld laat afweten. Er zijn dagelijks overzetten vanaf 10 euro tussen Bali en Nusa Lembongan en je kan kiezen tussen slow en speed boat (duurder).

Lowcostfood
Voordelig eten kan in de ontelbare warungs. Die ontstonden in de 18de-eeuw uit de behoefte aan lokaal aangepast voedsel voor westerlingen in het door Nederland gekoloniseerde Indonesië. Je frisdrank kost er vaak meer dan je hele maaltijd: voor nauwelijks 1 euro geniet je van Nasi Campur (rijstgerecht) of Soto Ayam (kippensoep met noedels). Let op voor eetgelegenheden die zich Warung noemen maar 'echte' restaurants zijn, met een menukaart, airco en bediening aan tafel en een vijfvoud aanrekenen (maar nog steeds betaalbaar).

Om over het (ei)land te reizen, is er het goede en veilige Perama-busnetwerk dat de hoofdplaatsen verbindt. Wie de hitte en occasionele tropische bui wil trotseren, kan ook een fiets huren voor 0,5 euro per dag. Vooral in Ubud is dat populair. Het culturele en religieuze hart is door zijn landelijke karakter de enige plek waar je nog van het pure Bali kan genieten: uitgestrekte rijstvelden, veel (ambachtelijke) kunst, unieke tempels en omhuld door bossen en glooiende heuvels. Dat alles behoedt Ubud voorlopig voor grote resorts, hoewel er aan de rand wel een meersterrenhotel werd neergepoot - met een lift in een uitgehouwen rots!

Door de ligging op een dik uur van hoofdstad Denpasar wordt Ubud overspoeld door dagjestoeristen, maar de budgetreiziger blijft wat langer hangen in een van de homestays of budgethotels.

Sinds de bestseller Eat, Pray, Love en de gelijknamige Julia Roberts-film is Ubud ook een trekpleister voor eco- en new age-toeristen. Een hele subcultuur van biorestaurants, yogascholen, meditatieworkshops, holistische spa's en sjamanen hoopt hier een graantje mee te pikken.

Praktisch
Vluchten: tijdig boeken bij Cathay Pacific, Malaysian Airlines en Qatar Airlines voor goedkope vluchten vanaf 750 euro. Wie flexibele reisdata heeft, betaalt minder!

Logeren: 7 nachten in comfortabele homestay (met ventilator/airco en badkamer) in bijvoorbeeld Kuta: 85 euro per persoon. Wie genoeg heeft aan een bed in een basic kamer en gedeelde badkamer met koud water: vanaf 2,5 euro per nacht per persoon.

Totaalprijs:
± 850 euro per persoon.

Transport:
- Perema-tours boek je beter vooraf via de site of lokale kantoren: 5 euro (1,5 u.) of 7 euro met hoteltransfer.
- Publieke overzetboot: 4,5 euro (1,5 u.).
- Snelle boot: (1u. - snel volzet, dus dag vooraf reserveren): 18 euro enkel, 32 euro retour, inclusief oppikken aan hotel op populaire plaatsen als je voor twee personen boekt.
- Speedboot (30 min.): 20 euro zonder, 40 euro mét hoteltransfer.

Excursies: snel de helft goedkoper als je deze zelf organiseert en met bus, taxi of scooter reist.

Meer info: GoBali Travel


Gezinnen
Ondanks de lange afstand en vluchturen (15 uur inclusief tussenstop) is Bali een uitstekende reisbestemming voor gezinnen met kinderen. Om te beginnen is de Balinese cultuur erg kindvriendelijk: het gezin is het hoogste streefdoel in een mensenleven en een kind is zo heilig dat het pas op de honderdste levensdag met de voeten de aarde mag raken. Letterlijk!

Gezinnen worden er dan ook met open armen ontvangen en je zal snel merken dat in restaurants en hotels je kinderen de onverdeelde aandacht van het personeel krijgen.

Kant-en-klaarpakketreizen van grote touroperators besparen je een heleboel geregel: veel internationale hotels bieden all-in pakketten met animatie en opvang in meerdere talen.

Maar wie over stevige zenuwen en veel geduld beschikt, kan gerust zelf rondtrekken met zijn koters, want ook de 'homestays' en gastverblijven verwelkomen gezinnen met kinderen.

Mijd niettemin het kamikazeverkeer op de drukke plekken en trek naar de rustigere stranden als Sanur, Nusa Dua, Lovina of Benoa.

Tienerpret
Wie met veeleisende en snel verveelde tieners naar Bali trekt, kiest beter voor levendige plaatsen als Kuta en Legian: de twee meest bevolkte en dus drukste badplaatsen. Waterpretparken, McDonalds (levering tot aan je hoteldeur inbegrepen), KFC, Hard Rock Café, lunaparken en grote shoppingcentra gevuld met gadgets (namaak en echt): de moed zakt je als ouder misschien al in de schoenen, maar voor de meeste pubers is dit het idee van de ideale vakantie.

