me uit het hart gegrepen
Naar aanleiding van de installatie van het nieuwe kabinet schreef Dichter des Vaderlands Ramsey Nasr het gedicht 'Mijn nieuwe vaderland'.
Het uitgangspunt van ‘Mijn nieuwe vaderland’ vormt het lied ‘Wien neerlandsch bloed in d’aders vloeit’, dat tussen 1817 en 1932 ons volkslied was. De tekst werd geschreven door de dichter Hendrik Tollens.
Mijn nieuwe vaderland
van vreemde smetten vrij voor vaderland en schoft
wiens hart voor volk en orde gloeit ik eer de leiders van mijn land,
verhef uw zang als wij. hun vlekkeloos parcours
Vandaag zien wij weer één van zin leert mij wat macht vóór al verlangt
de vlaggen afgestoft. 't geweten van een hoer.
Ik eer mijn leiders hemelhoog gij die zo rein zijt, kerngezond
en ’t hoogst zit een fascist en zuiver op de graat.
die u en mij zolang gedoogt – wij smeken om een harde hand
zolang als hij beslist. in aangewreven haat.
Beschermt gij, leiders, onze grond Behoud voor 't lieve vaderland
waar vreemde adem gaat de blanke natiestaat.
Braakt uit, gij vrienden, vrij van zin laat zien hoe u dit land bemint
uw krop, uw kreet, uw gal. omhels het op zijn smalst,
Niets is taboe en niets te min Hoe klopt ons hart, hoe zwelt ons bloed
uw bagger minst van al. bij 't rijzen van dees'toon,
Verneder dus wat u niet zint Klonk ooit een zuiverder gemoed
sla stuk wat niet bevalt een leger hart zo schoon?
Waar hoorde men die koekoekszang Beaar het niet, verdelg het goed
voor volk en vaderland? zodat dit land ontluikt.
Dat was toen in het landsbelang Wie hier nog onze mildheid zoekt:
een heel volk werd verbrand. los op in brandend veen.
en van uw onderbuik. Zijn staat en burger één.
Wie neerlands bloed in d’aders vloeit
van vreemde smetten vrij
die fabel staat weer eens in bloei
in dwazen zoals wij.
Veel liever word ik door een volk
van hunnen aangerand
dan mee te gaan in deze kolk
van schoft en vaderland.











