
Alles bij mekaar genomen, was het eigenlijk
dit keer een heel rare gewaarwording, achteruit rijdend met de trein om op mijn
bestemming te komen. Ik zal een volgende reis moeten uitproberen of het toeval
was. Want
In dezelfde coupé zat een oude Chinees, zo
een die zich normaal schuil houdt achter het luikje van de afhaalchinees, een
boek te lezen. En hoewel het gekend is, is het toch vreemd van het Chinese lezen
getuige te zijn. Hij sloeg inderdaad bladzij na bladzij van achteren naar voren
om.
Schuin naast mij kwam een onverzorgde man
zitten, die al in kennelijke staat was, met nog twee halve litertjes bier bij
zich. Voor mij was het wel duidelijk dat deze man leed aan het
flipperhuigsyndroom. Hij was namelijk heel intensief bezig met het nat houden
van zijn huig, waarvoor hij in hoge frequentie slokken van zijn bier nam. Een
schouwspel wat erg deed denken aan het nat houden van een gestrande dolfijn,
waar de naam van deze ziekte van is afgeleid.
Nauwelijks een kwartier later waren beide
tinnetjes bier leeg en leek het verdrogen van zn huig alsnog te worden
ingezet. Dan man werd er beroerd van. Huigverschrompeling lijkt ook nog eens
gepaard te gaan met ongecontroleerde bewegingen. Want, bij het volgende station
had hij de grootste moeite om zonder te strompelen bij de deur te komen.
Tollend, bijna achteruit waggelend, zocht hij zijn weg naar buiten. Door de drukte op het perron was hij vrij snel uit
mijn gezichtsveld verdwenen.
Wat een reis, de een las zijn boek
achterstevoren, terwijl de ander nagenoeg achteruit de trein verliet. Neemt niet
weg dat ik vooruit blijf kijken.
|