Watersport
Niet te vergeten: Bali is ook een surfparadijs, dus wie weet kan je je pubers overtuigen zich in te schrijven in een van de vele surfscholen langs het strand van Kuta, dat overloopt in Legian. Voor het geld moet je het niet laten: voor amper 10 euro boek je al een halve dag surfles met materiaal. Andere betaalbare waterpret: parasailing, kitesurfen en jetski. Tot slot telt Bali ook een aantal pretparken, zoals Waterbom en Kuta Green Park. Hier betaal je als toerist wel 50% meer toegangsgeld dan de lokale bevolking, maar dat is met een gemiddelde van 1,5 euro nog steeds een lachertje.

Praktisch
Vluchten: bij de meeste maatschappijen vliegen kinderen tot 2 jaar gratis op de schoot van de ouders. Kies voor comfort bijvoorbeeld bij Singapore Airlines (vanaf 900 euro per persoon) of rechtstreeks met KLM.

Logeren: standaardkamer met ontbijt in gezinshotel (bv. Peneeda View Resort in Sanur): ± 210 euro per persoon als de kinderen op de kamer slapen. Inbegrepen: luchthaventransfers en drie dagexcursies naar de belangrijkste bezienswaardigheden met chauffeur.

Totaalprijs: voor 2 volwassenen en 2 kinderen gratis (dus jonger dan 2 jaar): vanaf 2.220 euro.


Luxepaardjes
Hoewel zuidelijke badplaatsen als Nusa Dua en Sanur bekend staan voor hun internationale tophotels (prijskaartje: minstens 170 euro per nacht) die zich in één lange strook naast het strand hebben gevestigd, vind je met gemak luxe over heel het eiland. In Seminyak, een paar kilometer ten noorden van Kuta, vind je kleinere maar erg trendy boetiekhotels, stijlvol ingerichte restaurants en loungeclubs.

Het oord wordt druk bezocht door de expatgemeenschap van Bali en is the place to be voor hippe vogels, die ontbijten in tentjes zoals Cornerstone in de bekende Jalan Oberoi-straat.

Hier zijn ook de beste restaurants van het eiland gevestigd, en de twee grootste en bekendste clubs van het eiland: de legendarische KuDeTa en Potato Head. Dit is de habitat van de iets kapitaalkrachtigere toerist die met een cocktail van 7 euro (een fortuin in Bali) in de hand en loungemuziek op de achtergrond van de zonsondergang geniet. Potato Head Beach Club is zo mogelijk nog groter en spectaculairder en heeft naast drie restaurants ook een beach club met verlicht zwembad en sinds kort een eigen boetiekhotel.

Dure alcohol
Niet onbelangrijk: hoewel het zelf hindoeïstisch is, behoort Bali tot Indonesië, het grootste moslimland ter wereld. Het gevolg is dat de prijzen van geïmporteerde alcohol de pan uit swingen. Zo betaal je in betere restaurants al snel 50 euro voor de goedkoopste wijn.

Daartegenover staat dat elke fashionista in Seminyak haar hart kan ophalen in de talrijke, wederom westers gerunde boetieks. Peperduur naar Balinese normen, maar voor ons vergelijkbaar met ketens als Zara en Mango. Evenals op de drukste winkelplekken op Bali kan je ook hier een pak volledig op maat laten maken. Vanaf 100 euro heb je al een kostuum met twee hemden. Goed om weten: in Seminyak zijn de winkels open tot tien uur 's avonds, je hoeft er dus geen streepje daglicht voor te laten.

Designvilla's
Wie het écht breed wil laten hangen, kan in deze regio in de mooiste villa's logeren. Deze designparels, opgetrokken uit marmer en hoog ommuurd, zijn eigendom van steenrijke Chinezen en Japanners of Amerikaanse miljonairs en Saoedische oliebarons. Ze worden verhuurd via plaatselijke immokantoren of rechtstreeks van de eigenaar op websites zoals Booking.com en Asiarooms.com voor bedragen die oplopen tot 25.000 euro per week! Daarvoor krijg je wél een zwembad met poolboy, vijf badkamers, een tuinman, butler, schoonmaakster, kok, nanny, privé-security, een auto met chauffeur... Gelukkig zijn er ook villa's te huur voor meer schappelijke prijzen. Sommigen liggen midden in een rijstveld: ecologisch onverantwoord, maar het blijft een unieke ervaring!

Praktisch
Vluchten: Singapore Airlines (vertrek Brussel of Amsterdam) vanaf 900 eurp per persoon met tussenstop in Singapore. Rechtstreeks met KLM (Amsterdam-Bali) vanaf 995 euro.

Logeren: 3 nachten luxesuite in een vijfsterrenresort (zoals Komaneka Bisma in Ubud) gecombineerd met vier nachten in een exclusieve privévilla met zwembad (bijvoorbeeld The Balé): 1.260 euro per persoon (logies + ontbijt, transfer luchthaven-hotel, drie dagexcursies naar de belangrijkste bezienswaardigheden met gids en privéchauffeur). Vanaf 2.160 euro per persoon.


Pakketreizigers
Geen gedoe, lekker genieten en jezelf achterover in een aircobusje tot in alle hoeken van Bali laten brengen onder begeleiding van een Nederlandstalige gids: de meeste reizigers kiezen nog steeds voor een totaalpakket omdat je zo de toeristische bezienswaardigheden in alle comfort bezoekt en tegelijk geniet van de luxe en rust van de betere hotels. Zowat alle grote touroperators bieden pakketreizen naar Bali aan, al dan niet met excursiepakket, maar dé specialist terzake is GoBali (GoBali Travel).

Gezien het uitmuntende culinaire aanbod binnen elk budget mijd je beter all-informules en kies je voor halfpension. Wie over een iets hoger reisbudget beschikt, kan een reis op maat laten maken door een gespecialiseerd reisbureau met eventueel een auto met chauffeur. Ook fly & drive-formules zijn via de betere reisadviseur beschikbaar, maar gezien het hectische verkeer in Kuta en Denpasar rijd je beter niet zelf.

Wie houdt van wellness en massages kan voor belachelijk lage prijzen (vanaf 5 euro per uur voor een massage!) terecht in een van de talrijke massage- en schoonheidssalons. Laat je dus niet overhalen om dit tegen een meerprijs in je reispakket op te nemen.

Doe het zelf
Zelf reisagent spelen en je pakket samenstellen met vluchten en hotels via internet en met een goede reisgids bij de hand, is natuurlijk ook een optie. Wie het geduld heeft om een paar uur uur te surfen (bijvoorbeeld op booking.com en asiarooms. com, kan 10% besparen op de vlucht en soms tot 70% op overnachtingen! De hoogste korting krijg je bij nieuwe hotels of via 'deals'.

Op datzelfde internet kan je ook betaalbare huizen boeken, vaak verhuurd door westerlingen, al dan niet via gespecialiseerde immosites. Een beetje digitaal zoekwerk levert al snel een huis op voor 500 euro per week, zij het dan wel net buiten het hoogseizoen en de drukke plaatsen.

Om een vliegtuigticket te scoren voor een correcte prijs, negeer je beter de zoekmachines die beweren de goedkoopste vluchten van de maatschappijen te groeperen. De ervaring leert ons dat de sites van de vliegtuigmaatschappijen zelf gebruiksvriendelijker én goedkoper zijn.

Vluchten: vanaf 750 euro met Cathay Pacific (Amsterdam via Hong Kong), Qatar (Brussel via Doha) of Malaysian Airlines (Brussel via Amsterdam, Kuala Lumpur)

Praktisch
Logeren: vanaf 350 euro per persoon voor 7 nachten in middenklassehotel (bijvoorbeeld Ramada Benoa in Benoa), kamer met ontbijt. Inclusief drie dagexcursies met gids en transfer van en naar de luchthaven, maar zonder massages en spa's: vanaf 1.000 euro per persoon.


Shoppingtips van een insider
Bali is een winkelparadijs voor elke toerist. Belangrijk om te weten: behalve in de chique boetieks met vaste prijzen is afbieden een must.

Tip 1: Wacht met shoppen tot je wat kleur hebt. Balinezen schatten aan de hand van je huidskleur in hoelang je al in het land bent en of je dus nog veel of weinig geld hebt of de prijzen al kent.

Tip 2: Begin elke onderhandeling door de prijs te halveren.

Tip 3: Ochtendshoppen kan voordelig zijn. Bijgelovig als ze zijn, geloven Balinezen dat de eerste klant van de dag geluk brengt voor de rest van de dagverkoop. Kijk niet verbaasd op als de verkoper met het geld op zijn waren slaat; het is zijn manier om de goden te bedanken voor die eerste verkoop.

Tip 4: Op de markt communiceren marktkramers door middel van de kleur van de plastic tasjes waarin ze je aankoop opbergen. Elke kleur heeft een betekenis. Zo zegt een zwart zakje: "Dit is een goede onderhandelaar", zo weet de volgende verkoper hoe hij je moet aanpakken.

Tip 5: Ook al is het voor westerlingen vreemd om te onderhandelen bij het shoppen, bekijk het als een spel en blijf vriendelijk en rustig. Wie het hardst lacht, betaalt het minst! 

 

(Bron: HLN.be)
Reageer op dit bericht

De Midwinterhoorn (Oale Roop) klinkt weer

Het 'oehoehoe' van de midwinterhoorn klinkt weer als wolfgehuil over Twentse akkers.


  Hoe kun je  het klaaglijke geluid van demidwinterhoorn uitleggen? Het 'oehoehoe' van de anderhalve meterlange houten hoorn die in Twente en de Achterhoek op de eerstezondag van de Advent uit de put wordt gehaald om er 's avonds bijde schemering op te blazen.

Dit blazen gebeurt alleen in de adventstijd, verteltmidwinterhoornblazer Henk Steggink uit Rossum bij Oldenzaal.“Omdat de blazers de geboorte van het kerstkind aankondigen.“ Datis niet altijd zo geweest. De traditie gaat terug tot de Keltenen de Germanen. Midden in de donkerste periode van het jaar -vandaar de naam midwinterhoorn- joegen onze voorvaderen met hetsonore geluid de boze geesten van het erf en keerden zij dewinterse duisternis.

“En in tijden van oorlog gebruikten de Germanen de hoorn vanhet oerrund -de voorloper van de houten hoorn- alsintimidatiemiddel“, weet Steggink. Ten bewijze voert hij deRomeinse geschiedschrijver Tacitus op, die bij de beschrijvingvan de slag in het Teutoburgerwoud (9 na Chr.) van het'angstaanjagende geluid van de hoorns' rept. “De Romeinen noemdenons de Tubanti, wat hoornblazers betekent. Daar is later hetwoord Twente van afgeleid.“

Na de kerstening werd het Germaanse gebruik ingepast in hetchristelijk geloof en ging het niet meer om de komst van hetlicht maar van het Christuskind. Zeker is dat het karakteristiekeinstrument voor het eerst te zien is in een christelijke context,en wel in een illustratie bij psalm 150 die rond het jaar 800wordt gedateerd.

Traditiegetrouw speelt maar één blazer tegelijk. Vaak staande blazers in groepjes en reageert iemand van de ene groep op hetgeblaas van een ander. Maar prachtige melodieën hoeft deluisteraar niet te verwachten; het hoorngeschal kent weinigklankvariatie. Bij het bespelen van het instrument bolt debloazer zijn wangen en door steeds harder te blazen, bereikt hijde hoogste van de vijf tot zeven natuurtonen die de hoornvoortbrengt. Dan is de lucht op en komt hij weer terug bij degrondtoon.

Op dit traditionele patroon - 'n oald'n roop genoemd - wordthier en daar gevarieerd, al is dat bepaald niet naar ieders zin.Felle tegenstanders van de tierelantijnen zweren bij 'n oald'nroop. Ook Steggink geeft daar de voorkeur aan. “De oald'n roopklinkt als wolvengehuil en gaat door merg en been. Je moet welecht kracht zetten bij het blazen, maar dan hoor je het ook inde wijde omtrek.“

Hij wijst erop dat door dat krachtige geluid de midwinterhoornvan oudsher tevens een communicatiemiddel was van boeren, herdersen nomaden. In de 18de eeuw bijvoorbeeld, toen katholiekeerediensten niet werden getolereerd in Twente. Wanneer de Drostrondreed op zoek naar illegale misvieringen, waarschuwden dekatholieke boeren elkaar met de midwinterhoorn. En in deAchterhoek werd op de hoorn geblazen wanneer smokkelaars actiefwaren en de douane ze op het spoor dreigde te komen.

Het maken van een midwinterhoorn is handwerk. Overlangsdoorgesneden elzen-, wilgen- of berkenstammetjes worden uitgeholden weer aan elkaar geplakt. Oorspronkelijk legde men een rietenbies tussen de twee helften, waarna ze met wilgentwijgen ofbraamstengels werden vastgebonden. Vervolgens werd de hoorn inde put gelegd. Door het water zet de bies uit en blijven de tweehelften aan elkaar zitten. Steeds meer hoornmakers gebruikenechter moderne lijm. Ook Steggink, die -waarschijnlijk als enige-zelfs gekuipte hoorns maakt: hoorns vervaardigd uit houtenduigen, net zoals wijnvaten en biertonnen. “Dat is niks nieuws,vóór de oorlog gebeurde dat ook al. Het voordeel is dat je ergeen bomen voor hoeft te kappen, wat vaak illegaal gebeurt.Bovendien blazen ze makkelijker en beter.“

De hoorn kan niet gestemd worden. Daardoor is het mondstuk,gemaakt van eenjarig vlierhout, enorm belangrijk. Dit mondstuk,ook wel happe of spool genoemd, verschilt dan ook per persoon.

De eeuwenoude traditie van het hoornblazen is weerspringlevend. Aan het begin van de jaren vijftig van de vorigeeeuw was dat wel anders. De enkele hoorn die toen nog op deze ofgene boerderij aanwezig was, stond meestal doelloos naast de put.Met een wedstrijd tussen het handjevol nog praktiserende blazerskwam daar verandering in. Het enthousiasme groeide gestaag en menblies niet meer alleen boven een put, waarin de hoorn nat werdbewaard, maar ook vanaf kerktorens en tijdens kerstmarkten.

Dat laatste ging sommigen evenwel te ver, omdat het niets meermet 't old gebroek te maken had. Een jaarlijksemidwinterhoornwandeling maakte een einde aan het commerciëlegeblaas bij hotels en op markten. Dat was in 1984 en sindsdienwordt er elk jaar een wandeling georganiseerd, steeds door eenandere lokale vereniging. Duizenden wandelaars komen op hetevenement af. Lopend over de glooiende akkers van Twente (en ookin de Achterhoek is de traditie van het midwinterhoornblazen weertot bloei gekomen) luistert men naar het hoorngeschal datkilometers ver draagt. Vooral als het stevig vriest.

(Bron: Trouw)

Reageer op dit bericht

Rechtstreeks naar het hart van Schotland

media_xll_5216117.jpg Deze 13de-eeuwse burcht kwam voor in films als Highlander en The World is not Enough.

Sinds half oktober kan je niet alleen vanuit Charleroi rechtstreeks vliegen naar Edinburgh, maar ook vanuit Brussel. Daarmee wordt de Schotse hoofdstad dé uitvalsbasis voor een route die het mooiste bundelt van het noorden van het Verenigde Koninkrijk.

media_l_5217783.jpg Edinburgh media_l_5217786.jpg Isle of Skye media_l_5217826.jpg Strathisla Distillery

Boven Edinburgh, op een uitgedoofde vulkaan van 135 meter hoog, torent een van de pronkstukken van de stad: Edinburgh Castle. Een toegangsprijs van £16 (20 euro) is niet goedkoop, maar je krijgt zeker waar voor je geld. Zelfs met een oppervlakkig bezoek ben je uren zoet. Hoogtepunten zijn de koninklijke vertrekken, en in het bijzonder de Great Hall, waar feesten en ceremonies werden gehouden. Mis ook het grote kanon en de zaal met de Schotse kroonjuwelen niet. Die zijn ouder dan de Britse en je ziet er ook de Stone of Scone, de steen waarop de Schotse koningen werden gekroond. Daarnaast vind je er meerdere militaire musea en expo's, onder meer over de politieke gevangenen die in het kasteel verbleven. Bij een eerste bezoek is het niet evident om het overzicht te bewaren en daarom kun je beter voor een geleid bezoek opteren. Dat zit in de prijs inbegrepen.

Aan het kasteel begint ook de Royal Mile, een parelsnoer van historische gebouwen, fish- en chipsrestaurants, koffiebars en souvenirwinkels. Loop zeker even binnen in de de Saint Giles Cathedral, die bekend is om de kapel van de Orde van de Distel, de belangrijkste Schotse ridderorde. Verlaat ook af en toe de hoofdstraat om een van de vele 'closes', pittoreske steegjes, te ontdekken. De Royal Mile eindigt bij het Palace of Holyrood House, de officiële residentie van de koningin als ze Edinburgh bezoekt. Als het paleis niet in gebruik is, kan het worden bezocht. Koop bij voorkeur een combiticket (£15,10) met The Queen's Gallery, waar wisselende expo's uit de koninklijke kunstcollectie te zien zijn. Het paleispark is evenzeer een bezoek waard, omdat je er nog ruïnes vindt van de vroegere abdij.

Havenwijk
Met New Town en het hogergelegen Old Town telt Edinburgh twee stadsdelen die beschermd zijn als werelderfgoed, maar het is Old Town - met zijn levendige kasseistraatjes - dat het meest fascineert. De Grassmarket is een supergezellig pleintje waar eeuwenlang de wekelijkse markt werd gehouden. Tot in de jaren 80 vormden Grassmarket en het aangrenzende Victoria Street een verpauperde wijk, maar vandaag barst het van de trendy winkels, pubs en studentenhuizen. In het lager gelegen New Town moet je absoluut naar Charlotte Square afzakken, dat geheel omringd is door Victoriaanse gebouwen. Via Princes Street wandel je naar het Walter Scott Memorial, een Victoriaans monument opgedragen aan de schrijver van heldenverhalen als Ivanhoe en Rob Roy.

De havenwijk Leith, iets buiten het centrum, is in no time een van de levendigste stadsdelen geworden. Tussen de tientallen bars, pubs en restaurants is het moeilijk kiezen. The Honours is de brasserie van sterrenchef Martin Wishart, en The Ship on The Shore is misschien wel het beste visrestaurant van Schotland. Voor een gezellige pub-avond is The King's Wark, aan The Shore, nog steeds the place to be. Mis ook The Royal Yacht Britannia niet. Dit luxejacht werd tot in de jaren 90 gebruikt door de Queen en haar gevolg, en ligt sindsdien permanent aangemeerd in Leith als museumschip. Je kan het schip in eigen tempo bezoeken (£11,75) met een audiogids. Ook in het Nederlands!

Bruggen
Verlaat Edinburgh via de Forth Road Bridge: dan heb je een prima uitzicht op de eerste stalen brug ter wereld: de Forth Rail Bridge. Het duurde van 1883 tot 1890 om dit 2,5 kilometer lange gevaarte te bouwen. Op deze route krijg je ook de pracht van de Ochils te zien, met indrukwekkende valleien en vergezichten. Golfliefhebbers moeten halt houden in het wereldberoemde Gleneagles Hotel in Auchterarder, dat liefst vier golfterreinen telt. Het hotel beschikt zelfs over een eigen treinstation! Iets ten oosten ervan, in Scone Palace, werden meer dan veertig koningen gekroond, tot de kroningssteen in 1296 naar Londen werd vervoerd. We zijn vooral onder de indruk van de collectie ivoren voorwerpen en het porselein uit Sèvres. Opmerkelijk is ook de Grote Koninklijke Galerij, waar de koninklijke familie in ijsvrije tijden curling speelde. Die sport is overigens een Schotse 'uitvinding' uit de 16de eeuw.

Harry Potter
Daarna gaat het noordwaarts naar Pitlochry, waar de kleinste distilleerderij van Schotland staat te pronken in een lieflijk valleitje. Maar wat The Edradour écht de moeite maakt, is dat je er het productieproces kunt volgen. Slechts twee mannen brouwen er zo'n twaalf vaten whisky per week.

De volgende stop ligt een eind verderop. In Glenfinnan staat een monument voor de Highlanders die in 1745 ten strijde trokken tegen de Britten om de rooms-katholieke Stuarts weer op de Britse troon te brengen. De opstand draaide uit in een fiasco en als wraak werd het dragen van tartan, het spelen van de doedelzak en het spreken van Gaelic verboden in Schotland. Vanboven op het monument kijk je uit op een prachtig viaduct waarover een stoomtrein dendert. Liefhebbers herkennen meteen de Hogwarts Express van Harry Potter. Je kan het uurschema op voorhand raadplegen zodat je op het juiste moment ter plaatse bent om foto's te maken. In Mallaig vertrekt de ferry naar het Isle of Skye. Je kan best op voorhand via internet (Calmac Bookings) een overtocht boeken. De prijs is sterk afhankelijk van de gekozen datum en vertrekuur, maar reken op zeker £30 voor een auto met twee passagiers. Isle of Skye heeft als bijnaam 'eiland der nevelen' en je moet inderdaad veel geluk hebben om blauwe lucht te zien. Toch is het leuk om te toeren tussen heidevelden en veenderijen, en je te laten verrassen door de schapen die achteloos de weg oversteken.

We laten het eiland achter ons via de brug en belanden bij een 'highlight' van Schotland: Eilean Donan Castle in Kyle of Lochalsh. Die 13de-eeuwse burcht werd in het water gebouwd om Scandinavische piraten de toegang tot het meer te belemmeren. In 1719 werd het slot bijna volledig met de grond gelijkgemaakt toen Engelse aanvallers de kruitvoorraad lieten ontploffen. De ruïne werd vanaf 1913 heropgebouwd en nadien opengesteld voor het publiek (£6). De burcht is alleen te bereiken via een stenen brug en dankzij de prachtige ligging is het een van de meest gefotografeerde kastelen van Schotland. Filmfreaks herkennen het uit Highlander, Entrapment en de Bond-film The World Is Not Enough. Het interieur is hersteld in zijn middeleeuwse staat, maar gevuld met meubels uit begin 20ste eeuw.

Meer van Nessie
We verlaten de begane paden en rijden richting het water, waar we aangenaam verrast worden door enkele charmante dorpjes. Plockton, aan de oevers van het Loch Carron, is een schilderachtig stadje dat tal van schilders aantrekt vanwege de palmbomen die hier groeien. Volgens veel Schotten is het een van de mooiste dorpen langs de noordwestkust, mede te danken aan het gezellige jachthaventje. Wie in de buurt is, kan niet om een bezoek aan Loch Ness heen. Het meer is zeker niet het mooiste van Schotland, maar wel het meest mythische. Je kunt er een boottocht maken langs de ruïnes van Urquhart Castle, terwijl de kapitein weetjes spuit over Nessie.

De volgende halte brengt ons meer noordwaarts, in een regio die bekend is vanwege de Malt Whisky Trail. Maar voor het zover is, houden we even halt in Elgin voor de knappe 19de-eeuwse gebouwen. Bezoek ook de ruïnes van Elgin Cathedral, een gotische kathedraal die de Reformatie niet overleefde. Elgin heeft ook een bruisend nachtleven, met exotische restaurants en uitstekende foodpubs zoals Sunninghill Hotel en Bijou Café.

Maar dan is het whiskytijd! Stap je maar één distilleerderij binnen, kies dan de Strathisla Distillery in Keith, gebouwd in 1786 en de oudste nog actieve distilleerderij van Schotland. Hier wordt onder meer de wereldberoemde Chivas Regal gemaakt. Na de rondleiding volgt een proeverij van drie whisky's. Met een inkomprijs van amper £6 is dat een uitstekende prijs-kwaliteitsverhouding.

Onze laatste stop is Aberdeen, de derde grootste stad van Schotland. Een vrij onbekende buurt is Fitdee ('Footdee' staat op de bussen), een charmante visserswijk aan de monding van de Dee. Wat meteen opvalt, is dat alle huizen hier met de achterkant naar de zee staan. In het historische centrum doet Aberdeen haar naam van granietstad alle eer aan, want in de zon krijgt de natuursteen een zilveren glans. De vele parken en bloemen maken van Aberdeen een aangename stad om je reis af te sluiten.

Logeer in een kasteel
In Schotland leefden de clans lang op voet van oorlog. Daarvan getuigen de honderden kastelen in deze streek. Sommige zijn vervallen tot ruïnes, andere worden nog bewoond door de clans en nog andere zijn omgevormd tot hotel. Zo is er Aldourie Castle and Estate (Aldourie Castle), op de zuidoever van Loch Ness. Dit prachtige kasteel telt 15 luxekamers (hoge prijsklasse) en op het domein bevinden zich ook cottages voor wie langer wil blijven. Meer kastelen op Celtic Castles.

Praktisch
Erheen: Op 28 oktober start Brussels Airlines met rechtstreekse vluchten naar Edinburgh, zesmaal per week (heen en terug). Vanaf volgende zomer komen er zelfs twee vluchten per dag. Retourtickets vanaf 99 euro, taksen inbegrepen.

Wie niet opkijkt tegen een overstap in Londen, kan opteren voor British Airways of Cityjet. British Airways vliegt vanuit Londen naar Edinburgh en Aberdeen. Cityjet heeft vluchten vanuit London City naar Edinburgh en Dundee. Je vertrekt dan in Antwerpen, waar gratis parking is en je geniet van ultrakorte instaptijden.

Beste periode: Hou rekening met regen en/of bewolking in élk seizoen van het jaar. Herfst: 10-15 °C. - Klimaatinfo.

Rondreizen: Een huurwagen met verblijf in hotels onderweg kan je onder meer boeken bij Gallia of Buro Scanbrit. Een begeleide busrondreis kan je boeken bij VTB Reizen of de reisagent.

Munt: 1 pond = 1,26 euro

Meer info: Visit Scotland

Onze stops
Edinburgh-Auchterarder: 72 km
Auchterarder-Pitlochry: 60 km
Pitlochry-Mallaig: 184 km
Mallaig-Kyle of Lochalsh: 44,3 km
Kyle of Lochalsh-Plockton: 10 km
Plockton-Elgin: 179 km
Elgin-Keith: 27 km
Keith-Aberdeen: 78 km
Aberdeen-Edinburgh: 2

(Bron: HLN.be)

06 km

Reageer op dit bericht

Mooiste tuin van Frankrijk

media_xll_5189386.jpg

Voor het tweede jaar op rij ligt de mooiste tuin van Frankrijk vlak over de Belgische grens. Les Jardins de Séricourt werd benoemd tot Jardin de l'Année 2012. De tuin van vier hectare ligt in een beschutte vallei niet ver van Arras. De tuinen houden het midden tussen Engelse landschapstuinen en strakke Franse tuinen met bloemperken en gesnoeide hagen. Een bezoekje kost 9,50 euro.

Meer info: Les Jardins de Séricourt

(Bron: HLN.be) 

Reageer op dit bericht

Kerst in Amsterdam

vorige | foto 1 van 7 | volgende

Amsterdam klaar voor kerst

Op de Dam is het Turn on the Lights festival van start gegaan. De start van de feestmaand wordt met een lichtspektakel, optredens en vuurwerk gevierd. © anp

Reageer op dit bericht

IJssculpturen

vorige | foto 1 van 22 | volgende

Sculpturen van sneeuw en ijs

Het is nog geen winter, maar er ligt al volop ijs in het Belgische Brugge. Daar is op het op het stationsplein het jaarlijkse sneeuw en ijssculpturenfestival van start gegaan. Een ijskoude fascinerende wereld. Een warme stel handschoenen en dito muts kunnen geen kwaad als je de ijzige bouwwerken gaat bekijken. Om de sculpturen goed te houden is het op de expo zo'n 6 graden onder nul.

(Bron: AD)
Reageer op dit bericht

Spanje Costa Blanca

Aan de wandel met ‘de week’: het stuwmeer van Relleu


 

 
Het voormalige stuwmeer van Relleu is een verborgen en vrij onbekend plekje waar het door de absolute rust en het aparte landschap fijn wandelen is.
 
Bovendien ligt achter de oude stuwdam een spectaculaire kloof en kunt u, na een fik­se klim, ook genieten van schitterende uitzichten.
 
Praktische informatie
 
Duur: 1uur of 3,5 uur, twee opties
 
Moeilijkheidsgraad: Eenvoudig tot middel
 
Beginpunt: U kunt Relleu bereiken door vanaf de AP-70 de afslag Villajoyosa te nemen of van de N-332 de afslag Sella. U neemt de CV-770 richting Sella en slaat na het passeren van het dorp Orcheta linksaf richting?Relleu. Als u in El Campello of zui­delijker woont, kunt u ook ten noorden van El Campello de weg naar Aigües ne­men en na het passeren van deze plaats de prachtige A-181 naar Relleu nemen. In het eerste geval nadert u Relleu aan de zuidoostkant en aan de rand van het dorp slaat u schuin linksaf alsof u om het dorp heenrijdt. Na enkele honderden meters gaat er een weg scherp linksaf met een geel bordje ‘Pantano d’Amadorio’. Deze weg neemt u. Komende uit Aigües neemt u aan de rand van Relleu een weg scherp rechtsaf waar ‘Circunvalación’ staat. Deze volgt u tot u smalle asfaltweg bereikt die rechtsaf gaat en waar het genoemde gele bord staat. U volgt de smalle asfaltweg gedurende 2,5 km en ziet dat er net na een scherpe bocht naar rechts linksaf een grindweg afslaat. Op de hoek staat een informatiebordje. U slaat de grindweg in en parkeert aan de rechterkant van de weg. Tip: Omdat er veel gejaagd wordt, is het verstandig dit gebied tot 6 december niet op zondag te betreden.
 
Wandeling
 
U loopt het brede grindpad op en houdt rechts aan bij de V-splitsing die al snel volgt. U loopt langs een groepje loofbomen die hersft­kleuren hebben en merkt dat het pad door de regen van de afgelopen week op een paar plekken wat drassig is. U negeert een paar grindwegen die linksaf lopen en volgt het doorgaande pad. Links van u loopt de vroegere rivier. De aanwezigheid van water is merkbaar door rietpluimen in het landschap.
 
Na ruim tien minuten maakt het pad een bocht naar rechts en u komt in een bijzonder landschap. Als u goed om u heenkijkt zult u merken dat u in het voormalige stuwmeer loopt. Op de grond groeien nu lage planten waar een smal maar duidelijk zichtbaar pad doorheen voert. U houdt een beetje rechts aan en komt op een verhoging in het stuwmeer uit. Op een open plek slaat u linksaf en loopt naar de enige hoge boom die hier staat en buigt dan rechtsaf naar een smal rotspad. Aan uw linkerhand ziet u een huisje en een muur liggen.

 

Dit is de dam van het voormalige stuwmeer van Amadorio, een stuwmeer dat in de achttiende eeuw werd aangelegd maar halverwege de twintigste eeuw werd vervangen door het bij Villa­joyosa gelegen Amadorio-stuwmeer. Het rotspad splitst zich en u kiest de linkerarm en loopt over een rotsmuurtje in de richting van de dam. Vlak voor de dam daalt u af naar de bodem van het stuwmeer en u loopt naar de dam toe. U kunt onder een boog in de muur doorlopen en de dam aan de linkerkant be­klimmen, dat zijn slechts een paar stappen. Eenmaal boven krijgt u een grote verrassing, aan de andere kant ligt namelijk een indrukwekkende en heel diepe kloof. Hier kunt u zien dat de stuwdam dertig meter hoog is!
 
Als u dit fascinerende uitzicht een poosje hebt bewonderd, kunt u kiezen uit twee op­ties: u keert om en loopt door het stuwmeer weer terug naar de auto. Óf u knoopt er nog een wandeling van 2,5 uur aan vast, die niet moeilijk is maar wel behoorlijk steil omhoog gaat. De beloning is een schitterend uitzicht op de kust en de bergwereld.
 
In het laatste geval loopt u over de dam heen en neemt het pad dat hier door een struik heen loopt naar de traptreden die aan de rechterkant van de dam omhoog lopen. Beklim deze treden voorzichtig, ze bevinden zich niet alle in even goede staat en ze zijn steil.
 
Boven aangekomen ziet u dat er een smal paadje verder de heuvel oploopt. U volgt dit pad en moet even later een paar meter omlaag. Dit wordt vereenvoudigd door enkele in de rots uitgehouwen traptreden. Onze route gaat verder rechtsaf omhoog maar u kunt eerst nog een paar passen rechtdoorlopen om naar een tweede, veel kleinere dam te kijken die een zijtak van de kloof afsluit. De route gaat, zoals gezegd, verder omhoog en u loopt over de kam van de lage heuvel die hier naast het stuwmeer ligt en van waaraf nu u, terugkijkend, een prachtig uitzicht over het droge stuwmeer heeft. Na vijf minuten gaat het smalle rotspad over in een breder grindpad. Er volgt al snel een V-splitsing waar u het linkerpad kiest. Het pad gaat nu op en neer en maakt veel bochten. Het loopt door een mooi landschap met veel dennenbomen en rozemarijn. Het is ook een populair jachtgebied en als u goed oplet ziet u bij een stilstaand watertje tussen de rotsen enkele hekjes opgesteld die dienen om zich achter te verschuilen.
 
U passeert aan de linkerkant van de weg een oude, ronde put en even later nog een jacht­hut. Kort daarna passeert u weer een V-splitsing en opnieuw neemt u het linkerpad. Het pad gaat nu steeds steiler omhoog en na een vermoeiende klim van twintig minuten bereikt u een T-splitsing van grindwegen. U slaat hier linksaf en begint aan een nieuwe klim. Vergeet niet af en toe achterom te kij­ken en te genieten van het uitzicht op het dorp Relleu met haar (weliswaar minder fraaie) nieuwbouwwijken en vooral op de met dennen begroeide heuvels.
 
Het steilste stuk is tot het laatst bewaard en na opnieuw twintig minuten klimmen komt u op het hoogste punt. Op een open plek met een splitsing ligt de berg Puig Campana vlak voor u. U slaat linksaf en loopt nog tien mi­nuten over een glooiend pad dat over de bergkam Sierra de Pantano loopt. Aan het einde van dit pad heeft u een onvergetelijk uitzicht over de kust bij Villajoyosa, het stuwmeer Amadorio, Sella, de Puig Cam­pana en de Sierra de Aitana. De vermoeiende klim is zo toch de moeite waard geweest en het is een ideale plek voor een lange pauze.
 
U daalt via dezelfde weg weer af. Let bij de steile stukjes goed op want het grind kan zorgen voor gevaarlijke schuivers. Vlak voordat u de trappen bij het stuwmeer bereikt, kunt u ook schuin linksaf slaan en via een smal pad terugkeren naar het droge stuwmeer.?Op die manier vermijdt u de traptreden die in de diepte kijkend misschien een beetje eng zijn.
 
Door: Bea Lutje Schipholt

 

(Bron: Weekblad De Week)
Reageer op dit bericht

Meer van Spanje e.a.landen;

↑ Terug naar de berichten